NWO en de topsectoren

NWO neemt deel aan het topsectorenbeleid van de overheid, dat binnen negen sectoren samenwerking tussen bedrijven, onderzoekers en overheid stimuleert. NWO brengt de verschillende partijen bij elkaar om onderzoeksprogramma’s te ontwikkelen.

NWO draagt 275 miljoen euro per jaar bij aan de topsectoren waarvan ruim 100 miljoen euro in het kader van publiek-private samenwerking (PPS), waarbij wetenschappers en bedrijven samen onderzoeksprojecten opzetten en financieren. NWO selecteert te financieren onderzoeksprojecten via het systeem van competitie en volgens de bij NWO gebruikelijke kwaliteitsmaatstaven. Juist vanwege de relevantie van onderzoeksthema’s voor de samenleving is kennisbenutting een belangrijk aandachtsgebied binnen de topsectoren.


Oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken

NWO formuleert gezamenlijk met wetenschap en bedrijfsleven onderzoeksopgaven en verbindt deze aan oplossingen voor maatschappelijke vraagstukken. De onderwerpkeuze is veelal het resultaat van overleg tussen wetenschap en bedrijfsleven. Binnen alle topsectoren verdeelt NWO de middelen op basis van wetenschappelijke kwaliteit, en op basis van maatschappelijke relevantie. In het Kennis- en Innovatiecontract 2018-2019 bekrachtigen bedrijven, maatschappelijke instellingen, kennispartijen en overheden hun inzet op
de belangrijke innovatiethema’s voor de komende jaren. 

NWO verbindt de activiteiten binnen de topsectoren aan de Nationale Wetenschapsagenda en de internationale onderzoekagenda’s zoals de Grand Societal Challenges uit H2020. Daarbij zal meer worden ingezet op topsectordoorsnijdende programma's. Daarnaast gaat NWO het effect van de topsectoren in kaart brengen en meer mogelijkheden creëren voor lange termijnfinanciering.


NWO-bijdrage aan de topsectoren

De bijdrage van NWO voor de topsectoren bestaat uit drie pijlers.

  • PPS: publiek-private samenwerking. Gezamenlijke programmering, een private bijdrage is vereist.
  • PPP: publiek-private programmering. Gezamenlijke programmering, een private bijdrage is niet vereist.
  • Vrij onderzoek gericht op de topsectoren, waarbij verschillende NWO-instrumenten kunnen worden ingezet, bijvoorbeeld talentprogramma's.

Bovenop gerichte activiteiten zoals PPS-programma’s realiseert  NWO een belangrijk deel van haar bijdrage aan de onderzoeksagenda's van de topsectoren via investeringen in vrij onderzoek en talent. Instrumenten die hiervoor worden ingezet zijn talentprogramma’s zoals de Vernieuwingingsimpuls, de vrije FOM-programma’s  en TOP-subsidies.
Voor de inzet van NWO voor de topsectoren zijn ‘spelregels’ afgesproken.


Topsconsortia voor Kennis en Innovatie (TKI's)

Om te zorgen dat de gezamenlijke onderzoeksagenda binnen de topsectoren wordt uitgevoerd zijn Topconsortia voor Kennis en Innovatie (TKI’s) ingesteld. In een TKI werken partijen over de gehele kennisketen samen om excellent publiek-private samenwerking op het gebied van onderzoek en innovatie te bundelen en uit te voeren. NWO speelt als onderzoeksfinancier een belangrijke rol binnen de TKI´s. De invulling van de NWO-rol per TKI is afhankelijk van haar inhoudelijke en financiële betrokkenheid.


De Sociale Infrastructuur Agenda

Innovatie, zowel technologisch, beleidsmatig, economisch als sociaal, heeft een grotere kans van slagen wanneer onderliggende maatschappelijke uitdagingen effectief aangepakt worden. Daarom lanceerde NWO bij de start van het topsectorenbeleid de Sociale Infrastructuur Agenda (SIA). De Sociale Infrastructuur of ook wel Sociale Innovatie Agenda bundelt hoogwaardig multidisciplinair onderzoek voor de topsectoren en een veerkrachtig Nederland op relevante maatschappelijke thema's zoals human capital, slimme en efficiënte organisatievormen, duurzame businessmodellen en (digitale) veiligheid. De leidraad van de programma's in de SIA is transformatie en veerkracht.