Grootschalig onderzoek brengt seksualiteit van Nederlandse jeugd in kaart

11 september 2015

Jongeren kijken minder porno dan ouders denken. Tienermeisjes denken dat alle jongens pornosites bezoeken en dus onrealistische verwachtingen van hen hebben. Pubers denken meer aan verliefdheid en relaties dan aan seksueel contact. Lager opgeleide jongeren beginnen eerder met seks. Een greep uit het meerjarig onderzoek Project ‘Studies on Trajectories of Adolescent Relationships and Sexuality’ (STARS), waarvan de uitkomsten vandaag werden gepresenteerd tijdens het eindsymposium in Utrecht.

Een tienerjongen en -meisje zitten dicht tegen elkaar aan en kijken samen naar een smartphone.Beeld: Hollandse Hoogte

Het doel van het project STARS is om een manier te vinden adolescenten optimaal te begeleiden naar een gezonde en positieve seksuele ontwikkeling. De onderzoekers proberen antwoord te vinden op de vraag hoe de relationele en seksuele ontwikkeling van jongeren zich ontwikkelt tijdens de adolescentie. Waarom heeft het ene kind al verkering, terwijl het andere nog nooit verliefd is geweest? En zijn er daarbij verschillen tussen jongens en meisjes? Uit Project STARS blijkt dat puberteit, persoonlijkheid, opvoeding, leeftijdgenoten en internetgebruik allemaal van invloed zijn. Deze kennis is van belang voor ouders en docenten. Zij moeten vroeg beginnen met voorlichting, en die telkens aanpassen naarmate de jongere zich ontplooit. Projectleider Maja Deković: ‘En niet alleen zeggen: gebruik bij seks een condoom en dan afschrikken met enge dia’s van soa’s, maar ook aandacht schenken aan hoe jongeren relaties en seks beleven. En alert zijn op sociale invloeden van buitenaf, zoals vrienden en media.’

Verdiepingsstudies

Om deze vragen te beantwoorden hebben vijftien wetenschappers van de Universiteit Utrecht en de Rijksuniversiteit Groningen gedurende vier jaar onderzoek gedaan vanuit het project STARS. De onderzochte groep bestaat uit bijna 1.300 jongens en meisjes, tussen 11 en 19 jaar, met verschillende opleidingsniveaus. Door deze jongeren over tijd te volgen, kijkt Project STARS als eerste grootschalige onderzoek in Nederland naar relationele en seksuele ontwikkeling.

Maja Deković: ‘Studies naar seksualiteit onder de Nederlandse jeugd waren voorheen veelal van beschrijvende aard, met weinig aandacht voor de context. Totdat we met Project STARS begonnen. Als je de bepalende factoren van relationele en seksuele ontwikkeling goed wilt begrijpen, moet je onderzoek doen waarin de sociaal-emotionele ontwikkeling en omgevingsfactoren een plaats hebben. En dat dan over meerdere jaren uitgesmeerd.’


NWO-programma Jeugd en gezin

Het project STARS wordt gefinancierd vanuit het NWO-programma Jeugd en gezin en FWOS (Fonds Wetenschappelijk Onderzoek Seksualiteit). Het programma Jeugd en gezin is opgezet voor onderzoek naar de ontwikkeling van de Nederlandse jeugd. Het programma richt zich op kennisvermeerdering over het ontstaan van problemen onder kinderen en jongeren. Normale en de meer problematische ontwikkelingstrajecten komen aan bod, en de belangrijkste determinanten van de ontwikkeling. Opgedane kennis moet inzicht opleveren in mogelijkheden om de ontwikkeling bij te sturen.

Over NWO

De Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek is een van de belangrijkste wetenschapsfinanciers in Nederland en zorgt voor kwaliteit en vernieuwing in de wetenschap. NWO investeert jaarlijks ruim 650 miljoen in nieuwsgierigheidsgedreven onderzoek en onderzoek rond maatschappelijke uitdagingen. Op basis van adviezen van deskundige wetenschappers en relevante experts uit binnen- en buitenland selecteert en financiert NWO onderzoeksvoorstellen. NWO stimuleert nationale en internationale samenwerking, investeert in grote onderzoeksfaciliteiten, bevordert kennisbenutting en beheert onderzoeksinstituten. NWO financiert meer dan 5.600 onderzoeksprojecten aan universiteiten en kennisinstellingen.


Bron: NWO

Kenmerken

Wetenschapsterrein

Maatschappij- en Gedragswetenschappen Hersenen, Cognitie, Gedrag

Programma

Jeugd en gezin

Speerpunt

Samenwerken in thema's (2011-2014) Thema: Hersenen en cognitie (2007-2010)