Ruim 4 miljoen voor 21 nieuwe promovendi in de geesteswetenschappen

27 mei 2015

Het Regieorgaan Geesteswetenschappen en NWO Geesteswetenschappen hebben 21 talentvolle onderzoekers geselecteerd om met financiering uit het programma 'Promoties in de geesteswetenschappen' promotieonderzoek te gaan doen. De promotietrajecten zijn geselecteerd uit de universiteiten betrokken bij het regieorgaan. Het doel van 'Promoties in de geesteswetenschappen' is om de aanwas en de doorstroom van jong talent in de geesteswetenschappen een impuls te geven.

In totaal is met deze toekenningsronde ruim 4 miljoen euro gemoeid. Het besluitnemend orgaan, bestaande uit prof. dr. Frits van Oostrom (voorzitter Regieorgaan Geesteswetenschappen) en prof. dr. Maarten Prak (voorzitter Gebiedsbestuur NWO Geesteswetenschappen) heeft op advies van de beoordelingscommissie de volgende projecten geselecteerd (in alfabetische volgorde van aanvragers, projecttitel is indicatief):

Relaties tussen Nederlandse kolonisten en indianen in de 17e en 18e eeuw
Aanvrager: prof. dr. J.T.J. Bak, RUN
Kandidaat: I. Plessius (v)
Wat is de relatie tussen Nederlandse kolonisten en Indianen in de periode van 1674 tot en met 1783? Zo krijgen we een goed beeld van de mogelijke rol die Nederlanders hebben gespeeld in de ontstaansgeschiedenis van de Verenigde Staten nadat Nieuw Nederland in handen was gevallen van de Britten.

Heilige plaatsen en verzoening tussen hindoes en boeddhisten in Sri Lanka
Aanvrager: prof. dr. H.L. Beck, UvT
Kandidaat: D. de Koning (v)
Heilige plaatsen vormen vaak een aanzet voor interreligieuze conflicten. Sri Lanka werd decennia lang geteisterd door een burgeroorlog tussen een Sinhalees-boeddhistische meerderheid en een Tamil-hindoe minderheid. De overheid, gedomineerd door boeddhisten, is na de oorlog gaan investeren in de ontwikkeling van heilige plaatsen om hindoe-toerisme in Sri Lanka te promoten, en daarmee economische ontwikkeling te stimuleren. Kan het fenomeen van herontdekte en nieuw uitgevonden heilige plaatsen, wanneer deze teruggevoerd kunnen worden op een gedeeld heilig verhaal (de Ramayana), positief bij kan dragen aan verzoening tussen hindoes en boeddhisten? En welke rol spelen rituelen daarbij?

Geluidskunst in kunstmusea
Aanvrager: prof. dr. K. Bijsterveld, UM
Kandidaat: L. Semmerling (v)
De opkomst van geluidskunst in kunstmusea in Duitsland en de Verenigde Staten (1960-nu) heeft de bestaande strategieën voor het tentoonstellen van hedendaagse kunst geproblematiseerd. Het doel is om empirische informatie over de (luister)ervaringen van kunstenaars, bezoekers en curatoren te verzamelen en op basis daarvan nieuwe strategieën voor het tentoonstellen van klinkende hedendaagse kunst te ontwikkelen.

Kosmopolitische beeldvorming van Trieste en Rijeka
Aanvrager: prof. dr. L.A. Bialasiewicz, UvA
Kandidaat: M. van Hout (v)
Culturele en politieke actoren hebben de Adriatische kosmopolitische identiteiten van Trieste en Rijeka vanaf het einde van de jaren 1980 verschillend vormgegeven en ervaren als stedelijke grenslanden. Het project concentreert zich op de vraag hoe de kosmopolitische beeldvorming van beide steden is vormgegeven in literatuur, visuele kunst, populaire cultuur en in officiële en semi-officiële uitingen van cultureel burgerschap, tegen de achtergrond van de multinationale geschiedenis en geopolitiek in de regio.

Cultureel erfgoed en collectieve Romeinse culturele identiteit
Aanvrager: prof. dr. S.L. de Blaauw, RUN
Kandidaat: M. van Deventer (m)
Gedurende de periode 410-610 na Christus bevond Rome zich in een fascinerende situatie. Haar inwoners werden omringd door oude instituties, tradities en een stadslandschap die hun glorieuze verleden weerspiegelden. Tegelijkertijd hadden het slinkende inwoneraantal, oorlogen en onrust het verval van het stedelijke landschap en instituties tot gevolg. Wat was in die context de rol van cultureel erfgoed en het culturele geheugen in de totstandkoming van een collectieve Romeinse culturele identiteit en zelfbeeld? Dit onderzoek benadert dit vraagstuk interdisciplinair met de nadruk op de archeologische en iconografische bronnen tegen de achtergrond van de literaire bronnen.

Sociale identiteiten door taalgebruik van Cité Duits
Aanvrager: prof. dr. L. Cornips, UM
Kandidaat: N. Pecht (v)
Tuinwijk in Belgisch Eisden maakt begin 1910 een stormachtige ontwikkeling door vanwege de vele immigranten met talloze verschillende moedertalen die in de nieuwe steenkoolindustrie gaan werken. Kinderen van deze immigranten ontwikkelen een nieuwe manier van spreken die zij Cité Duits noemen. Dit Cité Duits is een talige mengelmoes van Duits, (Limburgs) Nederlands en Limburgs dialect (Maaslands) en toont hoe complex de relatie tussen taal en plaats is. De kinderen spreken dit Cité Duits hun leven lang onder elkaar zowel ondergronds als bovengronds. Dit project bestudeert hoe sprekers in de voormalige Cité door talige praktijken sociale identiteiten construeren ('buitenlander', 'plaats').

Aardewerk en sociale complexiteit in het oude Griekenland
Aanvrager: prof. dr. J.P. Crielaard, VU
Kandidaat: A. Krijnen (v)
Aan de hand van technologische ontwikkelingen in het aardewerk uit prehistorisch Geraki, in het binnenland van het Zuid-Griekse Lakonië, analyseren we de diachronische processen met betrekking tot sociale complexiteit in de vroegste fase van de westerse beschaving en de rol die in het binnenland gelegen nederzettingen hierbij hadden.

Kunst, politiek en geopolitieke dynamiek
Aanvrager: prof. dr. C.J.M. van Eijck, EUR
Kandidaat: F. Weij (m)
Waarom krijgt Ai Weiwei veel aandacht, terwijl weinig mensen Jonas Staal kennen? Dit project onderzoekt de relatie tussen kunst en politiek in een tijd van veranderende geopolitieke dynamiek. De onderzoeker kijkt hierbij naar kunstenaars die activisme met kunst combineren, uit zowel Westerse als niet-Westerse landen, en hoe de receptie daartussen verschilt. Centraal staan de Westerse kunstwereld, nieuwsmedia en het brede publiek, door te kijken in hoeverre juist de kunst of het activisme onder de aandacht komt in de receptie van activistische kunstenaars.

Tekstborden en inscripties in vroegmoderne kerkinterieurs
Aanvrager: Prof. dr. R. Esser  (RUG)
Kandidaat: J. Wubs (v)
Door de Reformatie werden niet alleen de leer van de kerk en de liturgie maar ook de interieurs van kerkgebouwen diepgaand hervormd. In de late 16e en vroege 17e eeuw werden gedecoreerde tekstborden en inscripties in allerlei soorten en maten aangebracht in protestantse kerken. De functie van deze tekstborden als materiele voorwerpen met een theologische inhoud, in de kerk als ruimte voor een gemeenschap om samen te komen en rituelen te beleven, staat centraal in dit onderzoek.

'Maatschappelijke waardecreatie' en wetenschap
Aanvrager: prof. dr. F.A.J. de Haas, UL
Kandidaat: J.P. Smit (m)
Waarom besteden wij publiek geld aan wetenschappelijk onderzoek? Deze vraag staat tegenwoordig centraal in het Nederlandse wetenschapsbeleid. Wetenschappelijke kennis dient maatschappelijke en economische waarde op te leveren. Sinds 2004 heet deze publieke taak van de universiteit 'valorisatie'. In dit project staat de vraag centraal wat 'maatschappelijke waardecreatie' nu eigenlijk betekent als we het over wetenschap hebben. Hoe hebben filosofische veronderstellingen van Nederlands publiek gedachtegoed de praktijk van 'valorisatie' historisch vormgegeven? Deze studie benadert deze vragen op een unieke interdisciplinaire wijze vanuit de filosofie, geschiedenis en sociologie van wetenschap.

Vrouwen en huwelijk in het Oude Egypte
Aanvrager: prof. dr. O.E. Kaper, UL
Kandidaat: S.M.T. van Gompel (v)
Dit project onderzoekt huwelijkstradities in het Oude Egypte aan de hand van documenten uit het 1ste millennium voor Christus die de goederenovereenkomst tussen huwelijkspartners regelen. Deze documenten lijken aan te geven dat de Egyptische vrouw aanzienlijke financiële en wettelijke rechten bezat, terwijl zij in contemporaine culturen een zwakkere positie had. Door een onderzoek naar de onderliggende verwantschapsstructuren van het Egyptische huwelijk samen met de rechten, plichten en sociale status van de beide echtgenoten, worden de rol en de status van de Egyptische vrouw scherper dan voorheen gedefinieerd, mede ten opzichte van vrouwen in het buitenland.

Uitsluiting van Duitsers in Nederland na 1944
Aanvrager: prof. dr. S. Legêne, VU
Kandidaat: M. Oprel (v)
Het onderzoek richt zich op Duitsers in het gehele Nederlandse Koninkrijk, die na de Tweede Wereldoorlog collectief werden uitgesloten vanwege hun Duitse (staats)burgerschap. Met het in werking treden van het Besluit Vijandelijk Vermogen werden in oktober 1944 alle Duitsers in het Koninkrijk der Nederlanden tot vijandelijk onderdanen verklaard. Ongeacht hun politieke voorkeur of verblijfsplaats werd hun bezit onteigend door het Nederlands Beheersinstituut. Sommige Duitsers werden gearresteerd of uitgezet, anderen vluchtten; velen tekenden beroep aan. Centraal staat in dit onderzoek de betekenis van (staats)burgerschap in tijden van en na conflict als mechanisme van in- of uitsluiting.

De grondslagen van kunstkritiek
Aanvrager: prof. dr. C.M.K.E Lerm-Hayes, UvA
Kandidaat: N. de Leij (v)
Wat hebben maatschappijkritiek en kunstkritiek met elkaar te maken? En waarom zou een kunstwerk kritisch kunnen of moeten zijn? In dit project wordt onderzocht hoe het invloedrijke tijdschrift voor kunstkritiek en -theorie October, maatschappijkritiek en kunstkritiek samenbracht en hierbij de opvatting dat kunst kritisch kan of moet zijn tot een wijdverspreid geaccepteerd idee ontwikkelden. Er wordt onderzocht welke filosofische stromingen en concepten die ten grondslag lagen aan Octobers kunstkritiek en hoe dit resulteerde in de canonisering van een specifieke groep kunstenaars en kunststromingen in de recente kunstgeschiedenis.

Migratie en sociale verandering in Zuid-Azië
Aanvrager: prof. dr. L.A.C.J. Lucassen, UL
Kandidaat: G. Joshi (v)
Werd migratie in Zuid-Azië – met name in de gebieden Delhi en 24-Parganas (Bengalen) – in de periode c.1700-1860 een bron van maatschappelijke verandering? Het onderzoek reconstrueert eerst en vooral de migratiebewegingen en identificeert vervolgens factoren die de invloed van migratie beperkten, dan wel versterkten. De veronderstelling is dat, in tegenstelling tot de achttiende eeuw, migratie in de negentiende eeuw door de staat binnen relatief vaste patronen werd gekanaliseerd. Hierdoor werd ook de invloed van migratiestromen op de samenleving verminderd. Deze beperking was het gevolg van de toenemende centralisatie van kapitaal en macht, die zowel een consequentie als motor van de Britse kolonisatie was.

Paracelsus en het 'Paracelsisme'
Aanvrager: prof. dr. C.H. Lüthy, RUN
Kandidaat: L. de Vries (v)
Paracelsus bracht als een van de eersten scheuren aan in eeuwenoude filosofische en geneeskundige tradities. Als gevolg hiervan stonden in de decennia na hem beide disciplines op hun kop, net zoals de theologie. In dit onderzoek staan de discussies tussen volgers en tegenstanders van Paracelsus centraal, om een beter beeld te krijgen van het fenomeen 'Paracelsisme' dat ontstond ten tijde van een radicale transformatie in de geneeskunst, anatomie, theologie en de (natuur)filosofie.

Inscripties en globalisering in de Hellenistische periode
Aanvrager: prof. dr. O.M. van Nijf, RUG
Kandidaat: S. Kamphorst  (v)
Het project richt zich op inscripties die te maken hebben met de contacten tussen Griekse steden in de eerste twee eeuwen van de Hellenistische periode (ca. 330-100 v.Chr.), en heeft als doel te achterhalen hoe deze inscripties de Griekse steden nader tot elkaar brachten in een zogenoemde 'imagined community'. Door gebruik te maken van de moderne concepten 'globalisering' en 'mediatisering', en deze toe te passen op een uitgebreide database van inscripties, probeert het project op innovatieve wijze tot een beter begrip te komen van zowel de antieke als de moderne wereld.

Nederlandse klankveranderingen leren, verwerken en versterken
Aanvrager: prof. dr. M. van Oostendorp, UL
Kandidaat: C.C. Voeten (m)
De klinkers van het Nederlands zijn snel en ingrijpend aan het veranderen op een manier die doet denken aan de beroemde Great Vowel Shift uit het Middelengels. Dit project onderzoekt experimenteel en theoretisch hoe sprekers en luisteraars van het Nederlands van vandaag de dag deze veranderingen actief opnemen in hun eigen spraak en in hun waarneming van spraak om hen heen, maar vooral ook hoe klankveranderingen geleerd, verwerkt en versterkt worden. Het onderzoek verschaft ons inzicht in de ontwikkeling van het Nederlands, maar ook in de algemene cognitieve en taalkundige processen achter klankverandering.

Wie is wie in de Hebreeuwse poëzie in de Psalmen?
Aanvrager: prof. dr. W.Th. van Peursen, VU
Kandidaat: C. Erwich (m)
Een grote uitdaging voor de lezer van Hebreeuwse poëzie in de Psalmen is de continue wisseling van personen. We vinden voortdurend verschuivingen van 'ik' naar 'wij', naar 'hij', terwijl het lang niet altijd duidelijk is waarnaar verwezen wordt of wie er aan het woord is (God, een priester, profeet of koning?). Een computerondersteunde systematische analyse van deze verschuivingen helpt bij de identificatie van degenen door wie, tot wie en over wie gesproken wordt, terwijl de toepassing van Social Network Analysis helpt om hun onderlinge relaties in kaar te brengen.

Politieke apathie en 'engagement'
Aanvrager: prof. dr. P.P.R.W. Pisters, UvA
Kandidaat: E. Sancho Rodriguez (v)
Democratie is afhankelijk van betrokken burgers. Politieke apathie vormt daarom binnen democratische samenlevingen een bedreiging voor haar stabiliteit. Een urgente vraag is welke ideeën een rol spelen in de hedendaagse politieke apathie van jonge burgers. Een prominente beweging in 21e-eeuwse populaire cultuur heeft juist de problemen rondom het politieke engagement van jonge burgers tot haar onderwerp gemaakt. Dit project onderzoekt hoe in deze New Sincerity beweging specifieke ideeën over de verhouding tussen het individu en het politieke zichtbaar worden. In New Sincerity worden Romantische en Kosmopolitische idealen over persoonlijke authenticiteit en oprechtheid herontdekt als voedingsbodem voor engagement.

Galileo's reputatie en wetenschappelijke status
Aanvrager: prof. dr. A.S.Q. Visser, UU
Kandidaat: A.L. Post (v)
Wat is wetenschappelijke status en hoe komt die tot stand? Wat is de invloed van roem op wetenschappelijke geloofwaardigheid en de doorbraak van nieuwe ideeën? Dit project onderzoekt hoe de reputatie van misschien wel de meest omstreden wetenschapper aller tijden, Galileo Galilei, tot stand kwam en hoe die reputatie zich ontwikkelde gedurende zijn carrière, die met het beruchte proces in 1633 wel geschaad maar geenszins beëindigd werd. Welk effect hadden de pogingen van anderen om Galileo's reputatie te versterken of er juist aan te tornen op zijn wetenschappelijke geloofwaardigheid en de acceptatie van zijn ontdekkingen en ideeën?

Heiligheid en zelfverhongering als publieke performance
Aanvrager: prof. dr. G.A. Wiegers, UvA
Kandidaat: I.L.N. Wamelink (v)
Dit onderzoek kijkt naar middeleeuwse beschrijvingen van de zelfverhongering van vrouwelijke heiligen en richt zich in het bijzonder op het publiek dat in deze verhalen genoemd wordt. Het beeld van heiligheid en niet-eten als publieke performance, alsmede de verhalen hierover die gedeeld werden met een publiek staan centraal en worden onderzocht in vergelijking met hedendaagse vormen van zelfgekozen honger.

Meer informatie


Bron: NWO