Maatschappij en de Elektronische Snelweg

Jaarboek ICT en Samenleving 2004

Op 9 maart werd het Jaarboek ICT en Samenleving 2004 gepresenteerd op een middag met voordrachten en discussie over de vraag ‘Wat heeft het ICT-beleid van de overheid opgeleverd?’. Die vraag werd natuurlijk niet eenduidig beantwoord maar in de antwoorden vielen wel een paar lijnen te ontdekken.

Allereerst constateerde vrijwel iedereen dat de tijd van beleid om toegang tot internet te stimuleren, voorbij is. Zoals een van de sprekers zei: iedereen die op internet wil is nu wel zo’n beetje online. In Nederland is dat ongeveer 70% van alle huishoudens. De aandacht van het beleid verschuift nu naar wat men op internet, of met internet, kan doen. De een kan veel meer dan de ander. Toekomstig beleid moet voorkomen dat een nieuwe digitale kloof ontstaat, ditmaal tussen zij die weten hoe ze van alles en nog wat kunnen doen via internet (bijvoorbeeld belastingformulieren indienen) en zij die dat niet weten.

Interessant genoeg bleek dat de overheid als het gaat over de mogelijkheden van internet optimaal benutten zeker ook naar zichzelf moet kijken. In Europa loopt Nederland niet voorop met het toepassen van internet in (semi-)overheidsdiensten. Waarom is er nog geen elektronisch pasje waarop we zelf al onze patiëntgegevens bij ons dragen? En waarom stempelen we onze strippenkaarten nog steeds met inkt? De belastingdienst is daarentegen wel vergevorderd met internettoepassingen. Willem van Winden stelde in zijn presentatie dat de prioriteit van het overheidsbeleid nu bij de (semi-)overheidsorganisaties ligt zoals de zorg, de politie en het openbaar vervoer en in mindere mate het onderwijs.

Terugkijkend naar het ICT-beleid constateerden enkele sprekers dat de zeer hoge positieve verwachtingen van eind jaren 90 inmiddels veranderd zijn in ‘gewoon’ positieve verwachtingen. Bijvoorbeeld sociale cohesie in de buurt, integratie van allochtonen en deelname van burgers aan het politieke proces kunnen allemaal profiteren van internet. Maar dat gebeurt vaak in combinatie met fysieke bijeenkomsten of ter versterking van reeds bestaande netwerken. Hieruit kan toekomstig beleid lering trekken.

Meerdere sprekers benadrukten de waarde van wetenschappelijk onderzoek naar de resultaten van en mogelijkheden voor ICT-beleid. En daarbij is internet zelf een steeds belangrijkere onderzoeksbron. Als men bijvoorbeeld kijkt naar de integratie van Marokkaanse jongeren zijn de discussies op maroc.nl een goede informatiebron. Uit onderzoek blijkt onder andere dat de allochtone jongeren die internet vaak gebruiken meer begrip voor andere culturen hebben.

Het Jaarboek ICT en Samenleving 2004 biedt onderzoekers een platform voor wetenschappelijk onderzoek naar technologie en het sociale domein. Het boek is het resultaat van de samenwerking tussen het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP), het kennisnetwerk Social Quality Matter (SQM) dat is ondergebracht bij het Kenniscentrum Grote Steden, en de Nederlandse Organisatie voor Wetenschappelijk Onderzoek, programma Maatschappij en Elektronische Snelweg (NWO-MES).

De presentatiemiddag werd georganiseerd door de drie bovenstaande organisaties en de Vereniging voor Studie en Onderzoek van Massacommunicatie (VSOM).

LINKS

Jaarboek ICT en Samenleving 2004
Volledig verslag van de presentatie op 9 maart 2004
Volledi ge tekst van de presentatie van Dr. Willem van Winden