Europese topmanagers bieden liever flexibiliteit dan deeltijdwerk

17 december 2015

Als het gaat om werk-privébeleid stellen Europese topmanagers het belang van hun organisatie boven dat van hun werknemers. Regelingen die het voor werknemers makkelijker moeten maken om werk en privé te combineren moeten bij voorkeur ook voor het bedrijf goed uitpakken, vinden werkgevers in Europa. Flexibele werktijden en thuiswerkmogelijkheden kunnen op topniveau op de meeste steun rekenen. Dat concludeert sociologe Wike Been in haar proefschrift ‘European top managers’ support for work-life arrangements’ dat met financiering van NWO Maatschappij- en Gedragswetenschappen is uitgevoerd. Zij promoveert vrijdag 18 december aan de Universiteit Utrecht.

Vader leest kind op schoot voorFoto: Shutterstock

Regelingen moeten voor bedrijf goed uitpakken

De discussie rond een goede werk-privébalans voor werknemers is een niet aflatende, maar in alle strategieën – minder werken, flexibel werken, thuiswerken, verlofregelingen en zo meer – spelen werkgevers een centrale rol. Het zijn de managers aan de top van organisaties die uiteindelijk beslissen welke regelingen werknemers aangeboden krijgen in aanvulling op wettelijke regelingen. Wike Been was geïnteresseerd in de vraag op welke gronden zij die organisatiestrategie bepalen.

Wike Been ondervroeg topmanagers op het niveau van CEO, CFO, leden van Raden van Bestuur, in Nederland, Verenigd Koninkrijk, Slovenië, Finland en Portugal. De vijf uitgekozen landen liggen met betrekking tot overheidsaanpak en nationale cultuur relatief ver uiteen, zodat alle uitersten aan bod kwamen. Ook varieerden de onderzochte organisaties en bedrijven sterk in omvang: van tien werknemers tot enkele duizenden. Been hield 78 interviews en deed een zogenoemd vignetexperiment – vraagstelling in de vorm van hypothetische ‘verhalen’ – onder ruim 200 topmanagers over de manier waarop zij nationale regelingen beoordelen en hun beleid uitstippelen. De nationaliteit van de managers kwam op een enkele uitzondering na overeen met het vestigingsland.

Regelingen als variabele werktijden en thuiswerkmogelijkheden moeten voor het bedrijf goed uitpakken, vinden werkgevers in Europa. Het levert flexibele werknemers op (‘voor wat hoort wat’, dus werknemers moeten in ruil voor de flexibiliteit zich ook aanpassen), potentieel langere openingstijden, minder overheadkosten en zo meer. Ook wordt het arbeidspotentieel van werknemers niet aangetast door deze regelingen – ze kunnen immers een volledige werkweek blijven draaien.

Wike Been: ‘Topmanagers stemmen hun beleid af op de nationale overheid. Ze doen wat wettelijk verplicht is, maar zijn in het algemeen niet enthousiast over het bovenwettelijk aanvullen van verlofregelingen, kinderopvang of deeltijdwerk. Hier is in hun ogen de win-winsituatie zoek. Voorbeeld: een advocaat in deeltijd moet net als de voltijds collega zijn kennis op peil houden en aan evenveel vergaderingen deelnemen. De declarabele uren blijven achter. Hij of zij is relatief duur.’

Werk-privébeleid 'maatschappelijke verantwoordelijkheid'

In de landen in de studie waar de overheid ruime verlofregelingen biedt of uitgebreide kinderopvang, Finland en Slovenië, zien werkgevers het niet als hun taak om die aan te vullen. Ze vinden het de verantwoordelijkheid van de overheid. In deze landen vinden topmanagers het echter wel vaker hun maatschappelijke verantwoordelijkheid om werk-privébeleid aan te bieden en daarmee is het in mindere mate alleen een bedrijfsmatige afweging.

Eerder onderzoek liet zien dat Amerikaanse bedrijven individueel werk-privébeleid vaak gebruiken om excellente werknemers te binden aan de organisatie. Die regelingen zijn dan niet beschikbaar voor iedereen. Het onderzoek van Wike Been laat zien dat Europese topmanagers er de voorkeur aan geven werk-privébeleid op te nemen in de algemene arbeidsvoorwaarden.

De studie door Wike Been naar beslissingen op dit niveau van organisaties is uniek. Nooit eerder was er rondom dit onderwerp op zo grote schaal gekeken naar dit echelon managers.

Meer informatie

W.M. (Wike) Been (1983) voltooide haar promotieonderzoek ‘European top managers' support for work-life arrangements’ aan de Universiteit Utrecht, Faculteit Sociale Wetenschappen, Departement Maatschappijwetenschappen, met financiering uit het NWO-programma European Science Foundation. Hoofdaanvrager van de 10-jarige studie naar ‘The changing relationship between work and care in the European workplace’ was prof. dr. ir. A.G. (Tanja) van der Lippe. 


Bron: NWO