Onderzoek 6. Voorjaar 2021. Credits Lauren Hillebrandt

Zelfde ideaal, andere keuze

Vechten tegen klimaatverandering of terrorisme bestrijden kan op allerlei manieren. De een kiest voor de route van diepgravend onderzoek, een ander zoekt het in de beïnvloeding van de publieke opinie, trekt met een protestbord naar het Malieveld of bewandelt de diplomatieke weg. Vier jongeren met een missie over de keuzes die zij maken.

Tekst: Edo Beerda, beeld: Lauren Hillebrandt

Wetenschapper en activist: bondgenoten tegen zeespiegelstijging

Door klimaatverandering stijgt de zeespiegel. Alle hens aan dek dus om het tij te keren in de laaggelegen Nederlandse delta. KNMI-poolonderzoeker Erwin Lambert doet dat door onderzoek aan de bron, Werner Schouten van de Jonge Klimaatbeweging promoot gedragsverandering.

Onderzoek 6. Zelfde ideaal, andere keuze. 1

Erwin Lambert ontwikkelt klimaatmodellen …

Erwin Lambert (33) vindt het complexe rekenwerk het mooiste aan zijn werk. ‘Ik hou van rekenen en ik hou ervan natuurkundige processen te grijpen in formules’, vertelt hij. ‘In de klimaatfysica kan ik dat ten dienste stellen van een actueel maatschappelijk probleem dat mij aan het hart gaat.’ En dat is natuurlijk mooi meegenomen. De onderzoeker van het KNMI ontwikkelt klimaatmodellen om nauwkeurig te berekenen hoe de ijskap bij Antarctica smelt. Zijn focus ligt op het afsmelten van de drijvende randen van het kolossale ijspakket. ‘In het project leggen we alle puzzelstukjes bij elkaar en proberen we te concluderen wat we de komende tweehonderd jaar kunnen verwachten qua zeespiegelstijging.’ Hij bekijkt ook of tijdelijke klimaatschommelingen een rol spelen.

Het idee dat we het tij niet meer kunnen keren, is beslist niet juist

Erwin Lambert

Dat klimaatverandering een ernstige en langdurige bedreiging is, lijdt volgens hem geen twijfel. Hij heeft ook wel eens meegelopen in een demonstratie. ‘De grote vraag is wát we er aan gaan doen. In Parijs is terecht vastgesteld dat we de ergste gevolgen kunnen voorkomen als we binnen de twee graden opwarming blijven. Afgelopen jaar hebben de grote economieën concrete beloften gedaan om deze doelstelling te halen. Daardoor ben ik optimistischer dan een paar jaar geleden.’ Naast ontkenning van klimaatverandering is zijn grootste zorg defaitisme: het idee dat we het tij niet meer kunnen keren. ‘Dat is namelijk beslist niet het geval.’ Als onderzoeker bij het KNMI zorgt hij ervoor dat de overheid over de benodigde kennis beschikt, maar hij houdt zich verre van politiek advies.

… terwijl Werner Schouten lobbyt voor zijn droomwereld

Politiek is precies waar Werner Schouten  (22), voorzitter van de Jonge Klimaatbeweging, zich wél mee bezighoudt. ‘Als we iets willen doen aan het broeikaseffect en de CO2-uitstoot echt naar nul willen krijgen in 2050, is er nú actie nodig’, zegt hij. ‘Mijn motivatie om via een maatschappelijke route in actie te komen, heeft te maken met rechtvaardigheidsgevoel. Mensen die het minst hebben bijgedragen aan de opwarming, ondervinden als eersten de gevolgen. Dat zijn bewoners van eilandstaatjes in de Derde Wereld, maar ook jongeren. Wij zijn de eerste generatie die ziet wat zeespiegelstijging aanricht, maar ook de laatste die er wat aan kan doen.’

Onderzoek geeft inzicht in de samenhang tussen recht en samenleving

Werner Schouten

De Jonge Klimaatbeweging verenigt de stem van meer dan vijftig jongerenorganisaties, is actief in politiek en bedrijfsleven en voert een actieve lobby. Campagnes sporen jongeren aan om klimaatbewust te leven. In september zat Schouten nog in het Catshuis om bij premier Rutte een actiever klimaatbeleid te bepleiten. Ook schuift hij geregeld aan bij de Sociaal-Economische Raad en de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Klimaatwetenschappers beschouwt hij als bondgenoten in de strijd. ‘Maar het gaat erom wat je doet met de feiten die boven water komen. Aangezien die nog onvoldoende neerdalen in de politiek en samenleving, moet je een keuze maken: accepteer de wereld zoals ze is of strijd voor de wereld waarvan je droomt.’


Touwtrekken tussen terrorismebestrijding en mensenrechten

Mensen die naar Syrië gaan om tegen Assad te vechten worden ‘terrorist’ genoemd, maar wat als iemand een paar tientjes naar ze overmaakt? Onderzoeker Tasniem Anwar houdt rechtszaken tegen het licht, Thalia Malmberg van Human Security Collective staat organisaties bij die slachtoffer worden van terrorismewetgeving.

Onderzoek 6. Zelfde ideaal, andere keuze.

Tasniem Anwar onderzoekt effecten van wetgeving …

Terrorisme heeft grote impact, maar wetgeving hiertegen kan ook raar uitpakken. Er zijn écht ouders voor de rechter gedaagd die hun afgereisde kind geld stuurden, zonder bewijs dat ze eigenlijk de ideologie wilden steunen. Menig hulporganisatie kan geen hulp bieden in crisisgebieden, omdat hun financiering wordt gedwarsboomd door strenge antiterrorismewetten. Maar daar is die wetgeving toch niet voor bedoeld? ‘De vraag is of dit soort consequenties maatschappelijk gewenst zijn’, zegt Tasniem Anwar (28). ‘Draag je zo werkelijk bij aan de bestrijding van terrorisme?’ De promovenda aan de Universiteit van Amsterdam onderzoekt specifiek de wetgeving rond terrorismefinanciering.

Het gaat erom wat je doet met de feiten die boven water komen

Tasniem Anwar

‘Dat geeft inzicht in de samenhang tussen recht en samenleving.’ Lang niet altijd is nauwkeurig gedefinieerd wat valt onder ‘terrorisme’ en wie een ‘terrorist’ is. Zou George Orwell nu veroordeeld worden, omdat hij zich in de Spaanse Burgeroorlog aansloot bij de communisten? Staat Samir A. terecht opnieuw voor de rechter, dit keer omdat hij naar eigen zeggen geld inzamelde voor Syrische vrouwen in nood? Toch heeft Anwar niet voor een maatschappelijke route gekozen. Het draait voor haar om het vaststellen van de feiten. ‘Wetenschap staat voor mij voor vrijheid. Ik kan me ergens volledig in verdiepen, alles uitpluizen, met een open blik. Mijn doel is daarbij niet om het te veranderen, maar om de maatschappelijke betekenis te duiden.’


… terwijl Thalia Malmberg het gesprek aangaat

Thalia Malmberg (28) wil juíst dingen veranderen. In dienst van de Haagse organisatie Human Security Collective (HSC) probeert zij partijen die te maken hebben met terrorismewetgeving met elkaar in gesprek te krijgen. Dat lukt aardig: recentelijk zette HSC een rondetafelconferentie op met de ministeries van Financiën en Buitenlandse Zaken, de Nederlandse Vereniging van Banken, banken en non-profit organisaties (npo’s). De aanslagen van 11 september 2001 ontketenden destijds een vloedgolf aan terrorismewetten.

Met de antiterrorismewetgeving is een te groot net uitgegooid

Thalia Malmberg

De Financial Action Task Force die de G7 ooit oprichtte om internationale witwaspraktijken te bestrijden, ging controleren wat landen deden om financiering van terrorisme te dwarsbomen. ‘Wie onvoldoende meedoet, krijgt te maken met een afwaardering van zijn financiële status’, vertelt Malmberg. ‘En dat heeft grote gevolgen voor het investeringsklimaat.’ Alle reden dus voor landen om streng te zijn. Het financieel afknijpen van mensenrechten- en hulporganisaties gebeurt niet alleen in dictatoriale regimes, ook westerse banken blokkeren rekeningen van npo’s uit angst op de vingers te worden getikt. Want juist npo’s zijn actief op plekken waar terrorisme voor problemen zorgt. Doet ze dit werk uit idealisme? ‘Jazeker. Door met HSC te bemiddelen tussen partijen, hopen we impact te hebben. Het frustreren van het werk van hulporganisaties zorgt niet voor minder terrorisme. Integendeel zelfs. Met de antiterrorismewetgeving is een te groot net uitgegooid.’