Het project van Dr. E.H.M. Sterck "Orangutan Cultures: A Comparision of Cultural Behaviour between a Sumatran and a Bornean population" in de Media: Orang–oetans op onontgonnen terrein
13 augustus 2004
Bron: "Internationale samenwerking", mei 2004
DOOR HILDE JANSSEN
Over hoe wij leren moeten we nog veel leren. Daarom struint Serge Wich met zijn onderzoeksteam door het moerasbos van Midden–Kalimantan achter orang– oetans aan. Zolang het nog kan, want onze roodharige neef dreigt ten onder te gaan aan de houtkap in Indonesië.
Ineens staat Serge Wich stokstil. In de verte klinkt delongcall van een orang–oetan. Wich spitst zijn oren. "Helaas buiten het onderzoeksterrein," concludeert hij, op zijn kompas kijkend. De 34–jarige gedragsbioloog luistert en spiedt minutenlang. Na twee uur soppen door de drassige veengrond druipt het water uit zijn gymschoenen,. Als een ervaren spoorzoeker wijst hij naar mangosteen-schillen die in plassen drijven. Even verderop ontdekt hij oude orang–oetannesten. "Zeker van Mindy, die zwerft hier wel vaker met haar dochter Milo."
Mindy is een van de 24 orang–oetans die Wich en zijn onderzoeksteam de afgelopen acht maanden hebben geobserveerd in het Mawas-natuurgebied bij Tuanan, Midden–Kalimantan. Wich heeft een beurs van de Nederlandse organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek (NWO) om drie jaar lang voor de Universiteit van Utrecht aangeleerd oftewel cultureel gedrag van orang–oetans te bestuderen. "Bijvoorbeeld een stekelige vrucht met een stokje openen", verduidelijkt hij. "Wie heeft dat bedacht en hoe verspreidt de informatie zich? Wie zijn de vernieuwers: de meest dominante individuen, de meest sociale, of juist de zwakkeren?"
Tijdens een eerdere fase van het onderzoek, op Sumatra, bleken nieuwe ideeën vooral verspreid te worden door de meest sociale dieren die bij iedereen in de boom kruipen en van velen de kunst afkijken.
Kennisontwikkeling en –overdracht is bij mensen vaak zeer complex en moeilijk ontwarbaar. Bij orang–oetans gaat dat beter, al is het zwaar werk. Twee personen moeten om drie uur ‘s nachts uit bed om de orang–oetan te onderscheppen voor hij zijn nest verlaat. Tegen vijven gaat het dier op zoek naar vruchten, bladeren, termieten en boomschors. Terwijl één onderzoeker met kompas en kapmes een weg baant, noteert de ander elke twee minuten op de datasheet wat de mensaap doet en eet, totdat het dier tegen vijven 's avonds zijn nieuwe nest induikt.
"Zwaar interessant," vindt de 23–jarige biologie-student Jorge Massen. Hij schrijft aan zijn stageverslag over het eetgedrag van vrouwtjes en hun kinderen. Orang–oetans blijven tot hun achtste bij hun moeder om te leren wat ze kunnen eten en waar en wanneer welke bomen vruchten dragen. Jorge gaat elke dag met een van de zes Dayak-assistenten op pad. Die kijken nu heel anders naar orang–oetans dan voorheen. "Ik zou zo’n dier niet meer kunnen doden," zegt Pak Nadi uit Tuanan. De voormalige houtkapper beseft dat ze het bos moeten beschermen.
Indonesië verliest jaarlijks 3,8 miljoen hectare regenwoud aan vaak illegale houtkap. Als dat zo doorgaat zijn alle laaglandbossen en de 60.000 orang–oetans over twintig jaar verdwenen. De regionale overheid verdient aan de houtkap en knijpt graag een oogje toe. De Stichting Borneo Orangutan Survival (BOS) wil dat veranderen met een Koolstof-Kredietplan. Shell-Canada wil al voor een miljoen ton aan CO2-opslag aan bos kopen. De opbrengst gaat voor deel naar de overheid, die het daardoor de moeite waard moet gaan vinden om illegale houtkap aan te pakken. BOS hoopt een paar miljoen ton te slijten aan Indonesische schuldeisers, zoals Nederland en Duitsland. Maar eerst doet de Wageningse studente Dorien Kool bodemonderzoek om te bepalen hoeveel koolstof het bos heeft geabsorbeerd.
Meer info: www.savetheorangutan.info; www.stichtingbos.nl; Orangutan Cultures: A Comparison of Cultural Behaviour between a Sumatran and a Bornean Population
Onontgonnen terrein
De NWO is één van Nederlands
belangrijkste financiers van wetenschappelijk onderzoek, met ruim 4300
projecten in binnen– en buitenland. Op Borneo financiert NWO behalve het
onderzoek naar kennisoverdracht ("het laatste onontgonnen terrein van de
wetenschap") ook lange-termijn samenwerking tussen Nederland en Indonesië in
kust-onderzoek.
