Zuur water bedreigt biodiversiteit en welzijn bevolking Oost-Java
31 augustus 2005
Haar onderzoek draaide eigenlijk om ecologie. Tijdens haar veldwerk op Oost-Java raakte biologe Ansje Löhr echter steeds meer betrokken bij de lokale bewoners, van wie oogsten mislukten en de gezondheid achteruit ging door extreem zuur en verontreinigd rivierwater. Om de Javanen te helpen, gaf NWO-stichting WOTRO (Wetenschappelijk Onderzoek van de Tropen en Ontwikkelingslanden) Löhr onlangs een tweede beurs. Zij promoveert op 9 september aan de Vrije Universiteit in Amsterdam.
Löhrs promotieonderzoek maakte deel uit van een groter project rond het Ijen-kratermeer op Oost-Java, Indonesië. Het kratermeer is de grootste verzameling vulkanisch water ter wereld en extreem zuur (pH 0,1). Het zure water lekt langzaam weg en ondanks verdunning door twee zijrivieren in het gebied blijft de pH van het rivierwater erg laag. Het wordt gebruikt voor de landbouw en huishoudelijke doeleinden, met als gevolg dat rijstoogsten soms mislukken. Het zeer hoge gehalte aan aluminium – dat samenhangt met de zuurgraad – speelt hierbij ook een rol. Andere elementen als fluoride vormen een directe bedreiging voor de volksgezondheid. De gehaltes zijn niet alleen alarmerend hoog in het rivierwater maar ook in het grondwater en drinkwaterputten.
Biodiversiteit
Binnen het grote project onderzochten wetenschappers zowel de geochemische en hydrologische processen als de gezondheidsrisico's. Ansje Löhr hield zich bezig met de ecologische effecten van het zure water. Dat bleek behalve schadelijk voor het wel en wee van de lokale bevolking, niet bepaald bevorderlijk voor de biodiversiteit.
Löhr bemonsterde het water op verschillende plaatsen. Ze constateerde dat het neutrale rivierwater een normale aquatische fauna bevatte, maar tegen het extreem zure water bleken alleen muggenlarven opgewassen. Ook de diversiteit van microbiële organismen en algen was erg laag. Een ander gemeten ecologisch effect was de geremde afbraak van organisch materiaal. Löhr stelde dit vast aan de hand van pakketjes met blad van jati en bamboe, die ze uithing op verschillende plaatsen in de rivier. Over een periode van enkele maanden bepaalde ze het verlies van droge stof.
Oplossing
Een oplossing om het probleem van de verzuring tegen te gaan, is volgens Ansje Löhr simpelweg te voorkomen dat het kraterwater zich mengt met de beide neutrale rivieren. Een manier om dat te realiseren is volgens haar de stroom zuur water vanuit de krater om te leiden naar zee, die met zijn enorme wateroppervlak geen last zal hebben van het beetje zure water. Om zo'n omleiding of een andere oplossing te regelen, wil Löhr om de tafel met lokale overheden, andere onderzoekers en bedrijven. Ter ondersteuning kreeg de biologe onlangs een zogeheten 'dissemination grant' van NWO-WOTRO.
WOTRO-pr
omovenda
Ansje Löhr onderzocht hoe het zure water uit het meer weglekt in de
rivieren.
Klik op de afbeelding voor een grote versie.
.........................
Meer informatie bij:
- drs. Ansje Löhr (VU, inmiddels werkzaam bij de Open Universiteit)
- t: +31 (0)45 576 28 35, ansje.lohr@ou.nl
- Promotie 9 september, promotor prof. dr. N.M. van Straalen
