Wetenschappers buigen zich in consortia over windmolenparken in Noordzee

19 mei 2020

Binnen het NWA-programma Ecologie en Noordzee heeft NWO drie aanvragen toegekend van consortia van onderzoekers, bedrijven en maatschappelijke partners uit binnen- en buitenland. De samenwerkende partners gaan onderzoeken hoe verbetering mogelijk is in de interactie tussen ecologie en de fysieke aspecten van windparken op het Nederlandse deel van de Noordzee.

Ecologie en Noordzee

De drie projecten kunnen nu snel van start. Projectleiders zijn Johan van der Molen en Karline Soetaert (NIOZ - Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee) en Hans Slabbekoorn (Universiteit Leiden). In totaal nemen 18 kennisinstellingen, bedrijven en maatschappelijke partners deel.

De Noordzee wordt onder meer voor visserij, maritiem transport, waterzuivering, winning van olie, gas en zand, natuur en recreatie ingezet. De functie als energieleverancier is relatief nieuw. De toenemende schaalgrootte van energieproductie op zee zet extra druk op de balans tussen de verschillende functies. Om de voorziene opschaling van windenergie op zee zo duurzaam mogelijk te maken moeten negatieve ecologische effecten worden voorkomen of beperkt.

Er doen zich ook kansen voor om de ecologie juist te versterken of om ecologie in te zetten ten bate van andere ecosysteemdiensten op zee. De drie consortia gaan op verschillende manieren hun tanden zetten in deze vraagstukken. De onderzoeken zullen goed in kaart brengen wat de effecten van offshore windparken zijn. Er zullen naast fundamentele inzichten ook handvatten komen voor de governance van windmolenparkontwikkeling.

De Nationale Wetenschapsagenda (NWA) heeft in totaal 2,8 miljoen euro beschikbaar gesteld om in kennisketenbrede, interdisciplinaire consortia de vraagstukken aan te pakken. De basisfinanciering van dit onderzoek is afkomstig van de ministeries van Economische Zaken & Klimaat en van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit.

Gehonoreerde projecten

Effects of windfarms on the marine ecosystem, and implications for governance

De toekomstige windparken op de Noordzee, noodzakelijk voor onze energievoorziening, kunnen water, waterplanten en zeeleven beïnvloeden. We weten niet genoeg over zulke processen om deze windparken duurzaam te kunnen plannen. Wij gebruiken waarnemingen van duikers, satellietgegevens en computermodellen om regelgeving en planning voor de energietransitie te verbeteren.

Footprint: effects of offshore wind farms on sediments in the Coastal North Sea

Windmolenparken worden vaak gepland in gebieden die het beste omschreven worden als onderwaterzandgolven. Via veldcampagnes en modellen zullen we het effect van windmolens op zandgolven en het functioneren van het sediment onderzoeken. Uiteindelijk willen we beleidsmakers adviseren welke windmolenconfiguraties de minste ecologische impact genereren.

Hoor wie klopt daar: Vissen rondom windmolenparken op zee tijdens en na de bouw

APELAFICO gebruikt sonarbeelden om aanwezigheid en gedrag van pelagische vissen (dus niet langs de kust levend) vast te stellen rondom werkende windmolens en in een gevarenzone bij het heien van palen. We onderzoeken ook reacties op geluiden in bassins en op zee om een akoestische visverjager (Faunaguard) te verbeteren die vis uit die gevarenzones moet verjagen.


Nationale Wetenschapsagenda

In opdracht van het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW) financiert NWO sinds 2018 onderzoek in het kader van de Nationale Wetenschapsagenda (NWA). Het doel van het onderzoek in de NWA is een positieve, structurele bijdrage leveren aan de kennismaatschappij van morgen, door vandaag bruggen te slaan en met elkaar wetenschappelijke en maatschappelijke uitdagingen aan te gaan. Hier wordt onder andere invulling aan gegeven via thematische programmering in samenwerking met ministeries.

Het doel van de thematische NWA-programma’s, waarin wordt samengewerkt met ministeries, is om antwoorden te vinden op actuele maatschappelijke vragen.

Bron: NWO