Keerzijde van VOC-verleden: vrouwen in de misdaad

Case

Keerzijde van VOC-verleden: vrouwen in de misdaad

Nergens in Europa was de criminaliteit onder vrouwen zo hoog als in Holland in de zeventiende en achttiende eeuw. Stadshistorica Manon van der Heijden stuitte op de keerzijde van ons VOC-verleden.

Lang werd ervan uitgegaan dat criminaliteit een mannenzaak is. Vrouwen zouden minder gelegenheid hebben of meer verantwoordelijkheidsgevoel. Maar wat zeggen de feiten? Hoogleraar vergelijkende stadsgeschiedenis Manon van der Heijden bestudeerde rechtbankverslagen uit de periode 1600 - 1800 en kwam tot een opzienbarende ontdekking; nergens in Europa was de criminaliteit onder vrouwen zo hoog als in de Lage Landen.

Vrouwendelicten

In de zeventiende en achttiende eeuw bestond soms de helft van de door de rechtbank veroordeelde criminelen uit vrouwen. In de Hollandse steden maar ook in een provinciestad als Zwolle. Dat aandeel lag daarvóór - voor zover bekend – lager en erna, sinds de negentiende eeuw, schommelt het rond de tien procent.

Van geweldsdelicten en verstoring van de openbare orde – meestal door een combinatie van drankmisbruik en geweld – was een derde van de aangeklaagden vrouw; een conflict loste je op met fysiek geweld, vrouwen evengoed als mannen. Maar ook voor waarzeggerij en bedelen kon je worden opgepakt.

Vrouwen pleegden bijna de helft (47%) van de vermogensdelicten: diefstal, afpersing of oplichting. Dienstmeiden kwamen soms in de verleiding wat van de schatten uit hun werkhuis in hun rokken te laten verdwijnen. Zoals de 23-jarige Jacoba uit Rotterdam, die daarvoor 10 jaar naar het tuchthuis moest en daarna werd verbannen uit de stad.

Zware zonde

 

Het hoogste aandeel hadden vrouwen in zedendelicten; 67 procent. Dit hoge cijfer is deels te verklaren doordat prostitutie strafbaar was, en wel de hoeren werden aangepakt maar de hoerenlopers het konden afkopen. Maar belangrijker was dat overspel en seks voor het huwelijk streng werden bestraft. 'Overspel tastte de heilige band tussen man en vrouw aan, iets dat zowel katholieken als gereformeerden als zware zonde zagen,' verklaart Van der Heijden. Ook daarbij heerste een dubbele moraal.

Onnatuurlijk

De meest ingrijpende straf, de doodstraf, werd met name uitgesproken in zaken die men onnatuurlijk – en daarmee onbegrijpelijk – vond, zoals kindermoord. De 23-jarige ongetrouwde Lijsbeth eindigt op het schavot nadat ze in paniek haar pasgeboren kind in de Maas had gegooid uit vrees voor schande.

Ook incest werd zeer zwaar bestraft, en niet alleen de dader; de 16-jarige Dirkje was jarenlang verkracht en mishandeld door haar stiefvader en zou daarvoor volgens de rechters de doodstraf moeten krijgen. 'Van verkrachting kon je vrijgesproken worden als je als vrouw kon aantonen dat je reputatie verder smetteloos was. Maar van bloedschande kon men zich niet voorstellen dat zoiets plaatsvond zonder dat beide partijen schuld hadden', zegt Van der Heijden.

Zeemansvrouwen

Waarom waren vrouwen bereid voor een avontuurtje zulke grote risico's te nemen? De trieste werkelijkheid achter het vele overspel is dat veel zeemansvrouwen er alleen voor kwamen te staan. De helft van de bemanning van de koopvaardij van de VOC en de WIC, de walvisvaart en de marine kwam nooit meer terug. 'Deze vrouwen hadden geen man meer maar waren ook geen weduwe.' Tenzij kon worden aangetoond dat de man was overleden, was een nieuwe relatie overspel. 'Een onmogelijke situatie, want het loon stopte wel na de verdwijning maar een officieel overlijdensbericht bleef uit.'

Naast hun kwetsbaarheid valt ook op hoe vastberaden, mobiel en zelfstandig deze vrouwen waren

Samenhang

Armoede en criminaliteit kwamen ook in andere Europese landen voor. Wat maakt dat Holland aan de leiding gaat in deze periode? 'Dat ligt aan een combinatie van factoren. De samenleving is sterk verstedelijkt, vrouwen nemen deel aan het arbeidsproces en dan is er nog de dubbele moraal ten aanzien van seksueel gedrag.' Uiteindelijk is het altijd armoede die de aanzet geeft, zoals in Leiden als de textielindustrie instort. Zodra na 1900 de sociale voorzieningen verbeteren, neemt de criminaliteit weer af.

'Om de cijfers te begrijpen, is kennis over de leefomstandigheden in die tijd nodig.' Daarom vergelijken Van der Heijden en haar onderzoeksgroep cijfers en achtergronden over urbanisatie, migratie, arbeid, armenzorg en zeevaart tussen meerdere Europese steden. 'Je moet het in samenhang zien.'

Meer informatie