Lancering van het boek ‘Agriculture Beyond Food: experiences from Indonesia'

Dilemma’s van groene economie

27 november 2014

Het gebruik van planten voor biomassa is enorm vergroot, maar de toepassing ervan kan ook een bedreiging vormen voor duurzaamheid. Het NWO-KNAW onderzoeksprogramma Agriculture Beyond Food bestudeert ontwikkelingen en mogelijke dilemma’s op het gebied van groene economie in Indonesië. Tijdens een afsluitend symposium in Jakarta is op 27 november het publieksboek , ‘Agriculture Beyond Food: experiences from Indonesia’, aangeboden aan de Indonesische onderminister van Research, Technology and Higher Education, Agus Hoetman door NWO-WOTRO directeur Renée van Kessel.

Van links naar rechts: Enny Sudarmonowati (Adjunct directeur van het LIPI for Life Sciences and Indonesische programmacoordinator van AbF), Renée van Kessel (Directeur van NWO-WOTRO Science for Global Development), Agus Hoetman (onderminister van Science and Technology Network bij het Ministry of Science, Technology and Higher Education), Wouter Plomp (Adjunct Ambassadeur van de Nederlandse Ambassade in Indonesie).Van links naar rechts: Enny Sudarmonowati, Renée van Kessel, Agus Hoetman en Wouter Plomp. Credits: Sikko Visscher (KNAW)

Het groeiende belang van landbouw voor andere doelen dan voedsel heeft tegenstrijdige consequenties. Uit onderzoek in het kader van het wetenschappelijke onderzoeksprogramma Agriculture Beyond Food (ABF) blijkt dat in Indonesië het verbouwen van oliepalm een belangrijke impuls geeft aan economische groei. Deze expansie gaat echter in toenemende mate ten koste van rijstgebieden, wat haaks staat op het streven naar voedselzekerheid. Gelijktijdig gaat de uitbreiding gepaard met ontbossing en expansie in de ecologisch kwetsbare veengebieden met negatieve gevolgen voor duurzaamheid.

Eén van de uitdagingen is om óók op kleinschalig niveau de voordelen van duurzaamheid te verwezenlijken door bijvoorbeeld het gebruik van afvalproducten voor energieopwekking. Hiervoor zijn niet alleen technologische oplossingen nodig, maar ook een consequent en lange termijn beleid. Indonesië staat, net zoals veel andere opkomende economieën, voor de uitdaging om te profiteren van de productie van biomassa, zonder de voedselzekerheid, biodiversiteit en sociaaleconomische ontwikkeling in gevaar te brengen. Om deze uitdaging aan te gaan, hebben technische, sociale, economische en juridische wetenschappers samengewerkt en is de gehele context van de groene economie meegenomen.

Onderzoeksresultaten

Oliepalmen, West Kalimantan. Foto: Yayan Indriatmoko (CIFOR)

Volgens het afsluitende boek, ‘Agriculture Beyond Food: experiences from Indonesia’, is één van de hoofdconclusies van de Nederlandse en Indonesische onderzoekers dat Jatropha de belofte niet lijkt te kunnen waarmaken. Dit komt onder andere door tegenvallende opbrengsten en een contraproductieve stimuleringsmaatregelen vanuit de overheid, bijvoorbeeld subsidies voor fossiele brandstoffen. Daarbij is Jathropa een relatief jong gewas, en moeten er in de genetische ontwikkeling slagen worden gemaakt om beter te kunnen profiteren. Dit maakt Jatropha risicovoller dan bijvoorbeeld oliepalm.

Het verbouwen van palmolie is lucratiever, zowel voor grote ondernemers als lokale boeren. Dit komt onder andere omdat palmolie zowel op food-markt als de non-food-markt kan worden afgezet. Zo kunnen producenten de palmolie verkopen op de markt die de hoogste opbrengst genereert. De negatieve impact op de omgeving, zoals veengebieden en bossen, en op de productie van rijst is echter substantieel. Daarom zou oliepalm moeten worden verbouwd op marginaal land, dat anders niet wordt gebruikt. Echter, ook deze grond is niet altijd marginaal, bijvoorbeeld omdat ze een functie heeft als overstromingsbuffer of voor lokaal gebruik zoals het verzamelen van voedsel, brandhout en veevoer. De toekomst moet dus gericht zijn op de optimalisering in plaats van de maximalisering van opbrengsten.

ABF richt zich tevens op mobiele technologieën om lokaal biodiesel te produceren. Uit onderzoek is gebleken dat deze innovaties veel impact hebben op de levens van lokale boeren en daarom in een proces van co-creatie moeten worden ontwikkeld. Een voorbeeld is het gebruik van ethanol, uit lokaal gefermenteerde biomassa, in plaats van het gangbare methanol. Een tweede wetenschappelijke doorbraak is het gebruik van het overblijvende residu voor biodiesel synthese en als veevoer, wat het economische voordeel voor de lokale bevolking vergroot.

Agriculture Beyond Food onderzoeksprogramma

Het onderzoeksprogramma Agriculture Beyond Food stimuleert lange termijn samenwerking tussen onderzoeksgroepen uit Indonesië en Nederland over het potentieel van biomassa en de maatschappelijke, economische en beleidsimpact. Het sluit aan op het NWO-thema Duurzame Aarde en het Scientific Programme Indonesia - Netherlands (SPIN) van de KNAW. Agriculture Beyond Food is onderverdeeld in drie clusters: het invoeren van Jatropha als alternatieve biobrandstof, mobiele technologieën voor de productie van biodiesel, en de effecten van een toenemende productie van palmolie. Agriculture Beyond Food is gestart in 2008, en in totaal is 2,5 mln euro beschikbaar gesteld voor het onderzoek. Het programma wordt gefinancierd door de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO-WOTRO), de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW), en uitgevoerd in samenwerking met het Indonesische ministerie van Hoger Onderwijs, Onderzoek en Technologie (voorheen RISTEK).

Bron: NWO