Ton Dietz
Programma Cocoon experimenteert met nieuwe werkwijze
1 december 2009
Water, energie en andere natuurlijke grondstoffen zijn schaars. Hoe voorkomen we dat er wereldwijd allerlei gewelddadige conflicten over uitbreken - zeker als de schaarste door de klimaatverandering nog erger wordt? Dit is een van de hoofdvragen van het nieuwe programma Cocoon. Hoogleraar Sociale Geografie Ton Dietz (UvA) is voorzitter van de stuurgroep en is enthousiast over dit nieuwe programma, dat de normale werkwijze van NWO een beetje op zijn kop zet. 'Cocoon brengt NWO in aanraking met nieuwe partners en manieren van werken,' aldus Dietz.
Cocoon staat - anders dan de naam doet vermoeden - niet voor onderzoek dat zichzelf veilig opsluit in een coconnetje. Integendeel, zo vertelt Ton Dietz. De afkorting staat voor 'Conflict and Cooperation over Natural Resources in Developing Countries' en het programma heeft juist een enorm brede werking. 'We willen veel meer doen dan straks in de eerste ronde slechts vijf onderzoeksprojecten toekennen. We zullen het onderzoek waarvoor geen geld is, aanbieden aan andere financierende partijen, zodat de ideeën niet verloren gaan. Want we weten nu al dat er veel excellent en beleidsrelevant onderzoek mogelijk is rond dit thema.' Op de call die enige maanden geleden werd geopend zijn zo'n 45 'pre-proposals' binnen gekomen - van indrukwekkende kwaliteit, benadrukt Dietz. Ongeveer tien daarvan zullen tot volwaardig onderzoeksvoorstel worden uitgewerkt. Vijf daarvan zullen in de eerste ronde kunnen worden gehonoreerd. 'Of de tweede ronde ook weer een open ronde zal worden, weten we nog niet. Dat hangt ook van de spreiding van de komende onderzoeksprojecten over de drie thema's water, land en handel af. We besteden nu in elk geval iets meer dan de helft van het beschikbare geld.'
Internationaal in de kijker
Belangentegenstellingen rond natuurlijke hulpbronnen zijn er altijd, vertelt Dietz. 'Het gaat erom dat we leren van spanningsvolle situaties waarin de spanningen niet tot geweld hebben geleid. Omgekeerd kunnen we ook leren van situaties waarin het wel tot gewelddadige conflicten is gekomen en waarin misschien op een bepaald punt dit geweld had kunnen worden voorkomen.' Om onderzoeksgroepen wereldwijd op te roepen met voorstellen te komen, zijn er naast een bijeenkomst in Nederland drie bijeenkomsten in andere werelddelen - Afrika, Latijns-Amerika, Azië - geweest. 'Dit zijn de gebieden waar het om draait. Dat maakt dit programma wel heel bijzonder. We bouwen aan een wereldwijd netwerk van kennis. Ook brengen we op deze manier mogelijke financiers van kennis bij elkaar. We hebben nu via dit netwerk goede ingangen bij allerlei interessante partijen. Internationaal spelen we ons in de kijker bij grote fondsen.'
Dubbele excellentie
Wat maakt Cocoon nog meer tot zo’n bijzonder en kennelijk enthousiasmerend programma? 'Om te beginnen is het een programma waarin NWO en DGIS, het Departement-Generaal Internationale Samenwerking van het Ministerie van Buitenlandse Zaken, zeer intensief samenwerken. Dat kennen we zo nauwelijks in andere NWO-programma's. Overigens betekent dat geenszins dat alleen de beleidsrelevantie centraal staat in Cocoon. Integendeel, we verlangen dubbele excellentie - zowel wetenschappelijk als qua praktijkgerichtheid. En ook de praktijkgerichtheid die we verlangen heeft een dubbel karakter. Het onderzoek moet de dialoog over het thema conflicten en grondstoffen voeden, maar ook de kenniscapaciteit in de landen waarin het onderzoek zich afspeelt opbouwen. Dus er moet daar wel iets substantieels overblijven als het onderzoeksproject is afgelopen.'
Internationale programmacommissie
Een andere noviteit is dat de indienende consortia uit minimaal vier verschillende partijen moeten bestaan, waarvan twee academische en twee niet-academische. Bovendien moeten de vier partijen voor de helft uit 'Noord' en voor de helft uit 'Zuid' komen. Tamelijk revolutionair is dat de consortia geen Nederlanders hoeven te bevatten en dat hoofdaanvragers ook niet-academische partijen mogen zijn.’ De internationaal samengestelde programmacommissie weerspiegelt deze uitgangspunten ook. Dietz: 'Er zitten geen Nederlanders in en er zitten wel kennisprofessionals van buiten de academie - en uit 'Zuid' - in. Het kostte wel moeite om dat zo ver te krijgen. Ik heb ook alle bewondering en respect voor de staf bij NWO die ons programma ondersteunt. Zonder de kwaliteit en inzet die zij hebben, zou dit allemaal niet lukken.'
Nieuwe partners
Dietz beschouwt Cocoon als een voorloper binnen NWO. 'Wij maken de omslag naar echt transdisciplinair onderzoek. De onderzoekswereld krijgt nieuwe partners. Ik noem hier bijvoorbeeld de militaire wereld. Ik was zelf op de Cocoon-bijeenkomst in Hanoi, waar een oud-generaal me vertelde over de denktank in Bangladesh waar hij inzit. Een aantal topmilitairen is daar nu al aan het nadenken over het mogelijke geweld dat de klimaatverandering met zich mee zal brengen. Daar moeten wij 'excellent relevant' op aansluiten. In Nederland mogen we daar best wat meer mee experimenteren. Ik prijs me gelukkig dat dit nu met Cocoon kan.'
Meer informatie: www.nwo.nl/cocoon
