Maatwerk in behandeling van kind met gedragsproblemen in beeld

5 september 2016

Kinderen met een andere diagnose dan ADHD maar vergelijkbare aandachtsproblemen vertonen ongeveer dezelfde hersenactiviteit als kinderen die wél ADHD hebben. Onderzoekers zouden daarom niet alleen moeten kijken naar de gestelde psychiatrische diagnose: juist het verband tussen hersenactivatie en individuele eigenschappen van kinderen is belangrijk. Maatwerk in behandeling van het kind komt dan in beeld. Dat concludeert Branko van Hulst in zijn promotieonderzoek ‘Mapping ADHD: From behaviour to biology’, met NWO-financiering uit de Vernieuwingsimpuls. Hij promoveert dinsdag 6 september.

Kind maakt zich op voor een MRI-scan ShutterstockFoto: Shutterstock

De hersenen van kinderen mét ADHD zijn gemiddeld anders dan die van kinderen zonder ADHD. Sommige hersengebieden zijn iets kleiner. Sommige delen zijn minder actief tijdens het uitvoeren van taken. Dit is al langer bekend, zegt Branko van Hulst, ‘maar andere kinderen met aandachtsproblemen vertonen mogelijk dezelfde verschillen in hersenactivatie als kinderen mét ADHD. En dat wil nog helemaal niet zeggen dat ze óók ADHD hebben.’

Vergelijkbare veranderingen in hersenactivatie 

Van Hulst voerde zijn onderzoek uit onder 111 kinderen in de leeftijd van 8 tot 12 jaar in het UMC Utrecht Hersencentrum. Zij voerden taken uit, terwijl ze in een MRI-scanner lagen. Zij kregen bijvoorbeeld een plaatje met een portemonnee te zien en moesten vervolgens uitvogelen of een stripfiguurtje er wel of geen geld in had gestopt. Indien ze goed geraden hadden, mochten ze het geld daadwerkelijk houden. Het spel was overigens zo gemanipuleerd dat de kinderen altijd prijs hadden.

‘Want het ging ons juist om de fase ervoor: de verwachting,’ legt Van Hulst uit. ‘We konden de hersenactiviteit meten op verschillende momenten: tijdens het anticiperen van een beloning, tijdens pogingen om een impulsieve reactie te onderdrukken en tijdens het onverwacht verschijnen van een afbeelding. Kinderen met autisme én aandachtsproblemen lieten, net als de kinderen met ADHD, gemiddeld minder hersenactivatie zien dan kinderen zonder diagnose. Anders gezegd, kinderen met aandachtsproblemen laten vergelijkbare veranderingen in hersenactivatie zien. Hiervoor maakt het niet uit welke psychiatrische diagnose is gesteld.’

Binnen de psychiatrie is de behandeling van kinderen gebaseerd op te observeren gedrag. Meetbare neurobiologische aspecten kunnen alleen een rol krijgen wanneer de individuele eigenschappen van het kind worden meegenomen, bepleit Van Hulst. ‘Dit onderzoek laat zien dat het belangrijk is om, onafhankelijk van welke diagnose gesteld is, te zoeken naar verbanden. Op die manier kunnen we gedrag beter leren begrijpen en behandeling toespitsen op de behoeften per kind. Uiteindelijk wint het onderzoek in de kinder- en jeugdpsychiatrie aan klinische relevantie door iets minder afhankelijk te zijn van de bestaande diagnostische labels.’

Meer informatie

B.M. (Branko) van Hulst (1985) voerde zijn promotieproject ‘Mapping ADHD: From behaviour to biology’ uit aan het Universitair Medisch Centrum Utrecht. Het onderzoek werd uitgevoerd met NWO-financiering uit het programma Vernieuwingsimpuls (Vici). Hoofdaanvrager was prof. dr. Sarah Durston. Van Hulst is inmiddels gestart met zijn opleiding tot psychiater bij GGZ inGeest in Amsterdam.

Bron: NWO

Kenmerken

Wetenschapsterrein

Maatschappij- en Gedragswetenschappen Hersenen, Cognitie, Gedrag

Programma

Vernieuwingsimpuls

Speerpunt

Vrij onderzoek en talent (2015-2018)