Op zoek naar het ‘traumaresistente brein’

Case

Op zoek naar het ‘traumaresistente brein’

Veni-laureaat Marloes Henckens onderzoekt hoe je mensen beter bestand kunt maken tegen traumatische ervaringen

Na een traumatische gebeurtenis ontwikkelt zo’n 15 procent van de mensen een posttraumatische stressstoornis. De oplossing voor dit probleem ligt bij de overige 85 procent, denkt Veni-laureaat Marloes Henckens.

Cognitief neurowetenschapper Marloes Henckens Beeld: Manon Bruininga

Flashbacks, slaapstoornissen en hevige schrikreacties: het is de dagelijkse realiteit voor mensen met een posttraumatische stressstoornis (PTSS). Het kan verwoestend uitwerken op het leven van soldaten die in oorlogssituaties hebben gewerkt. Maar ook slachtoffers van bijvoorbeeld een verkeersongeluk, verkrachting of mishandeling zijn vatbaar voor PTSS.

'Gek genoeg ontwikkelt ongeveer 85 procent van de mensen geen PTSS', zegt Marloes Henckens, postdoc cognitieve neurowetenschappen aan het Radboudumc. 'Terwijl ze toch aan hetzelfde trauma zijn blootgesteld als degenen die later wel PTSS ontwikkelen. Blijkbaar hebben die mensen een traumaresistent brein. Dat kan wel eens de sleutel zijn tot de bestrijding van PTSS.'

Henckens kreeg dit jaar een Veni-beurs toegekend. Hiermee gaat ze drie jaar de stoornis onderzoeken met behulp van laboratoriummuizen. Alle muizen krijgen elektrische schokjes. Net als bij mensen met een traumatische ervaring zal een klein deel daarvan blijvende gevolgen ondervinden. Ze zullen bijvoorbeeld sneller schrikken van harde geluiden en slechter slapen. Met MRI-scans vergelijkt Henckens de hersentjes van de dieren met en zonder stressstoornis.

‘PTSS zit niet zomaar tussen de oren’

In een later stadium zal Henckens de hersenactiviteit van de traumaresistente muizen ‘kopiëren’ naar het brein van de muizen die wel PTSS ontwikkelden. Daarvoor worden de hersenen van de muizen zo behandeld dat ze gevoelig worden voor licht. Door vervolgens specifieke hersencellen te belichten kunnen deze aan of juist uit worden gezet, net zolang totdat de hersenactiviteit gelijk is aan die van de traumaresistente muizen. Naar verwachting vertonen de getraumatiseerde dieren daarna minder symptomen van PTSS.

Henckens hoopt met haar onderzoek bij te dragen aan een betere behandeling. Want als wetenschappers in de toekomst het brein traumaresistent kunnen maken, voorkomt dat een heleboel ellende. Nu worden de symptomen vaak bestreden met antidepressiva, medicijnen die angst verminderen. Daar heeft minder dan de helft van de patiënten baat bij. Henckens: ‘PTSS zit niet zomaar tussen de oren. Het wordt veroorzaakt door aantoonbare hersenafwijkingen. Als we die naar onze hand zetten, kunnen we de ziekte bestrijden.’

Tekst: Merijn van Nuland
Beeld: Manon Bruininga

Dit artikel verscheen eerder in NWO-magazine Hypothese (oktober 2015)

Meer informatie