NWO-bijdrage aan Kennis- en Innovatiecontract 2014 en 2015

NWO zorgt voor maatwerk in samenwerking tussen onderzoekers en bedrijfsleven

2 oktober 2013

Op 2 oktober 2013 heeft NWO als een van de betrokken organisaties het Nederlandse Kennis- en Innovatiecontract voor 2014 en 2015 getekend. Met het Kennis- en Innovatiecontract onderschrijven overheid, bedrijfsleven en kennisorganisaties de inhoudelijke ambities voor de topsectoren met als doel het Nederlandse kennis- en innovatiesysteem te versterken. In totaal wordt een bedrag van 4 miljard euro geïnvesteerd. De NWO-bijdrage koppelt wetenschappelijk onderzoek aan de topsectoren. NWO draagt hieraan in 2014 210 miljoen euro bij en in 2015 275 miljoen euro. NWO bestemt o.a. ruim 200 miljoen euro voor onderzoek waaraan ook bedrijven meebetalen: publiek-private samenwerking. In de NWO-bijdrage wordt ook een verbinding gelegd met maatschappelijke opgaven, die ook in Europese programma’s een grote rol spelen.

NWO-bijdrage aan Kennis- en Innovatiecontract 2014 en 2015

NWO is verantwoordelijk voor het selecteren van de beste wetenschappelijk onderzoeksprojecten binnen de topsectoren. Dat doet NWO via een systeem van open competitie, volgens strenge kwaliteitsmaatstaven en met onafhankelijke experts (peer review). Zo waarborgt NWO de kwaliteit en wordt een solide basis onder innovatie gelegd. Daarnaast biedt NWO maatwerk binnen het topsectorenonderzoek, van grootschalige programma's tot kleinere projecten waaraan één bedrijf meewerkt. De procedures worden afgestemd op de aard van die samenwerking.

Samengevat bestaat de NWO-bijdrage voor de topsectoren uit een drietal pijlers:

1. Publiek-private samenwerking (PPS)

De publiek-private samenwerking in onderzoek verloopt via de afspraken ('spelregels') die met overheid en bedrijfsleven zijn opgesteld en die worden onderschreven door alle 9 topsectoren. Ze maken de verbinding tussen onderzoekers en bedrijfsleven transparanter. De samenwerking tussen bedrijfsleven en onderzoekers varieert in de mate van intensiteit van samenwerking en naar omvang van de medefinanciering door het bedrijfsleven. Zo zijn er programma's waarvan de cofinanciering door bedrijven kan oplopen tot 40 a 50%, en brede, topsector-overstijgende calls waar de onderzoeksvraag door kennispartners en het bedrijfsleven gezamenlijk worden opgesteld en bedrijven een kleinere bijdrage leveren. Voorbeelden zijn o.a. het Advanced Research Center Nanolithografie, een samenwerkingsverband tussen NWO/FOM, de twee Amsterdamse universiteiten en ASML, en verder de samenwerking aan een kwantumcomputer tussen de TU Delft, bedrijfsleven en overheid binnen het nieuw opgerichte instituut QuTech. Het Basisprogramma voor Agri&Food en Tuinbouw & Uitgangsmaterialen is een multidisciplinair onderzoeksprogramma. Een ander voorbeeld is Maatschappelijk verantwoord innoveren (MVI), onderdeel van de Sociale Infrastructuur Agenda (SIA), waar onderzoek in de maatschappij- en gedragswetenschappen bij betrokken is. De programma's Valorisation Grant en Demonstrator zijn er voor start-ups gebaseerd op nieuwe kennis en technologie die aan kennisinstellingen is ontwikkeld.

2. Privaat-publieke programmering (PPP)

Kenmerkend is hier gezamenlijke programmering zonder verplichte bijdrage van bedrijven. PPP bestaat uit een vijftal componenten: thematische programma's, de bijdrage van NWO-instituten, onderzoeksfaciliteiten, praktijkgericht onderzoek en Europese programma's.

Thematische programma's zijn vaak multidisciplinair. Een voorbeeld is een call voor ontwerpende disciplines binnen de topsector Creatieve Industrie en het programma The New Delta van de topsector Water. De bijdrage van NWO-instituten betreft onderdelen van het werkprogramma en betrokkenheid via o.a. nationale onderzoeksfaciliteiten, bv. de nationale roadmap voor grootschalige onderzoeksfaciliteiten, en de structurele investeringen van NWO i.s.m. SURF in de Nederlandse ICT-infrastructuur voor wetenschappelijk onderzoek. Daarnaast gaat het om topsector-relevante investeringen in praktijkgericht onderzoek aan hogescholen. NWO verwacht in 2014-2015 ca. 17,5 miljoen euro te besteden aan Europese programma's met Europese cofinanciering, deels in PPS-activiteiten en deels in PPP-activiteiten. Het gaat om Europese samenwerkingsprogramma's die aansluiten op de onderzoeksagenda's van de topsectoren.

3. Vrij onderzoek gericht op de topsectoren

Een deel van de NWO-bijdrage wordt geleverd via brede calls voor ongebonden, nieuwsgierigheidsgedreven onderzoek, zoals de vrije FOM-programma's en de FOM-projectruimte, de TOP-subsidies en talentprogramma's zoals de Vernieuwingsimpuls. NWO zal de inhoudelijke aansluiting van deze projecten bij de topsectoren stimuleren.

 


Bron: NWO

Kenmerken

Wetenschapsterrein

NWO-breed

Speerpunt

Samenwerken in thema's (2011-2014)

Contact

Neem voor meer informatie contact op met de afdeling Communicatie, via +31 (0)70 344 07 29 of mail naar: