Nederlanders in de twintigste eeuw veel minder tolerant dan gedacht

20 juni 2017

Steeds meer mensen vinden dat buitenstaanders de Nederlandse cultuur en identiteit bedreigen. Zij benadrukken hun eigenheid door zich af te zetten tegen ‘vreemdelingen’, met name moslims. Vóór Wilders en Fortuyn stonden Nederlanders toleranter tegenover het onbekende, hoor je vaak. Volgens historicus Jesper Verhoef is dit onjuist. Nederlanders waren in de hele twintigste eeuw juist veel minder tolerant dan gedacht. Verhoef promoveert vrijdag 23 juni aan de Universiteit Utrecht met NWO-financiering uit het programma Horizon.

De eerste quizmaster op de Nederlandse televisie: Theo Eerdmans, bekend van de show ‘Je neemt er wat van mee’ (1958-1960) van de VARA. Foto: Beeld en Geluid, Creative CommonsDe eerste quizmaster op de Nederlandse televisie: Theo Eerdmans, bekend van de show ‘Je neemt er wat van mee’ (1958-1960) van de VARA. Foto: Beeld en Geluid, Creative Commons

Jesper Verhoef kwam tot deze slotsom op basis van het Nederlandse publieke debat over film, de draagbare radio en de televisiequiz in de twintigste eeuw. De confrontatie met deze Amerikaanse media leidde tot heftige discussies; die we nu goeddeels vergeten zijn. Verhoef putte hiervoor uit de rijke collectie gedigitaliseerde kranten van de Koninklijke Bibliotheek. Op basis daarvan beantwoordde hij de vraag: Hoe dachten Nederlanders over Amerika en – in samenhang daarmee – over zichzelf?

Verhoef onderwierp het gedigitaliseerde krantenbestand van de Koninklijke Bibliotheek aan een systematische analyse – iets wat niet eerder op deze schaal gedaan is. Op basis daarvan werpt hij nieuw licht op het denken over Nederlandse identiteit. ‘Ook  tussen 1919 en 1989 leidde de ontmoeting met ‘vreemde’ culturen en invloeden, de Verenigde Staten en nieuwe media, doorlopend tot ontzetting en onzekerheid. Nederlanders verzetten zich de hele periode tegen ingrijpende maatschappelijke veranderingen. Ze presenteerden die als wezensvreemd en bedreigend voor de Nederlandse eigenheid.

Nationaal en anti-Amerikaans

Bovendien waren Nederlanders in de twintigste eeuw tamelijk zelfvoldaan en veel conservatiever dan we nu denken. Ze keurden zowel de Verenigde Staten als veranderingen af op vaak neerbuigende en alarmistische toon. Amerikanen werden consequent weggezet als naïef, hebzuchtig, materialistisch en oppervlakkig. Nederlanders daarentegen, zo was de publieke opinie, waren nuchter en bescheiden.

Verrassend ook is de eenstemmigheid in het publieke discours over de Verenigde Staten en Nederlandse identiteit. Er bestond een gemeenschappelijk, nationaal debat, ook ten tijde van de verzuiling. Alle Nederlandse dagbladen gebruikten Amerika als afschrikwekkend voorbeeld om de Nederlandse eigenheid te accentueren: men wilde vooral niet zo worden als ‘de’ moderne, vreemde Amerikanen.

Meer informatie

J. (Jesper) Verhoef (1986) voltooide zijn proefschrift’ Opzien tegen modernisering. Denkbeelden over Amerika en Nederlandse identiteit in het publieke debat over media, 1919-1989’ aan de Universiteit Utrecht, Faculteit Geesteswetenschappen, Departement Geschiedenis en Kunstgeschiedenis, met NWO-financiering uit het programma Horizon. Promotor en hoofdaanvrager is prof. dr. Joris van Eijnatten, Copromotor is dr. Jaap Verheul.
De handelsversie van het proefschrift ‘Opzien tegen modernisering. Denkbeelden over Amerika en Nederlandse identiteit in het publieke debat over media, 1919-1989’ (ISBN 978-94-6301-135-8) is via Uitgeverij Eburon verkrijgbaar.


Bron: Universiteit Utrecht

Kenmerken

Wetenschapsterrein

Sociale en Geesteswetenschappen

Programma

Horizon

Speerpunt

Talent Vrij onderzoek