Geluk zit in je genen, voor een deel

Case

Geluk zit in je genen, voor een deel

Biologisch psychologe Meike Bartels en het Nederlands Tweelingen Register

Vier jaar lang keihard werken aan dataverzamelingen en analyses maar dan heb je ook wat: een publicatie in een toptijdschrift waarin voor het eerst de genetische locaties voor ‘geluk’ zijn beschreven. Biologisch psychologe Meike Bartels kan tevreden terugkijken.

Internationaal onderzoek door VU-hoogleraren Bartels (Genetics and Wellbeing) en Philipp Koellinger (Genoeconomics) brachten drie genetische varianten voor geluk aan het licht, twee varianten die verschillen in depressieve symptomen verklaren en elf locaties op het humane genoom die verschillen in neuroticisme kunnen verklaren. De genetische varianten voor geluk blijken vooral in het centrale zenuwstelsel en het bijnier- en alvleeskliersysteem tot uiting te komen. De bevindingen werden onlangs in Nature Genetics gepubliceerd.

Portret Meike BartelsFoto: Riechelle van der Valk (VU)

Bartels: ‘Dankzij het Nederlands Tweelingen Register (NTR), opgericht in 1987 aan de VU Amsterdam, waarin we zo’n 11.000 Nederlandse tweelingen nauwlettend volgen in hun ontwikkeling, kunnen we uitgebreid onderzoek doen naar genen en omgeving. Eeneiige tweelingen, die genetisch identiek zijn, lijken meer op elkaar qua geluksgevoel dan twee-eiige tweelingen, die maar gemiddeld de helft van hun genetisch materiaal delen. Dat is een eerste indicatie dat geluksgevoel erfelijk is. Daarna volgde de zoektocht naar de genetische varianten die die erfelijkheid kunnen verklaren.

Omgeving van invloed op geluksgevoel

Tot nu toe is nauwelijks gekeken naar geluksgevoel en omgeving. Dat verschillen tussen mensen in ‘geluksgevoel’ voor veertig procent bepaald zijn door verschillen in genetische aanleg, wil nog niet zeggen dat iedereen met een geluks-genotype dan ook daadwerkelijk gelukkig wordt. Een aanzienlijk deel van de verschillen in geluksgevoel vinden hun oorsprong in omgevingsinvloeden. Maar hoe dan en waarom?

Meike Bartels illustreerde dit in een van haar verhelderende en onderhoudende colleges bij de Universiteit van Nederland met twee genetisch volstrekt identieke bloemen: daar waar de ene zonnebloem (in blakende gezondheid) had genoten van de zon was de andere (verlept) in een schaduwrijk hoekje verkommerd, terwijl diezelfde omgevingsfactoren op een bloeiende roos een geheel tegengesteld effect hebben. Aanhoudende zonnestralen zijn immers voor een roos funest; die heeft vooral schaduw nodig. Die ‘milieugebonden’ factoren gelden voor mensen evenzeer: het genotype (DNA) van de persoon maakt hem of haar meer of minder gevoelig voor een bepaalde omgeving. En daar begint de fascinatie van Meike Bartels pas echt.

Methylgroepen kunnen onze pakweg 20 tot 25 duizend genen aan of uit zetten op de DNA-streng onder invloed van omgevingsfactoren. Bartels: ‘Onderzoek toonde aan dat verschillen in DNA-methylatie gerelateerd zijn aan geluk. Dus niet alléén de genen en niet alléén de omgeving maar een samenspel tussen die twee is verantwoordelijk voor geluksgevoel.’

Voorbeeld: maakt geld gelukkig? Ja, tot op zekere hoogte, tot aan een zekere hoeveelheid geld, wijst onderzoek uit. Maar andersom gaat de vlieger ook op: geluk máákt geld. Pubers die op hun zestiende jaar naar hun geluksgevoel werd gevraagd en hoog scoorden, verdienden op latere leeftijd ook meer. Op grond van je genotype kies je kennelijk de omgeving waarin je je het prettigste voelt, het beste gedijt. Tevens heeft de ene persoon meer geld nodig om gelukkig te zijn dan de ander. Iedereen is hierin verschillend.

Liefde voor biologische psychologie

Het had weinig gescheeld of de speling van het lot had Meike Bartels in een andere studierichting dan biologische psychologie gestuurd. Eigenlijk wilde ze medicijnen studeren en zich specialiseren in neurologie, maar werd tot driemaal toe uitgeloot. Een ‘reservestudie’ farmacie bracht haar in eerste instantie toch in de wereld van ziekenhuizen. Vooral de combinatie sport en doping had haar interesse. In haar tweede jaar – en na de tweede uitloting – kwam ze via via van het bestaan van het Nederlands Tweelingen Register op de hoogte en een levenslange liefde was geboren. Ze switchte subiet naar psychologie en twee jaar later naar biologische psychologie.

Bartels: ‘Bij het NTR kijken we naar verschillen tussen mensen, daar komt het in feite op neer. Bij een kwart van de kinderen komen gedragsproblemen voor. Maar mij fascineert die overige driekwart zo, waar het goed mee gaat. Waarom is dat? Bij volwassenen is stress een groot probleem en een bedreiging voor de volksgezondheid… Maar kijk eens naar de mensen die niet gestrest zijn: dat is pas interessant! Kortom, met grote groepen mensen op de wereld gaat het goed: wat kunnen mensen die lijden daarvan nu leren...’

Een monsterklus...

Met het ene artikel ‘Genetic variants associated with subjective well-being, depressive symptoms and neuroticism identified through genome-wide analyses’ in Nature Genetics zijn Bartels en collega’s vier jaar bezig geweest. Een monsterklus, want men was bezig een relatie te beschrijven van de uitkomsten van enquêtes naar geluksgevoelens onder ruim 298 duizend mensen met hun meer dan 2,2 miljoen genetische varianten. ‘Dankzij de samenwerking met 181 onderzoekers van 145 wetenschappelijke instituten hebben we deze klus kunnen klaren. Veel arbeid binnen consortia, onder meer het Social Science Genetic Association Consortium, ontstellend veel data bestuderen, het opschonen van data en dan de finale analyse: wat betekent dit nu allemaal? Hebben we iets gevonden? Waaraan ik toevoeg dat een nul-bevinding ook prima is... Zolang het onderzoek netjes is uitgevoerd is elke bevinding een bevinding, nietwaar.’

Staafdiagram met uitschieters als bewijs van significante afwijkingen‘Manhattan-grafiek’, plot met uitschieters

Uiteindelijk ging de plotter aan het werk en verscheen er iets in beeld wat elke onderzoeker graag ziet: een ‘Manhattan-grafiek’, een staafdiagram met hier en daar uitschieters als bewijs van significante afwijkingen, net als de skyline van New York. In de pieken had de match tussen genotype en geluksgevoel zich aangediend. Een geweldig moment, aldus Bartels. ‘Mensen onderschatten wel eens wat een monnikenwerk het aanleggen van een dataverzameling is. Deelnemers benaderen, DNA afstaan, laboratoriumanalyses, vragenlijsten uitzetten… dataverzamelaars krijgen te weinig credits.’
Ik krijg regelmatig de vraag of ik zelf gelukkig ben. Kennelijk zit het onderwerp bij mensen aan de oppervlakte
- Meike Bartels

Meike Bartels heeft inmiddels het epitheton ‘geluksprofessor’ verkregen, waarmee zij steevast in allerlei berichtgeving opduikt. ‘Ik vind dat niet erg. Ik krijg regelmatig de vraag of ik zelf gelukkig ben… het is een onderwerp dat kennelijk bij mensen aan de oppervlakte zit. Het ís dan ook belangrijk! Individuele verschillen in geluk en welbevinden én depressies blijken deels te herleiden tot genetische verschillen. Omdat welbevinden gerelateerd is aan mentale en fysieke gezondheid speelt het een steeds grotere rol in het uitstippelen van beleid.’

Het artikel leverde veel publiciteit en media-aandacht op, ook uit de Engelssprekende landen. ‘Dit onderzoek naar geluk richt zich alleen op genen: er zijn allerlei nieuwe vragen opgedoemd nu, puzzelstukjes van een groter geheel. We werken naar het ‘ultieme model’ van verschillen in geluk. Daartoe hebben een vlag geplant: de genetica doet er werkelijk toe.’

Opmerkelijk ook: in het Nederlands heeft het woord ‘geluk’ meerdere betekenissen, waar andere talen – bijvoorbeeld in het Engels ‘happiness’ en ‘luck’ – er twee hebben.

Wist u dat? Je kunt geluk actief bevorderen: schrijf een bedankbrief aan iemand die veel voor je betekend heeft. Of maak elke dag een lijstje met zegeningen. Voer dagelijks een ‘act of kindness’ uit. Het werkt!

Als geluk deels door een samenspel van genen en omgeving wordt bepaald, kun je het dan ook actief bevorderen? ‘Jazeker,’ weet Bartels. ‘Er zijn verschillende methoden, maar iedereen is anders. Belangrijk is dat niet alles voor iedereen werkt en dat sommige dingen voor niemand werken. Je kunt bijvoorbeeld een bedankbrief schrijven aan iemand die veel voor je betekend heeft. Of elke dag een lijstje met zegeningen maken. Dagelijks een ‘act of kindness’ uitvoeren, óók voor onbekenden… Sommige mensen gaan zich daar gelukkiger door voelen. Belangrijkst is dat iedereen anders is.’

Foto banner: Stock Connection Blue / Alamy Stock Photo

Projecten van Meike Bartels in de projectendatabase