Wat maakt samen leren op gelijkwaardige basis effectief?

4 november 2014

Activiteiten waarin leraren op gelijkwaardige basis met elkaar leren, leiden tot positieve opbrengsten op het niveau van de individuele leraar – zijn kennis en lesgedrag – en bij leerlingen. Dat is een van de uitkomsten van de door NRO gefinancierde reviewstudie Leraren leren als gelijken die is uitgevoerd door Marieke Thurlings en Perry den Brok, verbonden aan de Eindhoven School of Education (ESoE) van de Technische Universiteit Eindhoven.

In de reviewstudie stond de vraag centraal: wat werkt bij het leren van leraren als gelijken, voor wie en onder welke omstandigheden. Om deze vraag te beantwoorden, stelden zij op basis van bestaand onderzoek en eerdere reviews veronderstellingen op. Deze veronderstellingen verwoordden waarom het leren als gelijken door leraren en door studentleraren zou moeten werken. De veronderstellingen werden vervolgens getoetst aan 76 artikelen die op basis van criteria werden geselecteerd uit een grotere ‘pool’ van bijna 1.000 artikelen.

Samen leren: samenwerken, beoordelen, coachen

Eerdere reviews waren beperkt in die zin dat deze zich alleen richtten op specifieke vormen van collectief leren van leraren, bijvoorbeeld leergemeenschappen of peer coaching. Een tweede beperking was dat deze reviews zich richtten op óf alleen studentleraren óf alleen zittende leraren. Ten derde was een deel van deze reviews inmiddels behoorlijk verouderd.

In de review Leraren leren als gelijken werden meerdere vormen van samen leren onderzocht – onder meer samenwerken, elkaar beoordelen en elkaar coachen – bij zowel student-leraren als zittende leraren. Bovendien konden Thurlings en Den Brok met deze methodiek (de zogenaamde Realist synthesis) komen tot heel praktische tips. Een selectie daarvan staat hiernaast. 

Wanneer effectief

Thurlings en den Brok toetsten 13 veronderstellingen. Zij concludeerden dat effectieve activiteiten waarin (student)leraren als gelijken leren, leiden tot kennisontwikkeling, aanpassing van het lesgedrag, en betere prestaties en minder probleemgedrag bij leerlingen. Wanneer en hoe is er sprake van effectieve ‘samen leren’-activiteiten?

  • Nieuwe kennis opdoen en toepassen
    Zulke activiteiten worden effectief door middel van een combinatie van het ontwikkelen van nieuwe kennis en deze actief in de klas of in de stage uit te proberen.
  • Goede facilitator
    Wat de activiteiten verder effectief maakte, was een goede groepsleider (facilitator) die inspeelt op het niveau en behoefte van de groep en uitnodigt tot actief deelnemen.
  • Reflectie en feedback
    Een ander kenmerk voor effectiviteit was het inzetten van reflectie en feedback. Reflectie kan uitgelokt worden bijvoorbeeld door bij elkaar in de klas te kijken. Feedback helpt de (student)leraar om zichzelf verder te ontwikkelen. Ook vonden Thurlings en den Brok dat reflectie- en feedbackvaardigheden verbeterden door er tijdens het samen leren mee te oefenen, door training en door het anderen te zien doen.
  • Tijd
    Verder bleek dat tijd een belangrijke rol speelt: een gebrek aan tijd (bijvoorbeeld in roosters) hinderde de effectiviteit. Andersom gaat het ook op: als er tijd was, bleek dat dit ook de effectiviteit ten goede kwam.
  • Gebruik van video
    Een van de veronderstellingen was dat het gebruik van video-opnames de effectiviteit zou verhogen. Het bleek inderdaad dat video-opnames leidden tot begrip en inzicht. Maar, de apparatuur moest beschikbaar zijn en werken; en (student)leraren moesten met de apparatuur kunnen werken.
  • Randvoorwaarden
    Ten slotte bleek uit de reviewstudie dat persoonlijke, interpersoonlijke en randvoorwaardelijke factoren van invloed zijn op de effectiviteit van de activiteiten. Met andere woorden: niet alleen de vorm, opzet en middelen van een activiteit leiden tot opbrengsten, maar ook de deelnemers en omgeving spelen een rol. De belangrijkste persoonlijke factor bleek motivatie en betrokkenheid: hoe gemotiveerder en meer betrokken deelnemers waren, hoe effectiever de activiteiten. De belangrijkste interpersoonlijke factor was vertrouwen: dit lag aan de basis van alle ‘samen leren’-activiteiten. Belangrijke randvoorwaarden zijn training in bijvoorbeeld het omgaan met videoapparatuur, praktische en sociale steun van schoolleiding en lerarenopleiders.

 

De laatste stap in de gevolgde methodiek was het opstellen van praktische aanbevelingen in een uitgebreide checklist: te downloaden via de wiki van de onderzoekers.

Meer informatie

Bron: NWO

Kenmerken

Wetenschapsterrein

Maatschappij- en Gedragswetenschappen Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek

Programma

Programmaraad voor het onderwijsonderzoek (PROO)

Speerpunt

Samenwerken in thema's (2011-2014)