Financiering voor onderzoek van twee belangrijke archeologische vondsten

28 juni 2018

De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk onderzoek (NWO) financiert onderzoek naar twee archeologische vondsten van (inter)nationaal belang. Het gaat om een complex aan vindplaatsen uit de Romeinse tijd in Tiel-Medel en een collectie edelmetalen objecten uit een 17e -eeuws scheepswrak bij Texel.

Het programma Archeologische vondsten van (inter)nationaal belang is ingezet door de minister van OCW om verdiepend onderzoek naar archeologische opgravingen mogelijk te maken. NWO en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed werken samen in de uitvoering van dit programma en hebben voor het derde opvolgende jaar financiering toegekend. De resultaten van het onderzoek zijn niet alleen relevant voor de wetenschap maar ook voor een breed (inter)nationaal publiek. De financiering wordt dan ook deels gebruikt voor kennisoverdracht, zoals tentoonstellingen en populair wetenschappelijke publicaties. Ook dient het onderzoek aan te sluiten bij de Nationale Onderzoeksagenda Archeologie. Aan de projecten is ieder € 100.000 toegekend.

De volgende projecten zullen dit jaar van start gaan:

Inhumatiegraf uit de 5e eeuw na Chr., gevonden bij Tiel-Medel. De vondsten aan de gordel zijn in Germaanse stijl. Aan de hand van isotopenanalyse van het tandglazuur wordt onderzocht waar de begravene opgroeide.  Bronvermelding: Stijn HeerenInhumatiegraf uit de 5e eeuw na Chr., gevonden bij Tiel-Medel. De vondsten aan de gordel zijn in Germaanse stijl. Aan de hand van isotopenanalyse van het tandglazuur wordt onderzocht waar de begravene opgroeide. Credits: Stijn Heeren

Tiel-Medel: vindplaatsen uit de Romeinse tijd – projectleider dr. Stijn Heeren (VU Amsterdam)

Bij grootschalig archeologisch onderzoek te Tiel-Medel is in 2016-2017 een complex aan vindplaatsen uit de Romeinse tijd onderzocht. Dit complex omvat zowel een eenvoudige agrarische nederzetting, enkele grafvelden als resten van een villa, en heeft daarmee een uitzonderlijke ensemblewaarde voor de analyse van het Romeinse cultuurlandschap in het Nederlandse rivierengebied. In het onderzoek gaat de aandacht uit naar een cluster nederzettingssporen met uitzonderlijk rijk en gevarieerd archeologisch materiaal uit de vroegste Romeinse periode en naar menselijke begravingen en ander materiaal uit de laat-Romeinse tijd. In beide perioden lijkt het te gaan om materiële resten van eerste-generatie migranten. Een van de doelen van het onderzoek is om te onderzoeken waar zij vandaan kwamen en hoe zij samenleefden met en later vergroeiden met bevolking die er al woonde. Verder wordt gekeken of de ligging van dit gebied in de Romeinse grensregio van invloed was op het proces van samenvloeiing van bevolkingsgroepen. 

Poederdoos, verguld messing. Nederlands of Duits. Provinciaal depot voor archeologie Noord-Holland (Kees Zwaan)Foto: poederdoos, verguld messing. Nederlands of Duits. Eerste helft 17e eeuw. Gedreven voorstelling. Mogelijk onderdeel van een toiletset. Credits: Provinciaal depot voor archeologie Noord-Holland (Kees Zwaan)

Edelmetaal uit een scheepswrak bij Texel – projectleider prof. dr. ing. Maarten van Bommel (Universiteit van Amsterdam i.s.m. de Rijksdienst voor het cultureel erfgoed.)

Archeologisch edelmetaal bevat veel informatie, met name over de historische context. Vooral het oppervlak waar graveringen en verguldingen zich bevinden is belangrijk. Deze kennis helpt ons uiteindelijk om de cultuur van onze voorouders beter te begrijpen. Maar datzelfde oppervlak is onderhevig aan verval en slijtage, en conserveringsbehandelingen zoals poetsen kunnen een negatieve invloed hebben op de leesbaarheid van het metaal. Daarom is het van belang dat relevante informatie over het object en zijn context niet verloren gaat na opgraving. Dit project zoekt naar de beste manier om informatie uit archeologische edelmetalen te halen voordat deze door verval en/of conserveringsbehandelingen verloren gaat. De collectie vondsten uit het Palmhoutwrak bevat een unieke groep edelmetalen objecten. Deze behoren waarschijnlijk tot een nagenoeg intact persoonlijk ensemble uit de 17e eeuw, een unicum zonder bekende historische parallellen. Ook zijn de voorwerpen vanuit materiaaltechnisch opzicht interessant, vanwege hun vrijwel ongepoetste staat. Onderzoek naar deze edelmetalen objecten levert een beter begrip op over de voorwerpen en hun samenhang, ook met de rest van de vondsten uit het wrak.

Extra geld voor archeologische vondsten

Sinds de invoering van het Verdrag van Malta in de Nederlandse archeologiewetgeving ligt de verantwoordelijkheid voor archeologie bij de gemeenten. Ook het onderzoek naar heel bijzondere vindplaatsen. Hierbij geldt het principe: 'de verstoorder betaalt'. Verdiepend onderzoek, in aanvulling op het basisonderzoek, kan bij bijzondere vondsten van (inter)nationaal belang niet in alle gevallen ten laste van de initiatiefnemer (de ‘verstoorder’) komen. Met deze extra financiering creëert het Rijk de mogelijkheid om toch verder onderzoek te doen naar deze belangrijke vondsten.

Meer informatie


Bron: NWO