Achtergrond

In het programma Computational Life Sciences werken (bio)informatici, (bio)wiskundigen en levenswetenschappers samen.

Het programma Computational Life Sciences had subsidierondes in 2003, 2007 en 2008. De projecten uit de eerste ronde zijn gericht op het beschrijven van modellen van biologische deelsystemen, zoals een cel, orgaan of organisme. Projecten uit de laatste twee rondes zijn gericht op biologische netwerken: het ontwikkelen van vernieuwende (bio)informatica en (bio)wiskunde methoden voor het modelleren van biologische netwerken.

Modellen van biologische netwerken

De hoeveelheid biologische data neemt exponentieel toe. Zo komen er bijvoorbeeld steeds meer complete genoomsequenties beschikbaar. Deze schat aan gegevens maakt het mogelijk op een systematische manier genoombrede en genoomoverstijgende experimenten te ontwerpen, data te verzamelen en patronen te vinden. Hierdoor ontstaat meer inzicht in biologische netwerken.

De grote hoeveelheid dataverzamelingen en de toegenomen

kennis van cellulaire netwerken heeft geleid tot de ontwikkeling van bioinformatica-methoden. Hiermee kunnen onderzoekers de dataverzamelingen vanuit een biologisch perspectief doorzoeken en analyseren (data mining).

Verdere ontwikkeling is nodig in de integratie van de dataverzamelingen met analysemethoden uit (bio)informatica en (bio)wiskunde. Dit levert nieuwe inzichten op in de structuur en werking van biologische netwerken. Deze kennis maakt het vervolgens mogelijk de dynamica van biologische netwerken te bestuderen, op verschillende tijdschalen (van picoseconden tot evolutionair) en ruimteschalen (van moleculair tot organisme).

Looptijd tot 2014

Computational Life Sciences liep tot 2014.

Geen aanvragen meer mogelijk

Er kunnen geen subsidieaanvragen meer worden ingediend voor dit programma. Voor de eerste ronde was 5,5 miljoen euro beschikbaar; financiers waren NWO, stichting Nationale Computerfaciliteiten (NCF) en ZonMW. De laatste twee rondes hadden een gezamenlijk budget van 4,8 miljoen euro; financiers waren NWO, NCF, het Netherlands Bioinformatics Centre (NBIC) en het Netherlands Genomics Initiative (NGI).