Leerlingen presteren goed maar excelleren nauwelijks

Case

Leerlingen presteren goed maar excelleren nauwelijks

In vergelijking met andere landen telt Nederland weinig excellente leerlingen. Wel halen vrijwel alle Nederlandse leerlingen uit groep 6 minimaal het basisniveau op het gebied van leesvaardigheid, rekenen en natuuronderwijs. Dit blijkt uit recente metingen van twee internationaal uitgevoerde studies: TIMSS (Trends in International Mathematics and Science Study) en PIRLS (Progress in International Reading Literacy Study).

Wist u dat? Natuuronderwijs is de verzamelnaam voor de vakken biologie, natuur- en scheikunde en techniek

De PIRLS- en TIMSS-metingen brengen om de vier of vijf jaar in kaart hoe 9- en 10-jarige kinderen het er wereldwijd vanaf brengen in de vakken lezen, rekenen en natuuronderwijs. Bij leesvaardigheidtoets van PIRLS wordt getoetst of een leerling een zojuist gelezen tekst heeft begrepen en kan reproduceren. De TIMSS studie toetst het bestaande kennisniveau van leerlingen van de vakken biologie, natuur- en scheikunde en techniek (natuuronderwijs).

De resultaten van de Nederlandse leerlingen lieten de afgelopen jaren een lichte daling zien. Deze trend lijkt in 2011 tot stilstand gekomen. Voor rekenen en natuuronderwijs behaalt 99 procent van de Nederlandse leerlingen het laagste niveau. Het laagste leesvaardigheidniveau wordt door alle getoetste leerlingen gehaald. Nederland mag zichzelf feliciteren met deze uitkomsten. Dat niemand in ons basisonderwijs buiten de boot valt, is een unieke prestatie.

Weinig excellerende leerlingen

Deze unieke positie van Nederland heeft een keerzijde: er zijn ook weinig excellerende leerlingen. Slechts 3 tot 7 procent van de getoetste leerlingen haalt het hoogste niveau voor de verschillende vakgebieden. Deze percentages zijn in vergelijking met eerdere metingen alleen maar kleiner geworden. Ter vergelijking: in Engeland schitteren bij beide toetsen 18 procent van de leerlingen op het hoogste niveau.

Internationale ranglijst

Op de internationale ranglijst bezet Nederland nu de 12e plaats voor rekenen, de 13e voor lezen en de 14e voor natuuronderwijs. Vooral het verschil met de deelnemende Aziatische landen is groot. Zo staan leerlingen uit Singapore op de eerste plaats met rekenen, op de tweede plek met natuuronderwijs en vierde met lezen. Maar ook in vergelijking met andere Europese landen wordt Nederland voorbijgestreefd, bijvoorbeeld door Finland en België.

NWO Maatschappij en Gedragswetenschappen maakte de resultaten van de TIMSS- en PIRLS-studies in december 2012 tijdens een persconferentie bekend. Staatssecretaris Dekker van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap reageerde op deze resultaten in het NRC Handelsblad: 'Als je een van de rijkste landen ter wereld bent, moet je onderwijs hebben dat uit iedereen het beste haalt, op alle niveaus.' De staatssecretaris wil dit bereiken door te investeren in de kwaliteit van de leraar. 'Over vier jaar moet Nederland hoger op de ranglijst staan, daar mag u mij op afrekenen,' zei de staatssecretaris.

Kennisniveau leraren omhoog

Tijdens de presentatie van de resultaten door de onderzoekers op het ministerie, vroeg Sander Dekker hen wat Nederland kan leren van landen die hoog op de ranglijst staan. Prof. dr. Ludo Verhoeven, coördinator van het onderzoek naar lezen, adviseert meer te investeren in het kennisniveau van docenten. 'In Finland bijvoorbeeld, staan universitair geschoolde leerkrachten voor de klas in het basisonderwijs. Het is een immense opgave, maar als je een slag wilt maken, is dat de weg.' Volgens Verhoeven hoeven niet alle juffen en meesters een master op zak te hebben, maar hij pleit wel voor meer academische know how in het basisonderwijs.

Dr. Martina Meelissen wees de staatssecretaris erop dat het Nederlandse basisonderwijs heel weinig doet aan natuuronderwijs. Melissen: 'Nederland staat bijna onderaan als je kijkt naar de tijd die in het basisonderwijs aan deze vakken wordt besteed. Ik denk dat dit omhoog moet, zeker met het oog op het tekort aan technisch personeel de komende jaren. Docenten zouden bijvoorbeeld vaker proefjes kunnen doen met hun leerlingen. In andere landen gebeurt dat veel meer.'

In ons basisonderwijs wordt heel weinig gedaan aan natuuronderwijs
- Martina Meelissen

Verschillen jongens en meisjes

De onderzoekers keken ook naar de verschillen tussen jongens en meisjes. Meisjes blijken beter te lezen dan jongens, de jongens presteren beter in de exacte vakken. Ten opzichte van de vorige toetsing waren de verschillen kleiner geworden. De meisjes zijn er met rekenen meer op vooruit gegaan dan de jongens. Bij het lezen zijn de verschillen kleiner geworden omdat de meisjes minder goed zijn gaan presteren.

Internationale trendstudies

TIMSS en PIRLS zijn twee langlopende, internationale trendstudies naar ontwikkelingen in het onderwijsniveau in leesvaardigheid, rekenen en natuuronderwijs. In 2011 werden basisschoolleerlingen uit ruim 50 landen, waaronder Nederland, opnieuw getoetst. Ruim 7000 Nederlandse leerlingen van groep 6 werkten in 2011 aan de toetsen mee. Het Nederlandse deel van TIMSS wordt uitgevoerd door wetenschappers van de Universiteit Twente; het Nederlandse deel van PIRLS wordt gecoördineerd door de Radboud Universiteit Nijmegen, in samenwerking met het Expertisecentrum Nederlands.

PROO

In Nederland worden PIRLS en TIMSS gefinancierd door de Programmaraad voor het Onderwijsonderzoek van NWO (PROO). In 2012 is het programma Excellentie in het onderwijs van start gegaan. Hieruit moet onder meer duidelijk worden hoe docenten de beste leerlingen kunnen laten excelleren.