Computer als collega

8 april 2020

Het Hybrid Intelligence programma kreeg twintig miljoen euro Zwaartekrachtpremie waarmee het team tien jaar fundamenteel onderzoek kan doen.

Foto: Frank van HarmelenFoto: Frank van Harmelen

Een computer als volwaardig wetenschapper, die samen met zijn menselijke collega’s een wetenschappelijk onderzoek uitvoert en er een artikel over schrijft. Dat is de stip op de horizon die een multidisciplinair team van onderzoekers afkomstig van zes Nederlandse universiteiten neer zetten.

'Binnen dit programma gaat het er uitdrukkelijk niet om dat we kunstmatige intelligentie willen ontwikkelen die mensen gaat vervangen. We willen juist de unieke talenten van mensen en die van kunstmatige intelligentie samenbrengen en elkaar laten versterken,' zegt programmaleider Frank van Harmelen van de Vrije Universiteit.

Complementair

Mensen en computers hebben complementaire sterktes en zwaktes, illustreert Van Harmelen met enkele voorbeelden. 'Wij mensen hebben bijvoorbeeld last van een confirmation bias. Je filtert uit wat je liever wel en niet hoort. Een computer is neutraal en kan daarvoor compenseren.' Mensen zijn dan weer veel beter in het onderscheiden welke informatie al dan niet relevant is. 'Een computer kan uit een literatuuronderzoek naar remedies tegen hoofdpijn concluderen dat witte pillen effectief zijn. Als mens weet je dat vrijwel alle pillen wit zijn, en dat die kleur er dus niet toe doet. Voor een computer is dat soort context nog lastig.' Daarnaast hebben computers in tegenstelling tot mensen perfecte geheugens, en geen enkele moeite met het analyseren van twintig dimensionale data. 'Door de kracht van patroonherkenning door computers aan te vullen met de brede achtergrondkennis  van mensen kun je snel tot relevante nieuwe inzichten komen.'

Een ander groot voordeel van mensen ten opzichte van de huidige computersystemen is dat wij ons kunnen inleven in het perspectief van anderen. 'Mensen zijn sociale dieren, die inzien wat het belang van hun gesprekspartner zou kunnen zijn. Als ik iets aan jou uitleg, bedenk ik eerst wat ik denk dat jij weet. En terwijl ik praat, bedenk jij wat ik denk dat jij wel of niet weet, om te kunnen begrijpen wat ik jou probeer duidelijk te maken. Mensen kunnen tot drie niveaus diep redeneren over hoe iemand anders redeneert, dat doen huidige kunstmatige intelligentieprogramma’s nog helemaal niet.'

Denken en rekenen

Binnen het Zwaartekrachtprogramma gaan de onderzoekers onder andere bestuderen hoe deze zogeheten Theory of Mind precies werkt, en of deze te implementeren is in kunstmatig intelligente systemen. 'De achterliggende ultieme basisvraag is of denken hetzelfde is als rekenen. Er is op dit moment geen enkele aanwijzing dat dat niet zo is,' zegt Van Harmelen. Dat betekent echter niet dat we binnenkort computers hebben die niet meer van mensen te onderscheiden zijn, benadrukt hij. 'Mijn studenten houd ik altijd het voorbeeld voor van vliegen. Vogels kunnen vliegen. Vliegtuigen ook. Maar wel op een heel andere manier. Vliegtuigen werden pas een succes toen we stopten met het nadoen van de natuur en met andere oplossingen kwamen. Dat vind ik ook het mooie van dit programma: we gaan geen menselijke intelligentie proberen na te maken, maar we gaan juist kunstmatige intelligentie zodanig ontwerpen dat het menselijke intelligentie kan aanvullen.'

Het onderzoeksteam bestaat dan ook lang niet alleen uit computerwetenschappers. 'We hebben bijvoorbeeld computationeel taalkundige Piek Vossen hierbij betrokken, en logicus en cognitiewetenschapper Rineke Verbrugge die in Groningen onderzoek doet naar computationele en psychologische modellen van het Theory of Mind principe. Een mooi voorbeeld is ook Dan Balliet, een sociaal psycholoog aan de Vrije Universiteit die experimenten doet op het terrein van menselijke samenwerking. Hij onderzoekt vragen als: Hoe beïnvloedt onderlinge communicatie de efficiëntie van samenwerking? Werken homogene teams beter samen dan heterogene? Hoe gaan samenwerkende teams om met een individu dat niet bijdraagt aan de samenwerking maar er wel van profiteert? Binnen het Hybrid Intelligence programma gaan wij diezelfde experimenten herhalen, maar dan met teams die bestaan uit zowel mensen als computers.'

Toekomst voorspellen

Hoewel de aanvragers in hun voorstel de computer als collega-wetenschapper als na te jagen doel noemen, waagt Van Harmelen zich desgevraagd niet aan voorspellingen over wat het programma over tien jaar kan hebben opgeleverd. 'Tien jaar is in dit veld ongenadig lang. In het voorstel hebben we echter wel concrete doelen benoemd voor over vijf jaar. Dan willen we een systeem hebben dat kan redeneren over hoe wij mensen redeneren, en dat zelf kan beslissen wat er ethisch gezien wel en niet acceptabel is, zonder dat die keuzes expliciet voorgeprogrammeerd worden. Bovendien willen we dan zijn gekomen tot lerende computersystemen die zelf kunnen uitleggen hoe ze op basis van een verzameling gegevens tot een bepaalde conclusie zijn gekomen.'

Verademing

De Zwaartekrachtpremie is een welkome impuls voor het Nederlandse kunstmatige intelligentie-onderzoek, zegt Van Harmelen. 'Het is vooral een verademing om budget te krijgen voor zo’n lange tijd, en bovendien voor ongebonden onderzoek. In Nederland wordt tegenwoordig hard gestuurd op onderzoek dat binnen een paar jaar een maatschappelijk probleem oplost of een bedrijf helpt een nieuw product te ontwikkelen. Bovendien zijn grote delen van de Nederlandse AI-gemeenschap bij dit programma aangesloten, en biedt het ons de gelegenheid om een nieuwe generatie onderzoekers op te leiden die gewend is multidisciplinair samen te werken in een landelijk netwerk.' Er is echter meer nodig om Nederland volwaardig te laten meespelen op het internationale toneel, haast hij zich te zeggen. 'Twintig miljoen euro lijkt heel veel, maar in dit geval komt het uiteindelijk neer op twee miljoen per jaar, verdeeld over zes universiteiten. Dat staat in geen enkele verhouding tot investeringen die andere landen in Europa doen, zoals België, Italië en Finland. En dan laat ik de reuzen als Frankrijk en Duitsland nog helemaal buiten beschouwing.'

Van Harmelen is daarom blij met de recente aankondiging van het Strategisch Actieplan voor AI, waarin de overheid en het bedrijfsleven samen een investering van een miljard euro over een periode van zes jaar aankondigen. 'Natuurlijk moeten we nog zien of daar ook echt nieuw geld bij zit, of dat het om het (her)labellen van al bestaande potjes gaat. En het is nog maar afwachten of hier ook ruimte voor ongebonden onderzoek bij zal zitten. Maar dit is zeker een bemoedigende stap. En zoals de staatssecretaris zelf zei: "Geen dag te vroeg"!'

 

(Interview: Sonja Knols)

Bron: NWO