Vier toekenningen internationale topsector call SURPLUS

11 januari 2016

De internationale call SURPLUS heeft vier Nederlandse projecten opgeleverd. SURPLUS staat voor Sustainable and resilient agriculture for food and non-food systems. SURPLUS is een COFUND call, die onderdeel is van de activiteiten binnen het JPI FACCE. De Europese Commissie draagt bij aan deze call. Voor ALW is het een internationale activiteit in het kader van de topsectoren, specifiek voor de topsectoren Agri&Food en Tuinbouw en Uitgangsmaterialen.

Er waren 27 vooraanmeldingen waarvan 10 met Nederlandse inbreng. De beoordelingscommissie heeft 14 voorstellen waarvan 4 met Nederlandse inbreng geselecteerd. De financiering voor deze vier projecten komt neer op een bedrag van bijna 1 miljoen euro.

VitiSmart - Toward a sustainable viticulture: Improved grapevine productivity and tolerance to abiotic and biotic stresses by combining resistant cultivars and beneficial microorganisms
Prof. dr. Joana Falcão Salles, RUG
Klimaatveranderingsscenario’s voorspellen een mondiale temperatuurtoename met mogelijk gevolgen voor de landbouw, direct wat betreft gewassen (abiotische stress) of indirect via een toename van plantpathogenen (biotische stress). Dit project wil de veerkracht van wijngaarden verbeteren door een combinatie van ‘plant breeding’ en de selectie van voor de plant gunstige micro-organismen. Zo wordt een viticultuur gecreëerd die zich snel kan aanpassen aan biotische en abiotische stress als gevolg van klimaatverandering.

VITAL - Viable InTensification of Agricultural production through sustainable landscape transition
Prof. dr. Peter Verburg, VU
Wereldwijd neemt de vraag naar voedsel toe, waardoor er een vraag is naar landbouwproductie en landbouwgrond in Europa. Tegelijkertijd heeft de Europese samenleving ook een toenemende vraag naar verschillende ecosysteemdiensten en biodiversiteit. In een agrarisch landschap dat een proces van duurzame intensivering heeft ondergaan, is er een optimale balans tussen landbouwproductie en de levering van deze andere diensten. We gaan in verschillende Europese landen onderzoeken welke sociaal-economische, landschappelijke, en agronomische factoren een succesvolle transitie naar zo’n landbouwsysteem mogelijk maken of verhinderen. We gaan uiteindelijk de haalbaarheid kwantificeren van duurzame intensivering van landbouw op Europese schaal.

TSARA - Targets for Sustainable And Resilient Agriculture
Prof. dr. Martin van Ittersum, WUR
Met het vaststellen van de nieuwe Sustainable Development Goals (SDGs) is het belangrijk dat landen werken aan het realiseren van een transformatie naar duurzame landbouwvoedselsystemen en in het bijzonder van genoemde SDGs. Het TSARA project (Targets for Sustainable And Resilient Agriculture - Doelen voor een duurzame en veerkrachtige landbouw) wil methoden ontwikkelen die landen daarbij ondersteunen. Allereerst probeert TSARA uitdagende en realiseerbare doelen (Targets) te formuleren voor indicatoren van duurzame landbouw in een aantal Europese landen en in Nieuw Zeeland voor de jaren 2030 en 2050. Vervolgens wil het project helpen bij de ontwikkeling van een visie en pad om die transformatie van agrarische productie te realiseren.

SUSTAG - Assessing options for the SUSTainable intensification of Agriculture for integrated production of food and non-food
Dr. Floor van der Hilst, UU
De landsbouw staat voor verschillende uitdagingen: een toenemende vraag naar zowel food als non-food producten, milieu-impact minimaliseren en bestendigheid opbouwen tegen klimaatveranderingen. Om te kunnen voldoen aan deze eisen moeten agrarische productiesystemen worden geherdefinieerd en vernieuwd. Duurzame intensivering van de productie van voedsel, veevoer, vezels en brandstof moet de landbouwproductie verhogen, terwijl negatieve gevolgen voor het milieu worden geminimaliseerd en uitbreiding van landbouwgrond wordt vermeden. Het SUSTAg project gaat opties identificeren voor een duurzame intensivering van geïntegreerde voedsel en non-food productie op zowel regionaal als Europees niveau, om een concurrerende Europese bio-economie op te bouwen. Het project maakt gebruik van innovatieve multidisciplinaire (bijvoorbeeld agrarische, economische, biofysische) en multi-schaal (mondiaal, Europees, regionaal, boeren bedrijf) geïntegreerde modelanalyses, en er wordt auw samengewerkt met stakeholders om de opties voor duurzame intensivering te definiëren, beoordelen en evalueren.


Bron: NWO