Een agenda van vragen

Case

Een agenda van vragen

Nederland werkt aan het opstellen van een Nationale Wetenschapsagenda

De Nederlandse wetenschap behoort tot de internationale top. Om deze verder te versterken zijn strategische keuzes nodig en moeten partijen meer gaan samenwerken, stelden de minister en staatssecretaris van OCW, Jet Bussemaker en Sander Dekker, in de Wetenschapsvisie 2025, die eind vorig jaar werd gepresenteerd. Een gezamenlijk geformuleerde Nationale Wetenschapsagenda moet daaraan een belangrijke bijdrage leveren. Vorige maand werd het startschot gegeven voor de zoektocht naar de vragen die in deze agenda opgenomen moeten worden.

De Nationale Wetenschapsagenda (NWA) komt er, en snel ook. Ze wordt de komende acht maanden samengesteld door vragen voor onderzoek op te halen bij bedrijfsleven, maatschappelijke groepen en individuele burgers, en bij wetenschappers zelf. Dat proces verloopt langs drie lijnen: NWO, KNAW en VSNU coördineren het proces van Science for Science, VNO-NCW en MKB-Nederland nemen het voortouw in Science for Competitiveness. Voor de derde tak van de agenda, Science for Society, worden nog coördinatoren aangewezen.

Onontgonnen terrein

Alexander Rinnooy Kan en Beatrice de Graaf, die het voorzitterschap van de NWA delen, zijn enthousiast over deze aanpak vanwege het ‘vraaggestuurde en bottom-up’ karakter. Rinnooy Kan: ‘We begeven ons hiermee op onontgonnen terrein. We bieden unieke kansen aan wetenschappers en maatschappelijke partijen om met elkaar in gesprek te komen, terwijl wetenschappelijke jury's de kwaliteit van de vragen beoordelen. We verwachten dat de agenda een voedingsbodem zal zijn voor nieuwe samenwerkingsverbanden en kruisbestuiving.’

We verwachten dat de agenda een voedingsbodem zal zijn voor nieuwe samenwerkings- verbanden en kruisbestuiving
- Alexander Rinnooy Kan

Ook minister Bussemaker heeft hoge verwachtingen: ‘Het vermogen om samen te werken is een belangrijke kracht van Nederlandse onderzoekers en instellingen. Die kracht willen we met de Wetenschapsagenda optimaal benutten.’ De NWA moet ervoor zorgen dat door slimme samenwerking tussen alle verschillende partners het geheel meer is dan de som der delen, zegt ze. ‘Op die manier kan fundamenteel onderzoek excelleren, en samen met toegepast en praktijkgericht onderzoek een belangrijke bijdrage leveren aan de kwaliteit van ons leven, onze samenleving en onze economie.’

Wie een vraag heeft voor de agenda, kan deze op de website van de NWA indienen. Alle vragen worden – na een eerste selectie en clustering – verdeeld in ongeveer tien thema’s. Het plan is de agenda elke zeven jaar opnieuw te formuleren. Wat overigens niet betekent dat ze elke zeven jaar volledig wordt vernieuwd. De tijdshorizon van de vragen zal immers verschillend zijn; die kan uiteenlopen van een paar jaar tot een paar decennia.

Secretariaat bij NWO

Het secretariaat van de NWA is gehuisvest bij NWO. ‘Daarvoor is gekozen vanwege onze onafhankelijke en onpartijdige rol in het Nederlandse wetenschapsbestel’, zegt NWO-voorzitter Jos Engelen. Hij benadrukt dat NWO alleen een faciliterende rol vervult. ‘NWO bepaalt niet wat er in de agenda komt te staan. We zijn slechts één van de wetenschapsorganisaties die bij de totstandkoming van de NWA wordt betrokken.’

Het verbinden van alle partijen rondom de Nederlandse wetenschap zal van Nederland een coherenter en sterker wetenschapsland maken
- Jos Engelen, voorzitter NWO

Doordat de agenda het topsectorenbeleid, de profilering van universiteiten, verschillende nationale onderzoeksagenda’s en de agenda van Horizon 2020 met elkaar gaat verbinden, wordt ze volgens de NWA de ‘moeder aller onderzoeksagenda’s’. Die kan volgens staatssecretaris van OCW Sander Dekker bijdragen aan een sterkere profilering van de Nederlandse wetenschap. ‘En dat is belangrijk om een leidende rol te kunnen spelen binnen toonaangevende internationale samenwerkingsverbanden en daarmee aantrekkelijk te zijn voor talent en kennisintensieve bedrijvigheid’, aldus Dekker.

Geen totale regie

De NWA richt zich niet specifiek op valorisatie en het is ook niet de bedoeling om een allesomvattende onderzoeksagenda te presenteren, benadrukt mede-voorzitter van de NWA Beatrice de Graaf. ‘Wij beogen met de agenda geen totale regie. De grote doorbraken in de wetenschap zijn niet te voorspellen of te regisseren. Naast de agenda zal er, net zoals nu, ruimte zijn voor ongebonden en vrij onderzoek. Niet alles dat van belang is, kan en moet een plaats krijgen in de agenda.’

Onderzoekers die werken aan het verleggen van de grenzen van hun vakgebied en die hun onderzoek niet terugvinden in de NWA, moeten wel de ruimte houden om hun onderzoek te doen, zegt ook Jos Engelen. ‘De NWA moet belangrijke vragen en onderzoek aantrekken, maar niet verdringen.’ Wat dat laatste betreft is hij nieuwsgierig wat de brede consultatie van de NWA gaat opleveren. ‘Gaan er verrassende vragen naar voren komen, onderzoek waar tot nu toe niemand aan had gedacht?’

Dit artikel is eerder gepubliceerd in de Hypothese van april 2015.

Tekst: Malou van Hintum
Beeld: Monique van Zeijl

Meer informatie