6 Nederlandse projecten van start binnen ERA-NET Climate Impact Research

8 april 2019

Binnen het ERA-NET Cofund 'Assessment of Cross(X)-sectoral climate Impacts and pathways for Sustainable transformation' (AXIS) zijn van de 39 ingediende transnationale voorstellen 6 Nederlandse projecten gehonoreerd.

De projecten starten in het najaar van 2019 en richten zich onder meer op de impact van klimaatverandering op waterreservoirs, biodiversiteit, en landmanagement, alsmede duurzame ontwikkelingstrajecten en risicobeoordelingen voor klimaatverandering.

Over het programma AXIS

Het programma ERA-NET Cofund AXIS focust op grensoverschrijdende, cross-community onderzoeksprojecten om de coherentie, integratie en robuustheid van onderzoek op het gebied van klimaatimpact te verbeteren en te verbinden met maatschappelijke behoeften. De projecten zullen zich richten op het integreren van de impact die klimaatverandering heeft op sociale, politieke en economische aspecten van samenlevingen. De diverse projecten zullen bijdragen aan een betere inschatting van de impact en risico’s van klimaatveranderingen, zodat beleid bijtijds bijgesteld kan worden. Hiertoe wordt samenwerking tussen wetenschappelijke, publieke en private partijen vooropgesteld, alsmede samenwerking tussen biofysische onderzoeksdisciplines en de sociale en de geesteswetenschappen.

Overstroming. Beeld: Shutterstock

AXIS is opgezet door een consortium van tien onderzoeksfinanciers uit negen Europese landen. Het programma ontvangt een financiële bijdrage van de Europese Commissie binnen het H2020 programma. Het doel van het consortium is om de internationale integratie, coherentie en robuustheid van onderzoek naar klimaatverandering te stimuleren en te verbinden met maatschappelijke vraagstukken. AXIS brengt internationale expertise op het terrein van klimaatonderzoek en -verandering samen en streeft ernaar om de grenzen tussen onderzoeksdomeinen te slechten door inter- of transdisciplinair onderzoek mogelijk te maken. AXIS is een opvolger van het ERA-NET European Research Area for Climate Services (ERA4CS). Beide ERA-NET’en vallen onder het Joint Programming Initiative (JPI) Climate.

Onderaan dit bericht vindt u een overzicht van de gehonoreerde Nederlandse projecten.

Meer informatie


Gehonoreerde projecten

DIRT-X: Multi-sector en multi-resolutie onderzoek naar sedimentatieverandering in stuwdamreservoirs en haar impact op waterkracht en andere diensten voor de maatschappij
Nederlandse aanvrager: dr. Machteld van den Broek, Universiteit Utrecht, afdeling Geosciences
Duizenden stuwdammen in Europa leveren belangrijke diensten zoals waterkracht, drinkwatervoorziening, irrigatie, bescherming tegen overstromingen en recreatie. Deze diensten worden bedreigd door het veranderende klimaat en economische ontwikkelingen omdat deze indirect kunnen leiden tot meer erosie en sedimentatie in de reservoirs. Het project DIRT-X heeft als doel om de causale verbanden tussen deze processen te begrijpen en ontwikkelt daarvoor modellen op kleine en grote schaal. De resultaten van het onderzoek zullen stakeholders ondersteunen bij het ontwikkelen van strategieën om ongewenste erosie en sedimentatie tegen te gaan zodat de diensten die stuwdammen bieden ook in de toekomst kunnen voortbestaan. Het Europese DIRT-X-consortium combineert kennis en ervaringen van zes Europese partners waaronder kennis over klimaatmodellen en -diensten (Zweeds Meteorologisch and Hydrologisch Instituut), hydrologie en gletsjerkunde (Leibniz Universiteit van Hannover), sedimentatie, transport en hydromorfologische modellering (Noorse Universiteit van Wetenschap en Technologie en Universiteit van Inssbruck), sedimentatie en beheer van reservoirs (Universiteit van Stuttgart) en energie- en economische systeemmodellen (Universiteit Utrecht).

LAMACLIMA: Landbeheer voor Klimaatmitigatie en -adaptatie
Nederlandse aanvrager: dr. Dim Coumou, Vrije Universiteit Amsterdam, afdeling Water and Climate Risk
Er is sterk wetenschappelijk bewijs dat veranderingen in landgebruik en landbeheer (LGLB) het klimaat aanzienlijk beïnvloeden door de uitstoot van koolstof in de atmosfeer (biogeochemische effecten), de verandering van lokale energie- en waterfluxen, en hun interactie met de grootschalige atmosferische dynamiek (biogeofysische effecten). De doelstelling van het LAMACLIMA-project is om het wetenschappelijke en publieke inzicht in de gekoppelde effecten tussen LGLB en het klimaatsysteem te verbeteren en om duurzame LGLB-maatregelen en mitigatiemaatregelen uit te werken. Het doel is om toekomstscenario's te ontrafelen die in overeenstemming zijn met zowel het Parijse Klimaatakkoord als verschillende belangrijke Sustainable Development Goals (SDG's). We zullen zowel de lokale als globale effecten van drie belangrijke veranderingen in LGLB (herbebossing, irrigatie en houtoogst) op het klimaat en hun implicaties voor verschillende sectoren (landbouw, beschikbaarheid van water, bosbouw en economische productiviteit) onderzoeken. De uitkomst van deze analyses dienen als basis voor een ​​online tool om besluitvorming over landgebruik te ondersteunen. Deze open-source tool zal worden gebruikt om feedback te verzamelen van stakeholders zoals NGO's, industrie, openbare instellingen, enz. Het uiteindelijk doel is om 'geoptimaliseerde' scenario's, in termen van LGLB, SDG's en bijbehorende toekomstige klimaatdoelen onthullen ter ondersteuning van een geïntegreerde beoordeling van de verwantschappen tussen land en klimaateconomie.

MAPPY: De transformatie naar duurzame gewasbestuiving onder invloed van veranderingen in klimaat en landgebruik
Nederlandse aanvrager: dr. Koos Biesmeijer, Naturalis Biodiversity Center
Landbouwgewassen en de bestuivers ervan staan sterk onder invloed van klimaat en landgebruik. De verwachte veranderingen in die factoren zorgen voor onzekerheid als het gaat om het leveren van gewasbestuiving door wilde bestuivers en de landbouwproductie. In dit project proberen we voor Europa in kaart te brengen hoe biodiversiteit, natuurgebieden, bosbouw en landbouw interacteren en hoe klimaat- en landgebruik dat in de toekomst kunnen gaan beïnvloeden. De focus zal liggen op fruit-, veevoeder- en oliehoudende gewassen. Door gedetailleerde modellen voor klimaat, vegetatie, bestuivers en gewassen te combineren, kunnen we op regionaal niveau de effecten van klimaatverandering op de landbouw voorspellen. In een klein aantal regio's gaan we samen met de relevante stakeholders de belangrijkste uitdagingen voor de landbouw in kaart brengen en, aan de hand van de modellen, mogelijke oplossing definiëren.

Naturalis Biodiversity Center zal het onderdeel over de dynamiek in bestuiverpopulaties leiden, terwijl de Universiteit Utrecht zal bijdragen aan het onderzoek naar de socio-economische aspecten. Andere partners in het project zijn de Universiteit van Luik (coördinator van het gehele project) en onderzoekers uit Namen, Cordoba, Giessen, Frankfurt, Potsdam en Wenen.

MECCA: Het faciliteren van klimaatactie met behulp van mentale modellen gericht op de risico’s van klimaatverandering
Nederlandse aanvrager: dr. Maryse Chappin, Universiteit Utrecht, afdeling Geosciences
Project MECCA zal adaptatie- en mitigatiestrategieën identificeren in Oost-Afrika (Victoriameer) en West-Afrika (Lagos) door middel van het analyseren van verschillen tussen gemodelleerde risico’s en effecten van menselijke activiteiten onder veranderende klimaatcondities en de perceptie van stakeholders hieromtrent. Het onderzoek zal gericht zijn op het ontwikkelen van empirisch onderbouwde aanbevelingen voor het lokale adaptatiebeleid en gedragsstrategieën ter bevordering van klimaatactie. Bij de uitvoering van het onderzoek zal er nauw worden samengewerkt met stakeholders om te waarborgen dat in hun informatiebehoefte wordt voorzien en dat de bevindingen kunnen worden gebruikt voor klimaatbeleid. Project MECCA zal (bio-)fysische modellen van de klimaatuitdagingen van Lagos en het Victoriameer ontwikkelen en testen.

Voor het onderzoeken van de percepties van klimaatverandering gebruiken we een nieuwe tool om mentale modellen in kaart te brengen. Daarnaast zal MECCA de risicoperceptie van klimaatverandering onder gemeenschappen in kaart brengen en zal worden onderzocht hoe die risicopercepties worden gevormd door sociaal-culturele invloeden. Als climate service voeren we scenariosimulaties uit met behulp van de (bio-)fysische modellen met betrekking tot klimaatverandering en het menselijke handelen daarin. Aan de hand van deze simulaties worden stakeholders percepties getest en geëvalueerd om mispercepties te identificeren en klimaatactie te stimuleren.

SHAPE: Duurzame ontwikkelingspaden gericht op menselijke ontwikkeling binnen de grenzen van het mondiaal milieusysteem
Nederlandse aanvrager: Prof. Detlef van Vuuren, Universiteit Utrecht, afdeling Geosciences
SHAPE is gericht op het ontwikkelingen van scenario's met IAM-modellen die voldoen aan een zowel het Parijs Akkoord (klimaat) als ook een groot aantal duurzame ontwikkelingsdoelen zoals wereldwijd zijn afgesproken in 2014 (SDGs). Expliciet zullen de scenario's kijken naar maatregelen om uitruil tussen deze doelen te voorkomen. In SHAPE wordt deze analyse gecombineerd met een analyse van implicaties voor beleid op zowel mondiaal als nationaalniveau. In SHAPE werken 3 mondiale IAM teams (REMIND, MESSAGE en IMAGE) samen met teams met duurzaamheid of beleidsexpertise (Stockholm Resilience Centre, German Development Institute, IASS, NTNU). Een belangrijk element van het werk vormt de interactie met stakeholders.

UNCHAIN: Ontrafelen van de gevolgen van klimaatverandering - een nieuwe generatie gebruiksvriendelijke risicobeoordelingen voor klimaatverandering
Nederlandse aanvrager: prof. Fulco Ludwig, Wageningen University & Research, afdeling Milieuwetenschappen
Voor een optimale planning van klimaatadaptatie is een grondige en gedeelde wetenschappelijke kennisbasis nodig. Kennis over de gevolgen van klimaatverandering is nu nog heel versnipperd. Het UNCHAIN project heeft als doel tools te ontwikkelen die de beschikbare data en kennis vertaalt in lokaal specifieke, bruikbare gegevens over klimaatrisico's en adaptiemaatregelen op zowel korte als lange termijn. Een van de belangrijkste wetenschappelijke doelstellingen van het project is ten eerste het ontwikkelen van betere klimaatrisicoanalyses op hogere resolutie en context-specifieke methodes om de effecten van klimaatverandering op de economie en maatschappij te analyseren. Een tweede doelstelling is te onderzoeken hoe toekomstscenario's kunnen worden verbeterd door maatschappelijk kwetsbaarheidsanalyses te combineren met klimaatprojecties en impactmodellen. Dit moet uiteindelijk resulteren in een verbeterde integratie van kwantitatieve en kwalitatieve benadering van risicobeoordeling.

De nieuwe methodes voor het berekenen van klimaatrisico's zullen worden getest in elf verschillende pilot studies in Europa en Bangladesh. In Nederland richt de studie zich op klimaatrisico's voor de investeringsportfolio’s van pensioenfondsen en hoe klimaatrisico’s kunnen worden gecombineerd met financiële risico's. De twee pilot studie richt zich op klimaatrisico’s op de korte en lange termijn voor de spoorweginfrastructuur die beheerd wordt door ProRail.

Bron: NWO