Mensen met anhedonie hebben best plezier, alleen niet zo vaak

4 december 2017

Een hedonist is, kort door de bocht gezegd, een levensgenieter, of in elk geval iemand voor wie geluk in het leven als het hoogste genot geldt. Als je aan anhedonie lijdt – het tegenovergestelde – zal dat wel niet te benijden zijn. Vera Heininga nam tijdens haar promotieonderzoek anhedonisten onder de loep met behulp van smartphones: zij concludeert dat deze mensen wel degelijk in staat zijn om ‘positieve emoties te ervaren’. Zij kunnen die emoties echter niet zo goed stabiel houden. Heininga promoveert maandag 4 december aan de Rijksuniversiteit Groningen met NWO-financiering uit de Vernieuwingsimpuls.

2 lachende meisjes in achtbaan van een pretpark – anhedonisten hebben er moeite mee. Foto: Shutterstock / Jacob LundOnbekommerde lol in een pretpark – anhedonisten hebben er moeite mee. Foto: Shutterstock / Jacob Lund

Dat verminderd vermogen om plezier te ervaren behoort tot de kernsymptomen van een depressieve stoornis. Het komt ook bij andere psychische stoornissen vaak voor. Bijna twintig procent van de mensen heeft tenminste zo’n anhedonische (‘ik-vind-niets-leuk’) periode tijdens de adolescentie. Dat kan grote beperkingen in het dagelijks functioneren veroorzaken: zodra het ‘beloningssysteem’ in de hersenen haperingen vertoont levert dat allerlei ellende op. Hoewel het veel voorkomt, zijn aard en oorzaak  nauwelijks duidelijk.

Heininga: ‘Een ‘plezierervaring’ kun je onderverdelen in verschillende fasen: een appetitieve fase (trek of zin), een consumptieve fase (nuttigen) en een verzadigingsfase (verlangen stillen). Je kunt trek hebben in chocolade of chips, genieten van het consumeren en bemerken dat het verlangen naar dat voedsel is gestild. Ik zeg er wel bij: je hoeft niet altijd de hele cyclus te doorlopen. Elke fase kan op zichzelf plezierig zijn…’

Vragenlijst

Vera Heininga gebruikte voor haar onderzoek niet de gangbare eenmalige vragenlijsten, maar bestudeerde de stemming van een persoon op verschillende momenten van de dag. Bijna 140 jongvolwassenen (van wie ongeveer de helft onder anhedonie gebukt gaat) vulden drie keer per dag een vragenlijst op hun smartphone in. De meeste resultaten kwamen overeen met die uit traditionele onderzoeken, maar Heininga’s onderzoek leidde ook tot nieuwe inzichten. ‘Anhedonie leidt niet altijd tot minder plezier dan anderen ondergaan. Evenmin leidt het altijd tot een negatieve spiraal van weinig plezier en weinig motivatie.’

Het onderzoek van Heininga  maakt deel uit van het grotere onderzoek ‘No Fun No Glory’ van Tineke Oldenhinkel (Vici), waarbij de effecten op ‘pleziergevoelens’ van een leefstijladvies op maat, in combinatie met een parachutesprong, in kaart worden gebracht.

Meer kennis over anhedonie kan leiden tot betere behandelmethoden hiervoor. De gebruikte onderzoeksmethode lijkt op basis van dit onderzoek een veelbelovende benadering te zijn om anhedonie beter te gaan begrijpen.

Meer informatie

V.E. (Vera) Heininga  (1986) voltooide haar onderzoek ‘De gelukkige, de verdrietige en de anhedonische: op weg naar het begrijpen van veranderde beloningsfunctie vanuit een micro-niveau perspectief’ aan het Universitair Medisch Centrum Groningen, afdeling Psychiatrie, met NWO-financiering uit de Vernieuwingsimpuls (Vici) binnen het project ‘No fun no glory: a biopsychosocial investigation of how adolescents lose the ability to experience pleasure and may gain it back again’ van  prof. dr. A.J. (Tineke) Oldehinkel.

Heininga is vanaf januari volgend jaar werkzaam als postdoctoraal onderzoeker aan de Katholieke Universiteit van Leuven.

Bron: NWO