Computer helpt kiezers hun stem te bepalen

Welke effecten hebben digitale stemhulpen op politieke kennis en stemgedrag?

Digitale stemhulpen helpen kiezers bij het bepalen van de partij waar ze op willen stemmen. Wat is precies de rol van stemhulpen en op welke manier beïnvloeden ze de kennis van kiezers en de opkomst?

Computer helpt kiezers hun stem te bepalen

Steeds meer kiezers gebruiken in verkiezingstijd een digitale stemhulp zoals StemWijzer of Kieskompas bij het bepalen op welke partij ze willen stemmen. Gebruikers van zo’n stemhulp geven aan in welke mate ze het eens zijn met stellingen over actuele politieke kwesties. De meningen van de kiezer worden vervolgens naast de standpunten van partijen gelegd en op die manier komt er een persoonlijk stemadvies tot stand. Naast het geven van stemadvies, hebben de stemhulpen ook als doel om de kennis van en de interesse in de politiek bij burgers te vergroten. Meer kennis blijkt samen te hangen met een grotere motivatie om te gaan stemmen en een hogere opkomst.

Binnen het NWO-programma Begrijpelijke taal onderzoeken de Universiteit Utrecht en de Universiteit van Amsterdam* in hoeverre stemhulpen deze doelen verwezenlijken. De onderzoekers werken hierbij samen met Kieskompas, de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en de gemeenten Utrecht en Gouda. Sinds de aanvang van het project is de rol van stemhulpen tijdens drie verkiezingen onderzocht: de Tweede Kamer-verkiezingen van 2012, de gemeenteraadsverkiezingen van 2014 en de Europese verkiezingen van 2014.

Verschillende typen gebruikers

Tijdens de drie verkiezingen kregen gebruikers van Kieskompas een pop-up op het scherm met vragen over onder meer hun reden voor het stemhulpgebruik en persoonskenmerken. Met deze gegevens kon voor de Tweede Kamerverkiezingen van 2012 een onderscheid worden gemaakt tussen grofweg drie typen gebruikers van stemhulpen. Checkers (58% van de gebruikers) bekijken een stemhulp voor hun plezier. Doubters (10%) en seekers (32%) zijn echt op zoek naar informatie en naar een stemadvies. De doubters blijken erg cynisch over de politiek en de kans bestaat dat zij uiteindelijk niet stemmen. De stemhulpen lijken het grootste effect te hebben bij de seekers: zij hebben na het gebruik van de stemhulp het gevoel dat ze de politiek beter begrijpen en laten hun keuze meer door het advies bepalen dan de andere typen gebruikers. Seekers gebruiken de stemhulp vaak relatief kort voor de verkiezingen.

De stemhulpen lijken het grootste effect te hebben bij ‘zoekende’ kiezers.

De komende periode analyseren de onderzoekers óf en zo ja, in hoeverre de stemhulpen bij de drie verschillende verkiezingen dezelfde rol vervulden: zijn dezelfde gebruikersgroepen bij verschillende soorten verkiezingsgroepen te onderscheiden? En zijn de effecten op kennis en opkomst tussen verkiezingen vergelijkbaar?

Constructie van de stemhulp

Bij de gemeenteraadsverkiezingen van 2014 zijn vier deelonderzoeken uitgevoerd. Ten eerste zijn voorafgaand aan de verkiezingen interviews afgenomen met de lijsttrekkers van alle grote gemeentelijke partijen in Utrecht over de manier waarop ze zich voorbereiden op de constructie van de stemhulp. De partijen leveren input voor de stellingen en de stemhulpbouwer bepaalt welke stellingen uiteindelijk worden opgenomen. Nadat de stellingen zijn bepaald, positioneren de partijen zichzelf op basis van die stellingen. Kieskompas toetst de posities van de partijen aan partijprogramma's en andere officiële documenten.

Partijen blijken erg te verschillen in hun voorbereiding op de stemhulpconstructie: soms wordt er uitvoerig nagedacht over de inhoud en formulering van stellingen, soms hebben partijen wel ideeën over de inhoud van stellingen, of minstens over globale thema’s die aan de orde moeten komen, maar vinden ze de formulering ervan niet belangrijk.

Voorbeeld van een stelling uit Kieskompas Utrecht 2014Voorbeeld van een stelling uit Kieskompas Utrecht 2014

Variatie in vraagstelling en kopjes

In een ander deelonderzoek ontwikkelden de onderzoekers vier varianten van een stemhulp voor de gemeente Utrecht. Naast de standaardvariant waren er twee versies die verschilden in de formulering van de vraagstelling, die positief kon zijn (zoals in 'Het leefbaarheidsbudget moet worden gehandhaafd') of negatief ('Het leefbaarheidsbudget moet worden afgeschaft'). Verder waren er twee versies die verschilden in de insteek van de vragen via de formulering van de kopjes: de vraag over het leefbaarheidsbudget stond dan bijvoorbeeld in de ene versie onder een kopje 'economie' en in de andere onder 'sociaal beleid'.

 

Positief of negatief formuleren van de stelling beïnvloedt de antwoorden van kiezers, en dus het stemadvies.

Zo’n 38.500 gebruikers vulden de stemhulp in en kregen daarbij op basis van toeval één van de varianten toegewezen. De eerste analyses laten zien dat zowel de formulering van de vragen als de inhoud van de kopjes boven de vraag een effect hebben op de antwoorden van de kiezers, en dus ook op het stemadvies. De effecten van de vraagformulering zijn groter dan de effecten van de kopjes.

Hoe beïnvloeden stemhulpen politieke kennis en stemvoorkeur?

Een derde deelonderzoek richtte zich op mensen uit het burgerpanel van de gemeente Utrecht. Uit dit panel hebben 1.374 mensen vragen beantwoord over onderwerpen als politieke kennis en stemvoorkeur. Ook werd gevraagd of mensen een stemhulp gebruikt hadden. Van de mensen die dit niet gedaan hadden, werd aan de helft gevraagd om een link aan te klikken en bij Kieskompas de stemhulp in te vullen. Na de verkiezingen kreeg iedereen opnieuw een vragenlijst, met vragen over politieke kennis en stemkeuze. Met de resultaten zullen de onderzoekers een vergelijking maken tussen spontane stemhulpgebruikers, niet-stemhulpgebruikers en toegewezen stemhulpgebruikers. Daarbij wordt bijvoorbeeld gekeken naar de politieke kennis en naar de stemvoorkeur op de verschillende meetmomenten.

Niet vaak 'geen mening'

In een vierde deelonderzoek vulden ongeveer 80 mensen hardopdenkend een stemhulp in van Kieskompas of Stemwijzer. Zo kon onder andere onderzocht worden in hoeverre mensen de formuleringen begrijpen van de stellingen en het resultatenscherm. Een van de bevindingen uit dit onderzoek is dat stemhulpgebruikers niet vaak kiezen voor 'geen mening', zelfs als ze echt geen mening hebben over de kwestie die in de stelling aan de orde is. Ze kiezen in zo'n situatie voor een inhoudelijk antwoord ('neutraal'). Dit kan komen doordat ze liever niet voor 'geen mening' kiezen, maar ook bleken ze soms de knop 'geen mening' niet gezien te hebben.

En nu?

De komende periode staat in het teken van het analyseren van de grote hoeveelheid data die verzameld is tijdens de onderzoeken rondom de drie verkiezingen. Ook zal in het najaar van 2014 weer nieuw onderzoek worden gedaan tijdens de verkiezingen die in een aantal gemeenten plaatsvinden in verband met gemeentelijke herindelingen.

Wie op de hoogte wil blijven van alle publicaties en activiteiten kan kijken op de projectwebsite.

* Bregje Holleman, Naomi Kamoen (beiden Universiteit Utrecht), Jasper van de Pol en Claes de Vreese (beiden Universiteit van Amsterdam)