ClimINVEST versterkt brug tussen investeerders en klimaatwetenschappers

6 februari 2020

Hagelbuien, veel meer regen en storm, maar ook lange hitte- en droogteperioden. Investeerders zoals banken en pensioenfondsen, moeten meer rekening houden met klimaatverandering. ClimINVEST brengt in drie landen klimaatwetenschappers en investeerders bij elkaar. Beide groepen leren daar veel van.

Ondergelopen straat

Een luxe winkelcentrum en geluidswal in één, bij Utrecht aan de A2. Een van het langste gebouwen van Nederland ook, dat bekendstaat als The Wall. Prachtig en modern. Maar wat gebeurt ermee bij flink noodweer, langdurige hitte of droogte? Of een dijkdoorbraak? Daarmee moeten vermogensbeheerders, banken, makelaars, verzekeringsmaatschappijen meer rekening houden om verstandig te investeren.

ClimINVEST is een samenwerking tussen Noorse, Nederlandse en Franse onderzoekers. Adaptatie-econoom Karianne de Bruin (WUR) is een van de initiatiefnemers, met haar voormalige werkgever CICERO. Dit klimaatonderzoekscentrum in Noorwegen leidt het onderzoek. 'We willen vooral publieke kennis vergroten, de kennis van klimaatwetenschappers zijn weg vindt naar de samenleving. Dat CO2-reductie nodig is, is bekend. Minder bekend is dat ook de financiële sector klimaatkennis nodig heeft om waar nodig aanpassingen aan klimaatverandering door te voeren. Zo kunnen hun investeringen, en daarmee bijvoorbeeld ook onze pensioenen, klimaatbestendig worden.'

Inzoomen op stadsniveau

Sinds een paar maanden werkt ook De Bruins collega Monserrat Budding-Polo Ballinas mee aan ClimINVEST. Zij is stedenbouwkundige, gespecialiseerd in stedelijk milieubeheer en klimaatverandering. Enthousiast vult ze aan: 'Voorheen waren de effecten van klimaatverandering alleen op mondiaal niveau bekend, of hooguit per land. Regionale en lokale informatie is nog in ontwikkeling. Maar nu is er de Klimaateffectatlas, daarmee kun je zelfs op stadsniveau kijken!'

De Klimaateffectatlas is gemaakt door verschillende Nederlandse kennisinstellingen en adviesbureaus, onder andere WUR, KNMI en TNO. Stichting Climate Adaptation Services coördineert en beheert de Atlas en is betrokken bij ClimINVEST. De atlas geeft een indruk van de (toekomstige) dreigingen van overstromingen, wateroverlast, droogte en hitte per gebied in Nederland, tot op gemeenteniveau.

Ze spreken elkaars taal niet

Wat klimaatkennis betreft, liep de Nederlandse financiële sector wel wat voor op die van de andere landen. De Bruin: 'Vanwege de ligging onder zeeniveau was er in Nederland altijd al meer behoefte aan kennis. Uniek in de wereld: De Nederlandsche Bank bracht in 2017 het rapport De Nederlandse financiële sector veilig achter dijken? uit.'

Hoe gestructureerd de informatie in Nederland ook beschikbaar is: investeerders en klimaatwetenschappers spreken elkaars taal niet. Ook al werken ze allebei met risico's en kansen, investeerders houden bij het nemen van financiële beslissingen nog te weinig rekening met de verwachtingen en de actuele klimaatverandering. En we zijn in Nederland dan wel gewend om na te denken over wateroverlast, maar nog helemaal niet over hittestress of droogte. 'Daarmee loopt Nederland juist achter', zeggen De Bruin en Budding-Polo Ballinas.

In Frankrijk is het sinds 2015 bij wet verplicht om klimaatrisico's mee te nemen in investeringsplannen. Dat dwingt investeerders zich ermee bezig te houden. In Noorwegen zijn overstromingen en extreme regen de grootste zorgen voor investeerders. Het gaat trouwens niet alleen om investeringen in eigen land, investeerders hebben bijvoorbeeld ook chipfabrieken in Thailand of op de Filipijnen waar veel overstromingen plaatsvinden.

Midden op de brug

ClimINVEST probeert investeerders en klimaatwetenschappers bij elkaar te brengen. Investeerders konden zich aanmelden voor het onderzoeksproject, vertelt De Bruin: 'Met sommige partijen voerden we een-op-een-gesprekken, bijvoorbeeld met pensioenorganisatie PGGM. Verder organiseerden we vorig jaar een bijeenkomst met zo'n veertig deelnemers uit de Nederlandse financiële sector, waaronder De Nederlandsche Bank.' Tijdens dit Science Practice Lab kregen ze inzicht in het fysieke klimaatrisico voor de financiële sector. Ze leerden hoe hun organisaties beter kunnen omgaan met klimaatverandering en bespraken manieren om ontwikkelingen op het gebied van klimaatadaptatie te versnellen.

De Bruin: 'In Nederland was de brug tussen investeerders en klimaatwetenschappers er zoals gezegd al een beetje, maar wij versterken hem. Midden op die brug moeten ze elkaar vinden en tot een common understanding komen.' Daarom schreven de onderzoekers een rapport over de behoeften van investeerders en de gaten in hun kennis. De Bruin: 'Investeerders blijken heel concreet behoefte te hebben aan masterclasses voor hun medewerkers. Ook hebben ze behoefte aan vertalingen van klimaatrapporten naar praktische informatie die meteen bruikbaar is in de boardroom.'

Concrete vastgoedprojecten

Niet alleen investeerders, ook klimaatwetenschappers hebben dus iets te leren. Budding-Polo Ballinas: 'Zij moeten verder gaan dan onderzoek doen. Zij zouden ook die brug op moeten lopen, en proberen hun resultaten zo te vertalen dat stakeholders de gegevens kunnen gebruiken om betere beslissingen te kunnen nemen.’

WUR en Stichting CAS (Climate Adaptation Services) doen dit al, door de deelnemende bedrijven te vertellen over relevante klimaatgegevens en die in beeld te brengen. Ook bekijken de onderzoekers concrete vastgoedprojecten, samen met vastgoedinvesteerder MVGM. Ze maken er vervolgens fact sheets van een paar A4-tjes over.

The Wall

Een van die fact sheets gaat over winkelcentrum The Wall in Utrecht. En wat blijkt? Hoewel het winkelcentrum dertig meter in de grond is verankerd, kan de bodem eromheen mogelijk dalen door droogte in de toekomst. Infiltratie met regenwater kan dat voorkomen. Op deze locatie is het risico door een dijkdoorbraak laag door bestaande plannen voor dijkverbetering in de regio. Het risico op schade door hittestress is juist weer vrij hoog: hitte doet het beton sneller verouderen en meer airco-gebruik leidt tot meer elektriciteit- en watergebruik. En extra CO2-uitstoot. Groene daken en bomen om het gebouw kunnen helpen als groene infrastructuur. Toch goed als investeerders en makelaars dat weten.

Meer informatie

Binnen het project ClimINVEST, dat loopt van 2017 tot later in 2020, werken onderzoekers uit Noorwegen, Nederland en Frankrijk samen. Het Noorse klimaatonderzoekinstituut CICERO leidt het onderzoek; NWO is een van de financiers. Het project maakt deel uit van de European Research Area for Climate Services (ERA4CS).


Wist u dat?

In Nederland kun je voor je eigen woonplaats precies zien welke specifieke klimaateffecten in 2050 worden verwacht. De online Klimaateffectatlas en de Klimaatschadeschatter maken zichtbaar welke gebieden kwetsbaar zijn en waar adaptieve maatregelen kunnen bijdragen.

Bron: NWO