Hoe ontwikkelen dove jongeren zich in een horende omgeving?

18 april 2013

Dove en slechthorende jongeren groeien vaak op in een horende omgeving. Heeft dit gevolgen voor hun sociaal-emotioneel functioneren? Maartje Kouwenberg (Ontwikkelings- en Onderwijspsychologie) concludeert dat het niet zo zwart-wit ligt. Promotie op 18 april 2013.

Afbeelding: Universiteit Leiden

'De groep dove en slechthorende jongeren is heel heterogeen'

Een gezonde sociaal-emotionele ontwikkeling is belangrijk om goed te kunnen functioneren in het dagelijks leven. Promovenda Kouwenberg concludeert dat dit voor dove en slechthorende jongeren moeilijker te bereiken is dan voor horende jongeren. Dit geldt echter niet voor alle dove of slechthorende jongeren en ook niet voor alle gebieden van de sociaal-emotionele ontwikkeling. Kouwenberg: ‘De groep dove en slechthorende jongeren is heel heterogeen’, stelt Kouwenberg. ‘Ze verschillen bijvoorbeeld van elkaar in de mate van gehoorverlies, het type hoortoestel en het soort onderwijs waar ze naartoe gaan. Dit heeft mogelijk allerlei gevolgen voor hun sociaal-emotionele ontwikkeling.’ Uit Kouwenberg's onderzoek blijkt dat vooral dove en slechthorende jongeren in het speciaal onderwijs vaker problemen hebben met hun sociaal-emotioneel functioneren. ‘Dit betekent natuurlijk niet dat dit een gevolg is van het speciaal onderwijs. Er zijn vaak allerlei redenen waarom deze kinderen in het speciaal onderwijs terecht komen.'

Communicatie niet altijd even gemakkelijk

De communicatie tussen dove of slechthorende jongeren en hun veelal horende ouders en omgeving verloopt niet altijd even gemakkelijk. Deze jongeren kunnen daardoor misschien minder makkelijk leren over het hoe en waarom van emoties. Ze lijken vooral moeite te hebben met hoe je je hoort te gedragen. Uit Kouwenbergs onderzoek blijkt dat de kwaliteit van vriendschappen van dove en slechthorende jongeren minder is en dat ze minder vaak empathisch op de emoties van anderen reageren dan horende jongeren.

'Handvatten bieden aan professionals'

We mogen niet alle dove en slechthorende jongeren over één kam scheren, zo concludeert Kouwenberg op basis van haar onderzoek. ‘Het is heel verleidelijk om zwart-wit-uitspraken te doen over hoe het nu met deze groep gaat, maar dat kan niet. Daarvoor verschillen deze jongeren teveel van elkaar. Ook zijn er een heleboel subgebieden binnen de sociaal-emotionele ontwikkeling en op sommige van die gebieden gaat het goed en op andere minder.’ Kouwenberg benadrukt dat dove en slechthorende jongeren niet alleen vergeleken moeten worden met horende leeftijdgenoten maar ook met elkaar. Daarnaast stelt zij dat er niet alleen gekeken moet worden naar het functioneren in het algemeen, maar ook naar deelgebieden. ‘Op welke specifieke gebieden van de sociaal-emotionele ontwikkeling zijn er problemen? Wat zijn voor deze jongeren nu de risicofactoren? Is dat het type hoortoestel, of dat ze al dan niet gebarentaal gebruiken? Met deze kennis kunnen we handvatten bieden aan de professionals die met deze groep werken.'

Promotie

'Social-emotional factors underlying internalizing problems & peer relations in deaf or hard hearing youth'

Maartje Kouwenberg

18 april 2013, 11.15 uur

Academiegebouw, Rapenburg 73, Leiden
Faculteit Sociale Wetenschappen

Promotor: prof.dr. C. Rieffe
Co-promotor: dr. M. de Rooij

Het promotieonderzoek kon worden uitgevoerd dankzij een NWO-Vidi subsidie voor prof.dr. Carolien Rieffe, tevens Kouwenbergs begeleider.

Bron: Universiteit Leiden

Bron: