Elf projecten behoud cultureel erfgoed van start

16 december 2015

Binnen de eerste financieringsronde van het NICAS (Netherlands Institute for Conservation, Art and Science), zijn zes onderzoeksvoorstellen en vijf seed money proposals goedgekeurd. Eén van de onderzoeksprojecten wordt volledig gefinancierd door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE). In deze eerste ronde was door NWO 1,5 miljoen euro beschikbaar gesteld voor interdisciplinaire samenwerkingsprojecten tussen wetenschappers en musea.

Minister Bussemaker maakt kennis met het onderzoek binnen het NICAS

Het NICAS verenigt kunstgeschiedenis en conservering van kunstobjecten met natuurwetenschappen. Het instituut is een initiatief van NWO Exacte Wetenschappen in samenwerking met het Rijksmuseum, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, de Universiteit van Amsterdam en de Technische Universiteit Delft. Het instituut streeft kwaliteitsverbetering na als het gaat om de interpretatie, het behoud en de presentatie van kunstwerken.

De gehonoreerde onderzoeksvoorstellen

Metalen verklappen herkomst kunst
Prof. dr. G.R. Davies, Vrije Universiteit Amsterdam

Partners: Universiteit van Konstanz, Rijksmuseum Amsterdam, Universiteit van Amsterdam, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

Binnen dit project ontwikkelen de onderzoekers nieuwe gereedschappen en kennis om beter te kunnen herleiden waar en wanneer kunstvoorwerpen zijn gemaakt. Ze baseren de nieuwe herkomstmethode op eigenschappen van de metalen die in de voorwerpen zijn verwerkt. Door deze eigenschappen en hun veranderingen in de tijd te vergelijken met die van de metalen in objecten waarvan de herkomst bekend is, is een idee te geven hoe, waar  en wanneer de ruwe materialen zijn verwerkt tot specifieke producten.


Degradatie bindmiddelen in beeld

Prof. dr. P.D. Iedema, Universiteit van Amsterdam
Partners: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Universiteit van Amsterdam, Technische Universiteit Eindhoven

Olieverfschilderijen bevatten anorganische materialen die in de tijd degraderen. Dit leidt tot zichtbare veranderingen in het schilderij, zoals verkleuringen. In dit project bestuderen de onderzoekers veranderingen die optreden in middelen zoals lijnzaadolie die bedoeld zijn om pigmenten te binden. Met deze kennis willen zij een voorspellend model ontwikkelen dat gebruikt kan worden om goede keuzes te maken bij het restaureren van schilderijen.

Computer vindt stijlontwikkeling
Prof. dr. M. Worring, Universiteit van Amsterdam
Partner: Rijksmuseum Amsterdam

Met dit project willen de onderzoekers een semi-geautomatiseerd systeem ontwerpen dat de ontwikkeling van schilderstijlen kan volgen in de tijd. Ze vertalen aanwezige kennis over het maakproces en de eigenschappen van gebruikte materialen in een computermodel. Dat model moet kunsthistorici helpen om in grote verzamelingen van schilderijen gelijksoortige werken te vinden, die bijvoorbeeld uit dezelfde periode stammen of in dezelfde plaats gemaakt zijn. De resulterende gereedschappen zullen als open source software beschikbaar gesteld worden aan de maatschappij.

Nieuw licht op structuur stillevens
Prof. dr. J.F.J.H. Stumpel, Universiteit Utrecht
Partner: Technische Universiteit Delft

Het doel van dit project is om meer inzicht te krijgen in technieken, productie, materiaalgebruik en oppervlaktestructuren van stillevens in de Gouden Eeuw. Geschiedkundige reconstructies worden gecombineerd met een natuurwetenschappelijke en computationele analyse van oppervlaktestructuren van schilderijen onder verschillende lichtcondities. Daarnaast zullen beeldherkenningstechnieken worden ingezet om bekende structuren uit verschillende perioden met elkaar te vergelijken.

Lijmveroudering in kaart gebracht
Dr. J.A. Poulis, Technische Universiteit Delft
Partners: Permacol BV, Stichting Restauratie Atelier Limburg, Universiteit van Amsterdam, Stedelijk Museum Amsterdam, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

Bij de restauratie van kunstvoorwerpen worden veelal kleefstoffen zoals lijm en hars gebruikt om loslatende delen aan elkaar te plakken. Over het algemeen is echter niet bekend hoe deze stoffen gedurende de tijd verouderen, en hoe hun kleefeigenschappen en kleur veranderen. In dit project wordt gekeken naar de chemische en natuurkundige verouderingseigenschappen van kleefstoffen. Deze kennis kan vervolgens worden gebruikt om keuzes te maken welke kleefstof te gebruiken voor welk kunstwerk.

Inzicht inkttekeningen Rembrandt
Dr. E.B.M. Hinterding, Rijksmuseum Amsterdam
Rembrandt heeft niet alleen een omvangrijk oeuvre aan schilderijen geproduceerd, maar ook een schat aan inkttekeningen. In dit project worden state-of-the-art optische technieken gebruikt om enkele van zijn inkttekeningen te karakteriseren.  Gegevens over de samenstelling van de inkt en de interactie tussen inkt en papier worden gecombineerd in een model dat gebruikt kan worden om deze tekeningen te dateren, en om vast te kunnen stellen of een tekening echt van Rembrandt zelf is. Daarnaast levert het project inzichten op over de ontwikkeling van Rembrandt als pentekenaar.
(Gehonoreerd door de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed)

De gehonoreerde kiemprojecten

Bewijs op waarde schatten
Dr. M.J.N. Stols-Witlox, Universiteit van Amsterdam
Partner: Nederlands Forensisch Instituut

Om vragen over echtheid en leeftijd van kunstwerken te kunnen beantwoorden, hebben kunsthistorici tegenwoordig de beschikking over een veelheid aan technieken. Naast de analyse van de gebruikte stijl en archiefonderzoek, kunnen ook röntgenopnamen, isotopenonderzoek en andere optische technieken informatie verschaffen over een kunstwerk. Maar welke informatie is nu het meest belangrijk? De onderzoekers gebruiken een techniek uit de wiskunde, Bayesiaanse netwerken, om de verschillende soorten bewijs op waarde te schatten.

Organische polymeren op metaal
Dr. J.M.C. Mol, Technische Universiteit Delft
Partners: Rijksmuseum Amsterdam, Universiteit van Amsterdam

Het doel van dit project is om meer kennis te verwerven over degradatiemechanismen van organische polymeren zoals verf op metalen objecten. Organische polymeren worden niet alleen gebruikt om objecten te versieren, maar dienen soms ook als beschermende coating die roestvorming van het onderliggende metaal tegen moet gaan. Na verloop van tijd vergaat het polymeer. Soms is het niet eens meer zichtbaar dat er ooit een laag verf bovenop het metaal heeft gezeten. Om een kunstwerk in zijn oorspronkelijke staat terug te kunnen brengen, is het essentieel te achterhalen welke lagen het heeft bevat.

Delfts blauw glazuur
Dr. J. van Campen, Rijksmuseum Amsterdam
Partners: Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, Colour4Free, Restauratieatelier Mandy Slager, Universiteit van Amsterdam

Dit project richt zich op het glazuur dat werd gebruikt op Delfts blauwe objecten. Begrip van de samenstelling van het glazuur is nodig om een voorwerp zodanig te kunnen restaureren dat het de kleur krijgt die het oorspronkelijk had. Met lasertechnieken wordt de samenstelling van verschillende gebruikte glazuren gemeten. Met behulp van neurale netwerken zal de oorspronkelijke kleur van een object met zo’n glazuurlaag worden berekend.

Glans goudleer behouden
Dr. R.M. Groves, Technische Universiteit Delft
Partners: Stichting Restauratie Atelier Limburg, Universiteit van Amsterdam, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed

Goudleer bestaat uit een lederen ondergrond, waarop decoratieve elementen zijn aangebracht van dierlijke lijm, zilver, eiwit en een geelkleurige lak. Samen geven zij het leer een gouden glans. Vroege pogingen om goudleer te conserveren, maakten gebruik van olies en soorten wax, waardoor de decoraties mat en donker werden. Binnen dit project wordt gekeken hoe de verschillende onderdelen degraderen, om op basis daarvan een betere restauratiestrategie te kunnen ontwikkelen.   

Metalen objecten, schilderijen en foto’s
Prof. dr. M. Tromp,  Universiteit van Amsterdam
Partner: Rijksmuseum Amsterdam

Hoe zagen metalen delen van kunstwerken zoals beelden, schilderijen en foto’s er oorspronkelijk uit, en hoe kunnen we ervoor zorgen dat hun uiterlijk stabiel blijft? Om die vraag te beantwoorden, onderzoeken de wetenschappers een aantal objecten met optische technieken zoals röntgenopnames. Op die manier willen ze de materiaaleigenschappen van de metalen bestuderen tijdens het schoonmaken, tijdens veroudering en onder verschillende omgevingsomstandigheden.



Bron: NWO

Kenmerken

Wetenschapsterrein

Exacte Wetenschappen Geesteswetenschappen

Speerpunt

Samenwerken in thema's (2011-2014) Thema: Creatieve industrie (2011-2014)