Money Follows Cooperation

Wilt u internationale expertise inzetten in uw onderzoeksproject? NWO neemt via het principe van Money follows Cooperation (MfC) de grenzen weg en faciliteert hierdoor bottom-up internationale samenwerking in vrijwel al het door NWO gefinancierde onderzoek.

  • Doel

    Money follows Cooperation biedt de mogelijkheid om grotere wetenschappelijke of maatschappelijke impact te creëren voor onderzoeksprojecten, door expertise uit het buitenland in te zetten die in Nederland niet beschikbaar is.

  • Waarvoor

    De mogelijkheid voor Money follows Cooperation is geïmplementeerd als budgetmodule in vrijwel alle financieringsinstrumenten van NWO.

    Uitzonderingen:

    De Money follows Cooperation-module kan niet worden aangevraagd in het NWO Talentprogramma, (grootschalige) infrastructuur en bilaterale of multilaterale programma’s zoals in het Merian Fund, Science Diplomacy Fund en WOTRO-programma’s.

  • Budget en verantwoording

    Het aangevraagde budget binnen de Money follows Cooperation-budgetmodule mag tot vijftig procent van het totale aangevraagde budget bedragen. Via deze regeling kunnen geen additionele middelen worden aangevraagd. Wel biedt Money for Cooperation de mogelijkheid om opgevoerde kosten uit andere budgetmodules gedeeltelijk te besteden aan een buitenlandse kennisinstelling. De budgetlimiet verandert hierdoor niet.

    De hoofdaanvrager ontvangt de subsidie en is verantwoordelijk voor het overmaken van subsidiemiddelen aan de buitenlandse kennisinstelling van de mede-aanvrager en voor de financiële verantwoording van de besteding van het Money follows Cooperation-deel van de subsidie. Het wisselkoersrisico ligt bij de aanvrager(-s). Baten of lasten door wisselkoersen zijn derhalve niet subsidiabel.

  • Criteria

    Bij het indienen van een voorstel moet de hoofdaanvrager overtuigend aantonen dat de betreffende expertise niet in Nederland beschikbaar is (tenzij NWO met een MfC-overeenkomst heeft getekend met een zusterorganisatie in het land van de buitenlandse onderzoeker). De hoofdaanvrager legt dit ter beoordeling voor aan een beoordelingscommissie van NWO. NWO financiert bij een positieve beoordeling van het voorstel tevens de onderzoekers binnen het consortium die verbonden zijn aan buitenlandse kennisinstellingen.

    Om subsidie aan een bepaalde kennisinstelling te kunnen besteden moet een onderzoeker van die kennisinstelling altijd optreden als (mede)aanvrager. Deze buitenlandse samenwerkingspartner kan echter nooit hoofdaanvrager zijn.

    Nota bene: NWO verstrekt geen subsidie aan medeaanvragers in het buitenland die vallen onder (inter-) nationale sanctiewet- en regelgeving.

    Richtinggevend hiervoor is:

    De EU Sanctions map

  • Bilaterale overeenkomst

    NWO maakt met like-minded zusterorganisaties wederzijdse afspraken rond Money follows Cooperation. Er is bij deze afspraken altijd sprake van reciprociteit, waardoor Nederlandse onderzoekers ook in een internationaal consortium kunnen indienen bij de zusterorganisatie. In 2019 heeft NWO met de Research Council of Norway (RCN) een wederzijdse Money follows Cooperation-overeenkomst gesloten. Deze overeenkomst is ingegaan op 1 juli 2019. Op 1 juli 2020 ging er ook een wederzijdse overeenkomst in werking met SNSF uit Zwitserland. Bij het aanvragen van een Money follows Cooperation-module met een Noorse of Zwitserse medeaanvrager hoeft de aanvrager niet meer aan te tonen dat de expertise niet in Nederland aanwezig is. Bovendien kunnen Nederlandse onderzoekers in een Noors of Zwitsers consortium worden gefinancierd.

Veelgestelde vragen

  • Heeft de Brexit impact op Money follows Cooperation?

    Het vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie heeft geen gevolgen voor de Money follows Cooperation-regeling.

  • Is de NWO-subsidieregeling ook van toepassing op buitenlandse medeaanvragers?

    De buitenlandse kennisinstelling (waar de onderzoeker werkzaam is) dient aan alle in artikel 1.1, derde lid, van de NWO Subsidieregeling 2017 gestelde vereisten te voldoen, alsook aan eventuele aanvullende vereisten voor medeaanvragers in de Call for proposals, met uitzondering van het vereiste dat de (kennisinstelling waar de) medeaanvrager (werkzaam is) binnen het Koninkrijk der Nederlanden gevestigd dient te zijn.

  • Gelden de VSNU-tarieven ook voor buitenlandse mede-aanvragers?

    Nee, de Raad van Bestuur van NWO heeft gelet op artikel 1.4, vierde lid, van de NWO Subsidieregeling 2017, nadere regels vastgesteld op basis waarvan de tarieven voor de personele kosten van onderzoekers werkzaam aan de buitenlandse instelling worden bepaald. Voor het bepalen van deze tarieven hanteert NWO de volgende landen correctie coëfficiënten tabel. De Nederlandse VSNU-tarieven zijn daarbij het uitgangspunt en worden vervolgens opgehoogd of verlaagd met een percentage behorend bij het betreffend land.

    Download onderaan deze webpagina het document NWO Country Correction Coefficients (CCC)

  • Kan Money follows Cooperation met alle landen ter wereld worden aangevraagd?

    Nee, er zijn enkele uitzonderingen. NWO verstrekt geen subsidie aan medeaanvragers in het buitenland die vallen onder (inter-)nationale sanctiewet- en regelgeving.

    Richtinggevend hiervoor is

    EU Sanctions map

  • Wat verandert er voor onderzoekers als NWO een bilaterale Money follows Cooperation-overeenkomst heeft getekend met een zusterorganisatie in het buitenland?

    NWO maakt met like-minded zusterorganisaties wederzijdse afspraken te maken rond Money follows Cooperation. Er is bij deze afspraken altijd sprake van reciprociteit, waardoor Nederlandse onderzoekers ook in een internationaal consortium kunnen indienen bij de zusterorganisatie. In 2019 heeft NWO met de Research Council of Norway (RCN) een wederzijdse Money follows Cooperation-overeenkomst gesloten. Deze overeenkomst is ingegaan op 1 juli 2019. Op 1 juli 2020 ging er ook een wederzijdse overeenkomst in werking met SNSF uit Zwitserland. Bij het aanvragen van een Money follows Cooperation-module met een Noorse of Zwitserse medeaanvrager hoeft de aanvrager niet meer aan te tonen dat de expertise niet in Nederland aanwezig is. Bovendien kunnen Nederlandse onderzoekers in een Noors of Zwitsers consortium worden gefinancierd.

  • In sommige Europese landen is er sprake van een Co-Investigator Scheme, is dit hetzelfde als Money follows Cooperation?

    Ja. In Zwitserland en het Verenigd Koninkrijk komt men met name de term Co-Investigator Scheme tegen.

  • Wat is het verschil (voor aanvragers) tussen de module internationalisering en de module Money follows Cooperation?

    Het doel van de module Internationalisering is het stimuleren van internationale samenwerking. De aangevraagde bijdrage per module is maximaal 25.000 euro. Het totaal aangevraagde bedrag moet gespecificeerd zijn. Indien het maximumbedrag niet toereikend is voor het uitvoeren van het onderzoek kan, mits goed gemotiveerd in de aanvraag, daarvan afgeweken worden.

    Subsidiabel zijn:

    • reis- en verblijfskosten voor zover het om directe onderzoekskosten gaat voortvloeiende uit de internationale samenwerking en om additionele kosten die niet op een andere manier bijvoorbeeld uit de bench fee worden gedekt
    • reis – en verblijfskosten voor buitenlandse gastonderzoekers
    • kosten voor de organisatie van internationale workshops/symposia/wetenschappelijke bijeenkomsten
  • Wat is het verschil tussen Money follows Cooperation (MfC) en Money follows Researcher(MfR)?

    Via de Money follows Researcher-regeling kunnen onderzoekers die een aanstelling krijgen aan een andere kennisinstelling het restant van hun financiering meenemen. De regeling is gericht op het stimuleren van de mobiliteit van onderzoekers wereldwijd. Onderzoekers die in aanmerking willen komen voor de Money follows Researcher-regeling kunnen een verzoek bij NWO indienen.

    Criteria Money follows Researcher

  • Gaat NWO bijhouden hoe vaak de Money follows Cooperation-subsidie wordt aangevraagd?

    NWO gaat de impact van deze regeling monitoren. De Raad van Bestuur kan besluiten de voorwaarden van de regeling te herzien indien hier aanleiding voor is.

Contact

Heeft u vragen over de MfC module? Neem dan altijd eerst contact op met het call-secretariaat van de ronde of het instrument waarin u de module wilt gebruiken.

Kan uw vraag daar niet beantwoord worden, neemt u dan contact op met Sebastiaan den Bak, coördinator internationaal beleid via s.denbak@nwo.nl of +31 6 2059 3190.