NIOZ: krimpende Gele Zee nekt trekvogels

4 februari 2016

De ‘wadden’ langs de kusten van de Gele Zee zijn een steeds nauwere flessenhals voor vogels die tussen Siberië en Australië heen en weer trekken. Onderzoek door een internationaal team van ecologen van NWO-onderdeel NIOZ Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee en de Rijksuniversiteit Groningen laat zien dat drie verschillende steltlopers in aantal afnemen door één gemeenschappelijke factor: het verlies van ruimte en voedsel op hun tussenstop in de Gele Zee.

Onderzoeksleider, hoogleraar trekvogelecologie en Spinozalaureaat Theunis Piersma: ‘Dit onderzoek levert een hard en concreet bewijs dat de inpoldering van de getijdegebieden en kustzeeën door de Chinese overheid langs de Gele Zee zijn tol eist onder verschillende trekvogelsoorten.’

Het onderzoek, dat wordt gepubliceerd in het vooraanstaande Journal of Applied Ecology, draait om drie verschillende soorten trekvogels, met ieder hun eigen leefgebied en voedselvoorkeuren. De rode kanoet (Calidris canutus piersmai) broedt op eilanden ten noorden van Siberië, de grote kanoet (Calidris tenuirostris) broedt in hoger gelegen, bergachtige gebieden van Oost-Siberië, en de rosse grutto (Limosa lapponica menzbieri) broedt in de lager gelegen wetlands van Oost-Siberië. Alle drie de soorten overwinteren aan de kust van Noordwest-Australië, in Roebuck Bay. Op hun trek daar naartoe en weer terug tanken ze bij op de wadden langs de kusten van de Gele Zee.

Oorzaak

Omdat inmiddels enkele duizenden individuen van deze drie vogelsoorten de laatste jaren van kleurringen werden voorzien, konden de onderzoekers de overleving van de vogels berekenen tijdens de verschillende fasen van hun leven. Zij maakten daarbij gebruik van de ruim dertigduizend waarnemingen van de gekleurringde vogels tussen 2006 en 2013.

De productie van eieren, en vervolgens uitgevlogen jongen, in de verschillende Siberische broedgebieden was in de onderzochte periode voor geen van de drie soorten een probleem. Ook in hun overwinteringsgebied in Australië traden geen noemenswaardige verliezen op. Maar vanaf 2010 nam de sterfte onder alle drie de bestudeerde soorten toe, tijdens een periode die zowel de voor- en najaarstrek als het broedseizoen omvatte. Omdat de sneeuw in deze jaren relatief vroeg smolt, waren de omstandigheden in de broedgebieden waarschijnlijk gunstig voor de overleving van de volwassen vogels.

Daarmee wijzen alle pijlen naar één overblijvende oorzaak: de trek. Daarbij hebben de drie soorten gemeen dat ze afhankelijk zijn van getijdegebieden langs de kusten van de Gele Zee om bij te tanken. Uitgerekend daar was in die jaren sprake van grootschalig verlies van geschikte natuurgebieden door de inpoldering van bij laagwater droogvallende wadden

Vrees voor halvering populaties

Uit eerder onderzoek door de groep van Piersma is gebleken dat de sterfte van bijvoorbeeld volwassen kanoeten normaal gesproken gelijkmatig is verdeeld over het jaar. Tot 2010 gold dat ook voor de drie onderzochte soorten en toen was de sterfte nog laag genoeg om een stabiele populatie te kunnen onderhouden. Met de toegenomen sterfte in 2011 en 2012 zullen de drie populaties echter hard achteruit gaan. ‘Wanneer de sterfte in hetzelfde tempo door blijft gaan als in het jaar 2012, dan zullen we een halvering van de populaties zien binnen drie tot vier jaar’, aldus Piersma.

‘Regeringen zijn vaak niet zo genegen om economische ontwikkelingen te remmen ten behoeve van natuurbescherming, tenzij er een hard bewijs ligt voor de schadelijke gevolgen van die economische ontwikkeling’, stelt Piersma. ‘Met dit onderzoek, dat financieel werd ondersteund door het Wereld Natuur Fonds en Vogelbescherming Nederland, is dat harde bewijs voor de schadelijke effecten van de ontginning rond de Gele Zee wel geleverd.’

Vogels op een strand met op de achtergrond een baggeraar die grond opspuit.Rosse grutto’s op een voormalig stuk van het Yalujiang natuurreservaat in noordoost China. Het gebied werd in 2012 ‘herbestemd’ om te worden omgevormd tot industriegebied. Beeld: David S. Melville

Meer informatie


Bron: NWO