Wetenschap door burgers voor burgers

NWO-voorzitter Stan Gielen

De kop is eraf! 2019 is begonnen. En voor NWO betekent dat dat we er onze schouders onder zetten om echt met de nieuwe NWO-strategie 2019-2022 aan de slag te gaan. Een belangrijk aspect daarin betreft de rol van NWO om wetenschap en samenleving met elkaar te verbinden.

Een van de prioriteiten voor het komend jaar is grote stappen zetten richting open science. Want NWO vindt dat onderzoeksresultaten die zijn betaald uit publieke middelen, voor iedereen vrij toegankelijk moeten zijn. De hele samenleving moet kunnen profiteren van de kennis die vergaard wordt, en, meer dan dat: wat zou het mooi zijn als ook de Nederlandse samenleving zelf mee kan doen met het onderzoek! Veel mensen  wíllen echt meer betrokken worden bij wat er speelt in hun omgeving. Dat blijkt onder andere uit hoe actief vrijwilligers zich inzetten voor bepaalde wetenschappelijke projecten. Burgerwetenschap heet dat, of bij velen bekender onder de Engelse vertaling ervan: Citizen Science.

Het is een ontwikkeling, die al lang geleden is ingezet en die steeds volwassener wordt. Ik weet nog dat ik jaren terug deze ontwikkeling al met veel belangstelling volgde. Als decaan van de bèta-faculteit van de Radboud Universiteit lag er elke maand een blad op mijn bureau vanuit de biologiehoek met informatie van Sovon (Vogelonderzoek) en Ravon (reptielenonderzoek). Daarin werden de resultaten gedeeld van wat tellingen van vogels, reptielen en vissen door vrijwilligers hadden opgeleverd.

En wat zien we nu?  In het weekend van 25-27 januari is een nieuwe Nationale Tuinvogeltelling gehouden. Dit initiatief bereikt sinds 2001 steeds meer vogeltellers. Het geeft ons een goed beeld van welke vogels onze tuinen in de winter gebruiken en welke vogelsoorten bedreigd zijn of verdwijnen.

Ook op andere gebieden worden burgers steeds vaker betrokken bij onderzoek, zoals het meten van fijnstof, de waterkwaliteit, patiënten die elkaar helpen onder supervisie van artsen of hoe gek Nederland is, een nationaal onderzoek naar de psychologische gesteldheid van Nederlanders. Aan veel van die resultaten kan ook direct een praktische toepassing gekoppeld worden. Denk aan de speciale pollennieuwsapp die hooikoortspatiënten elke dag op de hoogte houdt van pollen in de lucht. Een open applicatie waarin de gebruiker ook direct weer zijn eigen bevindingen kan delen, die in de App worden verwerkt.

Dat is toch prachtig? Dat samenspel tussen burger en wetenschapper. De onderzoeker heeft hulp nodig bij het verzamelen van data, maar kan ook juist geholpen zijn door vanuit een andere invalshoek naar het onderwerp te leren kijken. De vrijwilligers die meewerken aan onderzoeksprojecten doen dit op hun beurt vanuit hun eigen motivatie. Voor de een is dat liefde voor het onderwerp, voor de ander misschien juist vanuit bezorgdheid. Door mee te doen geven deze burgers hun betrokkenheid aan. Het is de wetenschapper die uiteindelijk erop let dat de verzamelde gegevens goed geïnterpreteerd en geanalyseerd worden en dat de juiste conclusies getrokken worden. Door die vervolgens weer te delen met diezelfde burgers, geef je hen feedback over het resultaat van hun bijdragen aan wetenschappelijk onderzoek en innovaties die daar - direct of indirect - uit voortkomen.

En dat is heel waardevol: voor burgers maar ook voor de acceptatie van het belang van wetenschap in onze samenleving. Want willen we de wetenschap en de samenleving met elkaar verbinden, dan is juist die positieve beleving ervan een belangrijke stap.