Minder dopamine veroorzaakt slechter werkgeheugen bij schizofrenie

10 februari 2015

Patiënten met schizofrenie hebben een lager dopamine niveau in de prefrontale cortex dan mensen zonder deze hersenaandoening. Wetenschappers vermoedden dat al langer, maar NWO-onderzoeker Elsmarieke van de Giessen heeft het nu met behulp van hersenscans voor het eerst vastgesteld. Dit lagere dopamineniveau maakt het hersengebied minder actief waardoor deze patiënten een slechter werkgeheugen hebben. Dit verklaart mogelijk waarom het voorschrijven van antipsychotica niet altijd het gewenste effect heeft. Van de Giessen publiceert hierover in het online februarinummer van het wetenschappelijke tijdschrift JAMA Psychiatry.

Beeld: Hollandse Hoogte

Schizofrenie is een hersenaandoening waarbij psychoses, hallucinaties en paranoïde gevoelens kunnen optreden. Daarnaast kan er sprake zijn van een gebrek aan motivatie en emotionele vervlakking. Patiënten hebben ook vaak problemen met het werkgeheugen. Het werkgeheugen speelt een rol bij actieve denkprocessen zoals nieuwe informatie opslaan of oude herinneringen activeren. 

Dopamine

Tot nu toe wisten onderzoekers niet precies waarom patiënten met schizofrenie een slechter werkgeheugen hebben en cognitief minder goed functioneren. Onderzoekers vermoedden al langer dat patiënten met schizofrenie minder dopamine hebben in een deel van de hersenschors, de dorsolaterale prefrontale cortex (ongeveer bij het bovenste en buitenste deel van het voorhoofd). Dopamine is een neurotransmitter die signalen doorgeeft tussen zenuwcellen in de hersenen.

Die verminderde hoeveelheid dopamine in de cortex heeft Elsmarieke van de Giessen nu voor het eerst vastgesteld met behulp van PET-scans. De deelnemers aan het onderzoek (20 schizofrenie patiënten en 21 gezonde personen) kregen een licht radioactief stofje toegediend dat bindt aan het dopaminesysteem en dat de scanner kan meten. Zij kregen een scan voor en na stimulatie van het dopaminesysteem met amfetamine om zo de hoeveelheid dopamine in de hersenen te meten.

Naast de verminderde hoeveelheid dopamine in de hersenschors stelde Van der Giessen ook vast dat dit verminderde dopamineniveau inderdaad te maken heeft met een slechtere functie van het werkgeheugen. Met functionele MRI (fMRI) kon ze de hersenactiviteit in de dorsolaterale prefrontale cortex meten wanneer patiënten een taak uitvoerden die door het werkgeheugen wordt aangestuurd. De patiënten die tijdens de uitvoering van de taak minder hersenactiviteit vertoonden, bleken ook een lage hoeveelheid dopamine te hebben.

Antipsychotica

Een bijkomend effect van deze twee vaststellingen is dat het mogelijk kan verklaren waarom de behandeling met antipsychotica niet altijd het gewenste effect heeft. Patiënten met schizofrenie krijgen standaard een behandeling met medicatie die het dopaminesysteem gedeeltelijk blokkeert. Deze antipsychotica werken goed ter vermindering van het aantal psychoses en hallucinaties, maar zouden een negatief effect kunnen hebben op functies die door de dorsolaterale prefrontale cortex aangestuurd worden. Dit komt wellicht doordat het dopamineniveau daar al verlaagd is. Dit is echter niet met zekerheid te zeggen omdat antipsychotica ook werken op andere neurotransmitters. Door de interacties van die systemen zou het effect op het werkgeheugen weer kunnen meevallen. Verder onderzoek is hier nodig.

Elsmarieke van de Giessen voerde dit onderzoek uit aan Columbia University, New York. Ze kreeg hiervoor in 2011 van NWO een Rubicon beurs, die bedoeld is om jonge Nederlandse onderzoekers ervaring te laten opdoen in het buitenland.

Artikel


Bron: NWO

Contact

Neem voor meer informatie contact op met de afdeling Communicatie, via +31 (0)70 344 07 29 of mail naar: