Dynamics of colonization by benthic communities in newly created river channels: effects of contaminated floodplain sediments
Hoofdaanvrager:Dr. M.H.S. Kraak, Universiteit van Amsterdam, Afdeling Aquatische Oecotoxicologie,
Onderzoeker:
Dr. H.G. van der
Geest Loopduur: 01-08-2001 tot 01-08-2004
Resultaat van het project
De bodems
van de uiterwaarden van de grote rivieren zijn veelal matig tot ernstig
vervuild. Dit komt omdat in de vorige eeuw de kwaliteit van het rivierwater en
het daarin zwevende stof zeer slecht was, en tijdens hoogwater verontreinigde
sedimentie-lagen in de uiterwaarden zijn afgezet. Toen de waterkwaliteit beter
werd zijn deze vervuilde lagen afgedekt met schoon sediment.
Nu het
klimaat verandert en we rekening moeten houden met nattere winters en meer
smelt- en regenwater, zal het waterniveau in de rivieren stijgen. In de
toekomst
kan dat voor grote problemen zorgen. Daarom vind er een reconstructie van de
uiterwaarden plaats. Er zullen onder andere nieuwe nevengeulen worden gegraven
om te zorgen voor een betere doorstroming tijdens hoogwater. Echter, de oevers
van deze (nieuw te graven) nevengeulen zullen de vervuilde lagen doorsnijden en
plotseling worden blootgesteld aan het oppervlakte water. Dit grensvlak tussen
vervuilde bodem en rivierwater wordt gekenmerkt door een hoge dynamiek,
waardoor
grote veranderingen in de mobiliteit en beschikbaarheid van toxicanten (in het
speciaal van metalen) te verwachten zijn.
Om te
achterhalen of er schadelijke effecten te verwachten zijn van deze
veranderingen, zijn bodemmonsters van vervuilde locaties onder water gezet in
een kunstmatige stroomgoot. In deze experimentele opstelling konden
verschillende hydrologische regimes worden nagebootst, zoals die zich ook in
het
veld voor kunnen doen. Vervolgens is er gekeken hoe de metalen in de bodem zich
‘gedragen’ en hoe de gemeenschappen van microalgen zich ontwikkelen op dit
vervuilde sediment. Deze microalgen behoren tot de eerste colonizers van de
bodem en zijn daarmee mogelijk een geschikte groep van organismen om eventuele
effecten op te sporen. Daarnaast vormen zijn een belangrijke component van de
aquatische levensgemeenschap als voedselbron voor veel andere
organismen.
De
totaalgehaltes van koper in de vervuilde bodem overschreden het maximaal
toelaatbaar risico niveau zoals dat wettelijk is vastgelegd voor onze bodems. Met behulp van een nieuwe techniek, DGT, is gekeken wat er gebeurt met de
beschikbaarheid van koper voor organismen op het moment dat de bodem onder
water
wordt gezet. Hieruit is gebleken dat al zeer snel (binnen 1 week) de aanwezige
metalen gebonden raken en niet langer beschikbaar zijn voor de organismen. Het
effect hiervan was dan ook dat de algen die op de vervuilde grond groeiden geen
last hadden van de metaalvervuiling. Er is echter wel gebleken dat er
afhankelijk van de omgevingscondities momenten zijn waarop er tijdelijk metalen
vrijkomen; de biobeschikbaarheid van metalen wordt in systemen zoals de
uiterwaarden gekenmerkt door een grote dynamiek. Op langere termijn lijken
metalen zich dan ook op te hopen in organismen. Een eerste ophoping vindt
plaats
in de biofilm van microalgen die groeit op het sediment. Vervolgens is
aangetoond dat deze metalen kunnen worden doorgegeven aan evertebraten die eten
in en op het sediment.
