Brug tussen wetenschap en markt

Case

Brug tussen wetenschap en markt

Take-off financiering ondersteunt academisch ondernemerschap

Waardevolle onderzoeksresultaten dreigen soms onbenut te blijven omdat kennis en innovaties lastig hun weg vinden naar de markt. Financiering is nodig om de kloof tussen het onderzoek en de markt te overbruggen. Het nieuwe programma Take-off overbrugt deze ‘funding gap’ in de vroege fase van een onderneming. Innovatieve ideeën ontvangen een lening voor een start-up, of financiering voor een haalbaarheidsstudie. De eerste aanvragen werden begin dit jaar toegekend: van natuurwetenschappelijke hightechprojecten tot initiatieven gebaseerd op psychologie en taalkunde.

‘Het begon als een soort grap’, vertelt Mathijs de Meijer, ‘ik was verhuisd naar een studentenkamer waar de verwarming het niet deed, en dus hield ik mijn laptop bij me in bed om het warm te houden.’ Het bracht de student technische informatica op een idee: zou je huizen kunnen verwarmen met de warmte van op volle toeren draaiende computers? ‘We wisten dat in datacentra zo’n veertig procent van het energiegebruik gaat zitten in koeling, dat zou je dan kunnen uitsparen. We hadden het over nerd-warmte.’

De verhuisgrap leidde tot de volstrekt serieuze start-up Nerdalize, die rekenende computers in woonhuizen plaatst. De computers doen tegelijkertijd dienst als verwarming. Dankzij een succesvolle crowdfundingcampagne, gevolgd door de recente toekenning van Take-off-financiering, begon het bedrijf in maart met het eerste pilotproject. ‘We hebben al betalende afnemers voor de rekenkracht van de computers’, zegt De Meijer. En ook aan huiseigenaren die zich willen warmen aan draaiende processoren is geen gebrek. ‘Er is zelfs een wachtlijst.’

Rekenkracht doneren

‘Die jongens kwamen bij mij langs om het over hun idee te hebben’, zegt Alexander Lazovik, onderzoeker web computing aan de Rijksuniversiteit Groningen, en partner van Nerdalize. ‘Eerst dacht ik: dit is geschift. Maar hoe meer ik erover nadacht, hoe meer ik dacht: dit is een superidee.’ 

Eerst dacht ik: dit is geschift. Maar hoe meer ik erover nadacht, hoe meer ik dacht: dit is een superidee.’
- Alexander Lazovik

Wel moest er nog stevig aan de techniek worden gesleuteld. Lazovik: ‘Je moet de vraag naar rekenkracht en verwarming zo goed mogelijk op elkaar afstemmen. Als er even niets te doen is, maar het is buiten wel koud, doneren we gratis rekenkracht aan wetenschappelijke doelen. Andersom moet er in de zomer, als de verwarming uit kan, ook gerekend worden. Dus hebben we een systeem ontwikkeld waarbij de warmte naar buiten afgevoerd wordt.’ Een ander probleem was de veiligheid: veel klanten rekenen aan bedrijfsgeheimen. Daarom worden de gegevens uitsluitend versleuteld verzonden en wissen de computers zichzelf zodra ze merken dat iemand ze probeert te openen.

Nerdalize gaat nu aan de slag om de innovatie uit te rollen. ‘Uiteindelijk kunnen ze tot vijftig procent onder de kosten van grote rekenkrachtverkopers als Amazon Cloud uitkomen’, schat Lazovik. ‘Dat komt doordat ze de energie twee keer gebruiken: om te rekenen én om te verwarmen. En je hoeft natuurlijk geen datacentrum te bouwen.’

Pijnloos injecteren

De micronaaldjes van MyLife technologies maken injecteren pijnloos en efficiënter. (foto: Mylife technologies)De micronaaldjes van MyLife technologies maken injecteren pijnloos en efficiënter. (foto: Mylife technologies)

Niet in een studentenkamer, maar in het lab werd het idee van een andere ontvanger van een Take-off-lening geboren: MyLife Technologies, een bedrijf met een fabricagetechnologie voor nanoporeuze micronaalden, om pijnloos en efficiënt medicijnen en vaccins te injecteren.

Micronaaldjes vormen op zichzelf al een bestaand vakgebied, vertelt mede-uitvinder en Chief Scientific Officer (CSO) Regina Luttge, onderzoeker aan de Universiteit Twente. Maar veel ontwerpen zijn gebaseerd op holle naaldjes, in combinatie met een reservoir. ‘Ons idee was om de naaldjes een sponsachtige gatenstructuur te geven. De holten dienen dan ook als reservoir, waar het middel uit loopt bij de eigenlijke injectie.’ In plaats van metaal, plastic of silicium gebruiken de Twentenaren een keramisch materiaal: aluminiumoxide. ‘Hetzelfde als waarvan wc-potten geproduceerd worden.’ De eerste reeks micronaaldjes is inmiddels gemaakt; 900 naaldjes van 0,2 millimeter op een oppervlak van 1 vierkante centimeter. Het ‘injecteren’ is niet pijnlijk, ervoer Luttge zelf. ‘Het voelt ongeveer alsof je een stukje schuurpapier op je huid drukt.’

Maar daarmee ben je er nog lang niet, als je de markt op wilt. ‘Ten eerste moet je klinische proeven doen. Eerst met proefdieren, later met mensen. Dat is erg duur, dus moet je een grote partij vinden om mee samen te werken. Daarnaast moet je voor het opzetten van een productielijn de productieprocessen betrouwbaarder, robuuster en goedkoper maken dan tijdens onderzoek mogelijk is.’ Een andere vraag is ook voor welke medicijnen de micronaaldjes het meest geschikt zouden zijn. Vaccins lijken een goede eerste optie. ‘Als je die vlak onder de huid injecteert, spreek je het immuunsysteem efficiënter aan.’

De recent ontvangen financiering maakt veel mogelijk, maar brengt ook extra uitdagingen met zich mee. Luttge: ‘Als alles goed gaat, zouden we over vijf jaar de eerste producten op de markt kunnen brengen. Het werk dat daarbij komt kijken vind ik heel leuk, maar de fundamentele vragen uit mijn vak blijven natuurlijk ook heel belangrijk. Bij het starten van een bedrijf komt zo veel kijken waar ik geen verstand van heb: octrooien beheren, businessmodellen doorrekenen. Je moet dus heel goed op je tijd letten, bij je kernexpertise blijven, en een goed team samenstellen’.

Dyslexie opsporen

Het project Eye12learn wil een test voor leesproblemen bij kinderen ontwikkelen. (foto: Shutterstock)Het project Eye12learn wil een test voor leesproblemen bij kinderen ontwikkelen

Naast startsubsidies verleent Take-off ook financiering voor haalbaarheidsstudies, bijvoorbeeld voor het bedrijf Eye12learn (spreek uit ‘I want to learn’), dat met hulp van eye trackers een test voor leesproblemen bij kinderen wil ontwikkelen. ‘Wij proberen leesproblemen te signaleren bij kinderen, die dan een uitgebreidere test moeten doen om te kijken of ze bijvoorbeeld dyslexie hebben’, zegt Linda de Leeuw. Zij ontwikkelde het idee tijdens haar promotietraject, samen met de Nijmeegse hoogleraar Ludo Verhoeven. Uit eerder onderzoek met eyetrackers, die volgen waar iemand naar kijkt, blijkt dat de manier waarop de ogen over de tekst bewegen, aanwijzingen kan geven voor leesproblemen. ‘We hebben nu een half jaar om te kijken of die test ook specifiek genoeg kan zijn voor praktische toepassing, en of er überhaupt een markt is voor zo’n product’, zegt De Leeuw.

Voorloper van Take-off

De NWO-brede financiering Take-off is de opvolger van de Valorisation Grants van STW. Sander den Hoedt, CEO van het Delftse DELMIC ontving in het verleden twee van deze beurzen. DELMIC ontwikkelde een combinatie van een optische en een elektronenmicroscoop. ‘Het was geen revolutionair idee, meer een slimme, en door niemand eerder gemaakte combinatie van bestaande technieken’, zegt Den Hoedt.

Het aanvankelijke plan was om een geavanceerdere optische microscoop in te bouwen, maar het allereenvoudigste ontwerp bleek al genoeg meerwaarde te bieden. ‘Ons eerste verkoopcontract tekenden we al toen we nog niet eens een volledig werkend prototype hadden. Dat zet de druk er wel op.’

Met de startsubsidies kon DELMIC de nodige investeringen doen, en inmiddels werken er vijftien mensen bij het bedrijf en wordt er voor dit jaar gemikt op tien verkochte exemplaren van ongeveer twee ton per stuk. Den Hoedt: ‘We hebben nu ook geavanceerdere accessoires ontwikkeld en een nieuwe, verbeterde versie van de originele microscoop gemaakt. Je stopt natuurlijk niet met ontwikkelen. Maar zeker als je uit het onderzoek komt, is het volgens mij belangrijk om vroeg te besluiten: dit gaat werken, dit gaan we maken. Mijn belangrijkste advies aan spin-offbedrijven zou dan ook zijn: stop met ontwikkelen, begin met verkopen.’  


Dit artikel is eerder gepubliceerd in de Hypothese van april 2015.

Tekst: Bruno van Wayenburg