Woorden minder willekeurig dan lang gedacht

6 oktober 2015

Het is een hoeksteen van de taalwetenschap: 'de willekeur van het taalteken', ofwel het principe dat de vorm van een woord je niets vertelt over de betekenis: 'hond' had net zo goed 'kat' kunnen heten. Maar er is steeds meer bewijs dat dit niet hele verhaal is: talen hebben meerdere manieren om vorm te verbinden met betekenis en die komen meer voor dan gedacht. Veni-laureaat Mark Dingemanse publiceert daarover met een internationaal team in het vakblad 'Trends in Cognitive Sciences'.

'Het idee van "de willekeur van het taalteken" is een prima theoretisch uitgangspunt: het helpt verklaren waarom we zoveel kunnen uitdrukken met taal,' zegt Dingemanse, taalwetenschapper aan het Max Planck Instituut en eerste auteur van de studie. 'Maar naarmate we beter begrijpen hoe we taal leren en gebruiken, wordt duidelijk dat het niet alles verklaart.' Dingemanse en zijn collega's maken de balans op van tien jaar onderzoek naar taal en laten zien dat het gevierde principe van de willekeur bijgestaan wordt door tenminste twee andere wijdverspreide manieren om vorm en betekenis met elkaar te verbinden.

Uit onderzoek van Veni-onderzoeker Mark Dingemanse blijkt dat talen meerdere manieren hebben om vorm te verbinden met betekenis (Beeld: Lyn Tomasi)Uit onderzoek van Veni-onderzoeker Mark Dingemanse blijkt dat talen meerdere manieren hebben om vorm te verbinden met betekenis (Beeld: Lyn Tomasi)

Ideofonen

De eerste is iconiciteit, waarbij de vorm van een woord iets verraadt over de betekenis. Dingemanse zelf doet al jaren onderzoek naar ideofonen, woorden waarbij dat verband extra duidelijk is: zo voelt bijna iedereen dat een woord als 'poemboeloe' eerder 'mollig' dan 'slank;  betekent. Ook in gebarentalen is iconiciteit heel belangrijk. Iconiciteit kan helpen om bepaalde woorden sneller of beter te leren.

De tweede manier is systematiciteit, waarbij de vorm van een woord iets verraadt over de grammaticale functie, bijvoorbeeld of het een naamwoord of een werkwoord is. Onderzoek van co-auteurs Monaghan en Christiansen laat zien dat dit in veel talen het geval is: zo zijn werkwoorden in het Engels gemiddeld iets kort dan naamwoorden, en hebben Japanse naamwoorden meer wrijfklanken ('s', 'z') dan werkwoorden. Zulke kleine verschillen – in elke taal weer anders – kunnen kinderen helpen om het taalsysteem onder de knie te krijgen.

Interdisciplinair team

Een belangrijke vraag is waarom de principes van willekeur, iconiciteit en systematiciteit alle drie naast elkaar kunnen bestaan in taal. Onderzoek wijst uit dat ze op verschillende manier van pas komen bij het verwerken, leren en gebruiken van taal. 'En dat is de crux,' zegt Dingemanse: 'Woorden zijn geen abstracte ideeën maar gebruiksvoorwerpen, en de manier waarop ze van mond tot mond – en van brein tot brein – gaan heeft invloed op hun vorm.' Nieuw onderzoek op het gebied van culturele evolutie kan helpen om de hedendaagse patronen te verklaren, zo suggereert het internationale team van auteurs.

Het artikel is geschreven door Dingemanse samen met Damián Blasi van het MPI for Mathematics in the Sciences & het MPI voor Evolutionaire Antropologie, Gary Lupyan van de Universiteit van Wisconsin-Madison, Morten Christiansen van Cornell University en Padraic Monaghan van de universiteit van Lancaster. Samen bestrijken de auteurs een breed palet aan vakgebieden in de cognitiewetenschap, van taalkunde en experimentele psychologie tot taalevolutie, wiskunde en vergelijkende taalwetenschap. Blasi: 'Taal is van belang voor alle cognitiewetenschappers, en voor een volledig begrip is een interdisciplinaire benadering steeds belangrijker.'

Meer informatie

Artikel 'Arbitrariness, Iconicity and Systematicity in Language'. Trends in Cognitive Sciences Dingemanse, Mark, Damián E. Blasi, Gary Lupyan, Morten H. Christiansen, and Padraic Monaghan. 2015. doi:10.1016/j.tics.2015.07.013.


Bron: NWO

Kenmerken

Wetenschapsterrein

Geesteswetenschappen

Programma

Vernieuwingsimpuls

Speerpunt

Investeren in talent en vrij onderzoek (2011-2014)