Sociale informatieverwerking meten van agressieve probleemjongere met laag IQ

25 november 2015

Aan de Vrije Universiteit Amsterdam is een diagnostisch instrument ontwikkeld waarmee je sociale informatieverwerking kunt meten van agressieve (probleem)jongeren met een laag IQ. Dankzij de mogelijkheid objectief vast te stellen wat de sterke en zwakke punten zijn van deze jongeren, ligt effectieve behandeling of begeleiding binnen handbereik. Het artikel over het project ‘Executive functions and social information processing in adolescents with severe behavior problems’ van psycholoog Maroesjka van Nieuwenhuijzen is deze maand verschenen in het tijdschrift Child Neuropsychology.

Brugklas met één dwars jongetjeFoto Roger Dohmen/Hollandse Hoogte

Er is steeds meer kennis om kinderen met een verstandelijke beperking te herkennen, zowel op school als binnen het rechtssysteem. Maar wil je voor een bepaalde jongere de beste behandeling of begeleiding vaststellen, dan is daar meer voor nodig, aldus Maroesjka van Nieuwenhuijzen. ‘Dat het in het dagelijks leven belangrijk is om sociale informatie goed te kunnen verwerken, is al bekend. Iemand die dat niet goed kan, wordt bijvoorbeeld snel agressief of reageert juist teruggetrokken. Maar als je die vaardigheid effectief wilt verbeteren, moet je eerst iemands sterke en zwakke punten op dit gebied kennen.’

Het verwerken van sociale informatie gaat in vijf stappen, aldus de onderzoekster. Van het waarnemen en interpreteren van een sociale situatie tot het evalueren van verschillende mogelijke reacties daarop, het inschatten van de consequenties, en het kiezen en uitvoeren van zo’n optie. Dat hele proces gaat vaak onbewust en razendsnel. ‘Kinderen met een licht verstandelijke beperking kiezen relatief vaak voor inadequate oplossingen, omdat ze meteen al een heel sterke respons laten zien op een waarneming.’

De onderzoekers legden de stappen vast bij 94 jongeren tussen 12 en 20 jaar met agressief gedrag, aan de hand van herkenbare, nagespeelde situaties. In deze filmpjes speelden acteurs gebeurtenissen na die bij de doelgroep nogal eens tot problemen leiden. De jongeren moest vragen beantwoorden als: Wat zie je gebeuren, wat zou dat betekenen, wat zou jij nu kunnen doen, welk gevolg zou dat kunnen hebben? Van Nieuwenhuijzen: ‘We telden dan bijvoorbeeld het aantal keren dat een jongere agressief reageerde. Per stap kun je zo een score toekennen.’

Direct reageren zonder nadenken

Uit het onderzoek bleek dat de opeenvolgende stappen met elkaar samenhangen, precies zoals de theorie beschrijft. Ook vond men dat de stappen verband houden met zelf-gerapporteerd agressief en regel-overtredend gedrag. Bovendien zijn zogeheten executieve functies als inhibitie (jezelf niet in toom houden in relatie met anderen, direct reageren zonder nadenken, kort lontje) en selectieve aandacht (problemen met focus) gerelateerd aan de sociale informatieverwerking, zo bleek uit het onderzoek. Van Nieuwenhuijzen: ‘Jongeren die problemen hebben met selectieve aandacht en inhibitie vinden een agressieve reactie vaker een goede oplossing en kiezen deze dan ook vaker.’

Behandelaars kunnen met deze kennis gerichter werken aan bepaalde onderdelen van sociale informatieverwerking. Zodra blijkt uit de test dat jongeren gedrag van een ander veel te snel interpreteren als afwijzing, of als agressie, kun je ze leren om op de juiste informatie te letten en emoties te herkennen. Ze leren zich te realiseren dat niet alles wat een ander doet, met opzet gebeurt, of negatief wordt bedoeld.

Meer informatie

M. (Maroesjka) van Nieuwenhuijzen begon in 2011 haar onderzoeksproject ‘Social information processing skills in youth with mild to borderline intelligence in the Dutch criminal youth justice system: the development of an instrument’ aan de Vrije Universiteit Amsterdam, Faculteit der Faculteit der Gedrags- en Bewegingswetenschappen, afdeling Orthopedagogiek.

Dr. Irene van Bokhoven voerde het onderzoek uit. Financiering kwam uit het NWO-programma Jeugd en gezin. Medefinanciers zijn o.a. National Initiative Brain & Cognition (NIHC) en Stichting Kinderpostzegels.


Bron: NWO

Kenmerken

Wetenschapsterrein

Maatschappij- en Gedragswetenschappen Hersenen, Cognitie, Gedrag

Programma

Jeugd en gezin

Speerpunt

Samenwerken in thema's (2011-2014) Thema: Hersenen en cognitie (2007-2010)