Differentiatie in de rekenles in het mbo

Samenvatting

In het mbo wordt sinds 2010 rekenen gegeven. De resultaten op de pilotexamens in 2012 en 2013 vielen tegen. Mede naar aanleiding hiervan zijn ROCs op zoek naar manieren om het rekenonderwijs te versterken opdat de resultaten verbeteren. Met name op het gebied van omgaan met verschillen tussen studenten (differentiatie) zijn er nog veel vragen. De mbo-populatie, ook binnen een klas, is wat betreft het rekenniveau zeer heterogeen. Dit vraagt van de rekendocent de vaardigheid in te spelen op verschillen tussen studenten. Rekenen wordt in het mbo meestal gegeven door docenten die hiervoor niet zijn opgeleid. Ze beschikken veelal niet over voldoende (vak)didactische bekwaamheden om in hun lessen effectief te differentiëren. De zwakke rekenaars op het mbo, die vaak ook motivatieproblemen hebben, ondervinden hiervan het grootste nadeel. In dit onderzoek staat de vraag centraal of het model van interne convergerende differentiatie, waarmee in het rekenonderwijs op de basisschool voor zwakke rekenaars de beste resultaten worden bereikt, ook voor rekendocenten in het mbo bruikbaar en effectief is. Omdat dit model vraagt om specifieke vakdidactische bekwaamheden, wordt aan dit onderzoek een scholingstraject gekoppeld. In dit traject ontwerpen en geven docenten lessen volgens het aan het mbo aangepaste model van convergerende differentiatie. Nagegaan wordt of hierdoor hun competentie om te differentieren toeneemt en of de resultaten van de studenten verbeteren. Het onderzoek wordt uitgevoerd door onderzoekers van de faculteit sociale wetenschappen van de Universiteit Utrecht samen met ROC Midden Nederland uit Utrecht en ROC Albeda college uit Rotterdam.

Output

Publieksinformatie

Kenmerken

Projectnummer

405-14-509

Hoofdaanvrager

Dr. E.H. Kroesbergen

Verbonden aan

Universiteit Utrecht, Faculteit Sociale Wetenschappen

Looptijd

01/06/2014 tot 31/12/2015