Onorthodoxe weg naar topwetenschap

Case

Onorthodoxe weg naar topwetenschap

Jenny Slatman pleit voor meer aandacht voor het lichaam binnen de gezondheidszorg

Filosofe Jenny Slatman mag dan wel begin dit jaar hoogleraar zijn geworden aan Tilburg University, desondanks (of misschien wel juist daardoor) is ze behept met een prettig relativeringsgevoel. ‘’n Megalomane discipline van ons hè, die filosofie. Wij houden ons met kolossale vragen bezig. Ik heb daarentegen geen investeringen nodig. Mijn duurste aanschaf? Was een voice recorder, voor m’n interviews, haha.’

Foto Jenny SlatmanJenny Slatman. Foto: privébezit

De benoeming tot hoogleraar begin dit jaar valt op zijn minst een ‘prestigieuze’ verworvenheid te noemen – de Vici van NWO van 1,5 miljoen euro die er een maand later achteraan kwam, bovenop de eerdere Vidi en Aspasiapremie, maakte het wetenschappelijke succes af. De bakkersdochter uit het Overijsselse Gramsbergen – de Saksische kruidkoek van Bakkerij Slatman bezit nog steeds regionale bekendheid – lacht er deemoedig bij. ‘Als je je zo veel mogelijk concentreert op de dingen die je echt belangrijk vindt en zo min mogelijk energie verliest aan bijzaken, dan kom je een heel eind. Dat zou mijn boodschap zijn.’

Aandacht voor het lichaam

In haar Vidi-project onderzocht Slatman hoe mensen omgaan met ongewilde veranderingen van het lichaam, zoals littekens na hoofd-, hals- en borstkanker. Daarbij ging het vooral om de vraag of en hoe zij zich met hun nieuwe uiterlijk kunnen identificeren. Slatman en haar aio’s voerden talloze gesprekken – vandaar die voice recorder – met patiënten die een borstoperatie (amputatie of borstsparend) hadden ondergaan en patiënten die gebruik maakten van gelaatsprotheses, zoals een neus of oor gemaakt van siliconen.

Met haar nieuwe Vici-project verschuift Slatman de aandacht van de gevolgen van kanker naar andere omvangrijke hedendaagse gezondheidsproblemen: somatisch onverklaarde lichamelijke klachten (SOLK), obesitas en depressie. Mind the body luidt de titel van Slatmans project. Een snaakse verwijzing naar het overkoepelende thema in de gedachtestroom van de filosoof: er moet meer aandacht komen voor het lichaam binnen de gezondheidszorg. In de gezondheidszorg houdt men vast aan een strikt dualisme tussen lichaam en geest: als de oorzaak van een kwaal niet in het lichaam te vinden is, gaat men al gauw over tot het zoeken naar een oorzaak in de psyché – een doodlopende weg, volgens Slatman.

‘Toen ik nog les gaf aan studenten medicijnen,’ vertelt Slatman op een herfstmiddag in Tilburg, met een waterig zonnetje dat het zowaar gelukt de werkruimte op te fleuren, ‘vroeg ik ze dikwijls: wat is volgens jullie de psyché of geest? Dan antwoordden ze steevast: ‘Alles wat niet somatisch is.’ Tja, daarmee kom je natuurlijk geen stap verder.’

Het lichaam-geestdualisme

Vrijdag 24 november houdt Jenny Slatman (1969) als hoogleraar Medical Humanities haar oratie: De geest voorbij: Geesteswetenschappelijke reflecties op gezondheidszorg. Hierin zal de fonkelnieuwe hoogleraar, met het nodige gevoel voor humor, betogen dat de gezondheidszorg niet vast moet lopen in de cul-de-sac van het ‘lichaam-geestdualisme’. Het denken in termen van ‘onze geest’ moet passé zijn; de geneeskunde moet een breder begrip van lichamelijkheid omarmen.

Wist u dat? 40 procent van de patiënten in de spreekkamer van de huisarts mankeren ‘somatisch onverklaarde lichamelijke klachten’ (SOLK): klachten die je fysiek voelt, maar waar geen klinische verklaring voor te geven is

Bij ‘somatisch onverklaarde lichamelijke klachten’ (SOLK) heb je klachten die je fysiek voelt, maar waar geen klinische verklaring voor te geven is. Het kan hier gaan om vermoeidheid, pijn, hoofdpijn, rugpijn, gewrichtsklachten, oorsuizen, duizeligheid en zo meer. Schrik niet, men schat dat 40 procent van de gevallen die de huisarts in zijn spreekkamer aantreft van deze aard zijn.

Slatman vindt dit fascinerend. ‘Volksstammen uit de sector beschouwen dit als herkenbaar. In de Vici-commissie, voor welke ik op interview moest om mijn voorstel te verdedigen, hadden toevallig veel artsen zitting en zij zaten driftig ja te knikken. Doordat het lichaam-geestdualisme zó sterk is in de geneeskunde, wordt voor dit soort ‘onverklaarde’ klachten verwezen naar psyché of geest; het zal wel tussen de oren zitten, zegt men dan vaak… Nou, volgens mij ligt het iets gecompliceerder.’

Zwart wit foto: René Descartes (ss)Foto: René Descartes (ss) Shutterstock

Cartesiaanse dualisme

Was Jenny Slatmans pad naar een carrière in de wetenschap in één rechte lijn geplaveid? Geenszins, gezien de onorthodoxe voorgeschiedenis. ‘Van de havo naar de hbo-opleiding fysiotherapie in Deventer,’ verhaalt de aimabele prof. ‘En ik heb me daarna inderdaad lang in de praktijk op het menselijk lichaam gestort! Fysiotherapie is echter een positivistische studie. Je krijgt anatomieboekjes onder je neus waarin staat: zó zitten we in elkaar. Nou, ik kwam er al snel achter dat het bij patiënten meestal helemaal niet zo in elkaar zit. Ik was ook nog erg jong én schuchter toen hè: mensen in mijn praktijk waren arbeidsongeschikt of zaten midden in een burn-out en kregen last van allerlei lichamelijke klachten. Dan dacht ik: jeetje, hier moet toch meer aan de hand zijn.’

Aan de Universiteit van Amsterdam begon Jenny Slatman een studie filosofie. Na het derde jaar kwam er een enorme gedrevenheid over haar, weet ze nog. Na het behalen van haar doctoraalexamen, met een 10 voor haar scriptie, kreeg ze een promotiebeurs. ‘Mijn proefschrift (cum laude -red.) behandelde Maurice Merleau-Ponty, een tijdgenoot van Jean-Paul Sartre. Deze Franse denker bestreed het ‘Cartesiaanse dualisme’, de gescheiden werelden van lichaam en geest, die tussen subject en object. Natuurlijk, schreef hij, het lichaam is een ‘object’ dat je kunt observeren en waaraan je iets kunt mankeren. Maar het is ook een subject! Je vormt door je ‘belichaamd-zijn’ het nulpunt voor alle handelingen en waarnemingen. Volgens Merleau-Ponty geeft niet een vermeende geest of onlichamelijke ratio betekenis aan ons leven en de wereld, maar doen we dat primair vanuit dat belichaamd-zijn.’

De anatomische les van Dr Nicolaes Tulp van Rembrandt.De anatomische les van Dr Nicolaes Tulp van Rembrandt: publiekstrekker in het Mauritshuis. Foto: Hollandse Hoogte / Fred Hoogervorst

Een tendens van vandaag de dag is om allerlei problemen, ook van de gezondheid, terug te leiden naar problemen in de hersenen. Immers, als ons lichaam een wonderlijk apparaat is, met het brein aan de knoppen, een complex systeem van cellen en vaten en neurologische verbindingen, dan kan een ziekte alleen een defect in die machine zijn.

Slatman lacht nog maar eens. ‘Vanuit een dergelijke opvatting gaat men ‘voorbij’ aan de geest, of wordt eigenlijk ‘geest’ vervangen door hersenen. Nogal een simplistisch idee, omdat het gegeven dat hersenen ‘belichaamd zijn’ totaal wordt genegeerd: dat zij op een bepaalde manier functioneren omdat ze in een bepaald lichaam verankerd zijn, en omdat ze hun input vanuit een bepaalde lichaam-omgevingsinteractie krijgen. Daar kun je als filosoof geen genoegen mee nemen. Toch is dit een behoorlijk dominante vorm van redeneren binnen de hedendaagse gezondheidszorg.’

À la Nicolaes Tulp

De naam van de zeventiende-eeuwse denker René Descartes viel niet per ongeluk. Hij was het die destijds succesvol betoogde dat lichaam en geest twee werelden behelsden. Het lichaam kon je opensnijden en binnenin kon je à la Nicolaes Tulp allerlei herstelwerkzaamheden uitvoeren. Daar had je geest niets mee te maken. Chirurgie, voordien eeuwenlang een soort kermisattractie die je als patiënt meestal niet overleefde, ontwikkelde zich razendsnel en werd een hit. 

Slatman: ‘We zijn nu drie eeuwen verder. Kijk naar de ongelofelijke ontwikkelingen op het gebied van transplantatie en reconstructie! Een succesverhaal. Het lichaam als object past daar prima in. Is zelfs in bepaalde zin wenselijk. Maar ook nu nog gaan we steeds van dit onderscheid uit, terwijl er een schier onstuitbare toestroom van patiënten is met klachten als obesitas, burn-out, depressie en ga zo maar door. In de klinische praktijk komt er meer kijken dan alleen een objectiverende blik op het lichaam.’

Rugpijn is voor een inactieve liefhebber van cryptogrammen heel iets anders dan voor een hobbytuinier
- Jenny Slatman

Bijna alles wat een gezond mens doet verloopt gedachteloos. Zitten, lopen, op je hoofd krabben, thee zetten… Slatman: ‘Ik bedenk iets en dan doe ik het? Welnee! Ik doe, ik handel, zónder nadenken. Heel fysieke acties. Juist mensen die last hebben van hun lijf merken dat hun leefwereld hinder ondervindt. Pijn in de rug kan voor een inactieve persoon die houdt van cryptogrammen heel iets anders zijn dan voor iemand die tuinieren als hobby heeft. Hebben we daar oog voor? Op deze en talloze andere vragen probeer ik antwoorden te vinden.’

Jenny Slatman is vooralsnog een tevreden mens. ‘Vici geeft me de mogelijkheid om interdisciplinair te werk te gaan, op het snijvlak van filosofie, antropologie en cultuurwetenschappen. Het is een bevestiging en een erkenning. Wat een expansiemogelijkheden heb ik tot mijn beschikking!’