GaMON: Gamma-onderzoek milieu, omgeving, natuur

De groene ruimte door verschillende brillen bekeken

2 december 2009

Open, groene ruimte in een overvolle Randstad. Hoeveel is die ons eigenlijk waard? De ruimte blijft niet 'vanzelf' open. Ook onder een politiek gesternte waarin de overheid veel aan de markt overlaat, werkt een restrictief overheidsbeleid het best, zo blijkt uit onderzoek. Want er spelen vele belangen en krachten, waarbij een economische invalshoek maar een deel van het verhaal bepaalt. Om de vraagstukken rond het behoud van de groene ruimte in het verstedelijkte landschap van Nederland aan te pakken, is een multidisciplinaire aanpak vanuit verschillende wetenschappelijke disciplines vruchtbaar gebleken. Onderzoekers uit Wageningen, Amsterdam en Delft werkten samen en vertellen hoe dat in zijn werk ging.

De ruimtelijke planning en besluitvorming rond de groene ruimte kan beter, vonden enkele onderzoekers. Er is meer aandacht nodig voor de rol van particuliere plannenmakers en initiatiefnemers, meer nadruk op de positieve betekenis van het behoud van open, groene ruimten tussen compacte steden, en een sterker besef van de tekortkomingen van de neoliberale visie dat de (vastgoed)markt uit zichzelf wel zorgt voor voldoende landschapsbehoud. Om die aandacht te kunnen geven, bedacht hoogleraar Arnold van der Valk in Wageningen een interdisciplinair programma waarin verschillende expertises samen zouden kunnen komen. Dit werd het programma 'Metroland', gefinancierd door NWO-programma Gamma-onderzoek Milieu, Omgeving, Natuur, dat nu bijna is afgerond. Terry van Dijk is coördinator van Metroland. 'Ik was net gepromoveerd, mijn contract liep af en ik zat aan de koffietafel bij Van der Valk. Ik vroeg of hij een baantje voor me had. Dat had hij niet, maar hij had wel een uitdaging. Of ik het Metroland-programma wilde proberen binnen te slepen. De GaMON-call was namelijk net uitgegaan, dus er was in principe geld.' Het lukte, al ging het niet zonder slag of stoot.

Een beetje dwang en veel chemie

Van Dijk: 'Multidisciplinaire samenwerking ontstaat nooit vanzelf. Die moet worden afgedwongen door organisaties als NWO. En dan kan het ook wel degelijk goed werken.' De bestuurskundig-juridische expertise kwam van de TUD, de economische van de VU en de planologische uit Wageningen. Mark Koetse en Eric Koomen nemen samen met Jasper Dekkers het economische deel voor hun rekening. Eric Koomen: 'De wil tot samenwerking was er natuurlijk wel. Maar het is nog iets anders om het dan ook daadwerkelijk te doen.' Wat wel goed werkte, was om de groep betrokkenen vrij klein te houden. De persoonlijke contacten tussen de betrokken hoogleraren lag er al langer. Van Dijk: 'Eén van de kritische succesfactoren van Metroland is het onderliggende kleine netwerkje van mensen tussen wie het klikt.' Koomen: 'De sessies om tot het uitgewerkte programmavoorstel te komen, waren ook heel creatief, omdat iedere deelnemer toegevoegde waarde had.' Evelien van Rij, bestuurskundige en juriste, kwam er pas later bij. 'Ik solliciteerde op een AIO-plaats. Dat ik in een multidisciplinair team zou komen, sprak me enorm aan. Dan hoefde ik mijn promotie niet helemaal in m’n eentje te doen. We moesten er wel in groeien.'

Bij elkaar in het winkeltje shoppen

Van Dijk: 'In de praktijk gaat een programma ook altijd een beetje schuiven. Je stopt als het ware drie zaadjes in de grond en als die plantjes eenmaal gaan groeien, moet je maar zien waar het naar toe gaat.' Van Rij: 'In ons geval heeft de samenwerking echt nieuwe inzichten opgeleverd. Met name toen bleek dat de vrije markt niet zomaar voor behoud van de groene ruimte zorgt. Geld speelt wel een rol, maar voor het behoud van het groen is het belangrijk dat ook andere actoren en mechanismen in besluitvorming bepalen of een stuk land groen blijft of niet.' En toen werd het zo mogelijk nog interessanter voor de onderzoekers. Koomen: 'We hebben ons met onze analyses vervolgens meer gericht op de vraag hoe effectief het restrictieve ruimtelijke ordeningsbeleid van Nederland is en gezamenlijke papers met de andere onderzoekers geschreven.' Van Dijk: 'Inspirerend was wat we daarin van de Wageningse hoogleraar Adri van den Brink hadden geleerd. Je moet elkaar als toeleveranciers zien. Wat zou ik van de ander willen weten? Wat hebben zij in hun winkeltje van kennis dat ik zou willen hebben?' Koomen: 'Wij hadden iets in handen met onze berekening van de economische waarde van groen en daar was ineens een afnemer voor. Bovendien hadden we een positieve boodschap. Vaak wordt er immers gefoeterd op het Nederlandse RO-beleid. Mensen baseren hun oordeel op het laatste volgebouwde stukje buurtgroen. Maar wij toonden aan dat het RO-beleid wel degelijk goed had gewerkt voor het behoud van het Groene Hart.' Van Dijk: 'Op deze manier is er tot nu toe nog weinig aan beleidsevaluatie gedaan. Dat is echt vernieuwend.'

De groene ruimte door verschillende brillen bekeken

Kwantitatief versus kwalitatief onderzoek

Door de verschillende onderzoeksculturen was het soms wel even omschakelen voor de onderzoekers. Wagenings planoloog Van Dijk: 'Economen kijken vooral kwantitatief naar de werkelijkheid. Planologen hebben een meer kwalitatieve blik en werken bijvoorbeeld met case studies. Het klinkt slap, maar zo kom je wel op nieuwe dingen terecht. Je ontdekt iets, je vermoedt iets en dan ga je de vermoedens kwantitatief testen.' Van Rij: 'Als jurist sta ik buiten die kwantitatief/kwalitatief-discussie. Wij expliciteren onze methodologie nooit zo erg.' Koetse, verbaasd: 'Maar dat klopt toch niet? Je hebt toch ook jurisprudentie waar je kwantitatief onderzoek op zou kunnen doen? In het recht is dit echter niet gebruikelijk. Zo heeft iedere wetenschap haar specifieke historie qua methodologie, die ook in grote mate de huidige praktijk van het doen van wetenschap beïnvloedt.'

Een multidisciplinaire oplossing

Van Rij geeft aan dat ze een heel andere kijk gekregen heeft op wat de ruimte nu echt groen houdt. 'Ik dacht altijd: bestemmingsplannen! Maar de planologen zeggen: concepten als het Groene Hart. De concepten beïnvloeden de wet- en regelgeving en omgekeerd.' Koetse: 'En we weten dat de markt er maar een kleine rol in speelt.' Koomen: 'Alle benaderingen zijn in feite suboptimaal.' Maar wat werkt er dan wel, naast dat restrictieve beleid? Van Dijk: 'Je kunt het beleid ondersteunen met een kritiek op het marktdenken, dat is doorgeschoten - als iets zichzelf niet kan bedruipen, heeft het geen bestaansrecht.' Van Rij vult aan: ‘Zo ben ik er achter gekomen dat je voor het behoud van het groene landschap de positie van boeren moet versterken.' Koetse: 'Stel dat de boeren zouden verdwijnen, dan verdwijnt het landschap mee, terwijl het ook andere waarden heeft dan alleen de waarde van agrarische productie. De overheid zou dan kunnen ingrijpen omdat de markt faalt. Hierbij zou het kunnen helpen als deze andere waarden in geld worden uitgedrukt, omdat ze dan vergelijkbaar zijn met ander kosten en baten van landschap. Daar hebben wij dan ook onderzoek naar gedaan.'

Interdisciplinair van hart

Gevraagd naar de slaag- en faalfactoren van de multidisciplinaire samenwerking, merkt Koetse op dat er voor dit type projecten misschien wel meer faal- dan slaagfactoren zijn aan te wijzen. 'Als je als personen elkaar al niet ligt, dan gaat het snel mis. Ook als je geografisch te ver van elkaar zit, is dat een gevaar.' Koomen: 'Wat wel helpt is dat we allemaal al een beetje interdisciplinair in onszelf zijn. Ik was ooit fysisch geograaf en zit nu bij de economen.' Van Rij: 'Ik ben technisch bestuurskundige en jurist.' Van Dijk: 'Ik ken zowel Delft als Wageningen van binnenuit. En planologen zijn generalisten.' Van Rij noemt nog een slaagfactor: 'Het samen schrijven van publicaties helpt echt. Gelukkig komen er steeds meer afzetmogelijkheden voor multidisciplinaire verhalen.' Van Dijk: 'Wat dat betreft moesten we wel grinniken om NWO. Die vroeg bij het eindverslag van Metroland om conclusies en publicaties per deelproject. Maar bij ons liep dat allemaal veel meer door elkaar. Dat was toch juist de bedoeling?'

Meer informatie over Metroland op www.nwo.nl/gamon en op www.metroland.nl