Beleid
26 november 2003
Op 1 mei 2001 bracht NWO de strategienota uit. In
deze strategienota zijn ook de strategienota's van de zeven
wetenschapsgebieden,
waaronder MW, opgenomen. Hieronder een korte impressie van de speerpunten van
de
strategienota van MW.
MW zet in op een structurele versterking van het
door NWO gefinancierde Gezondheidsonderzoek, zodat de balans tussen het
wetenschappelijk en het maatschappelijk geïnspireerde onderzoek in de nieuwe
geïntegreerde ZonMw organisatie in evenwicht komt.
Deze structurele
versterking zal worden ingezet op de volgende gebieden: thematische
vernieuwing,
het door nieuwsgierigheid gedreven onderzoek en versterking van de
infrastructuur. De basis voor de thema's werd al gelegd in het Meerjarenplan
2000-2004.
Het gebiedsbestuur wil inzetten op: Genomics/Proteomics/Life
Sciences, Informatisering, Geestelijke Gezondheidszorg, Cognitie; Medische
Technologie, Infectieziekten en Vaccins, en Gezonde Jeugd. Ee n verruiming van
het basisbudget met ongeveer 10 miljoen gulden per jaar wordt nodig geacht om
deze thematische vernieuwing daadwerkelijk in gang te kunnen zetten. Daarbij is
nog geen rekening gehouden met toekomstige ontwikkelingen op het gebied van één
of meer van deze thema's, die wellicht kunnen leiden tot grootschaliger
programma's waarvoor een veel groter budget nodig is.
Het door
nieuwsgierigheid gedreven onderzoek wordt gestimuleerd via het Open programma
Gezondheidsonderzoek, voorheen genoemd de Open Competitie Medische
Wetenschappen. Daarin zal het ingezette persoonsgerichte beleid (Fellowships en
Research Supports) versterkt worden voortgezet en op termijn NWO-breed worden
geharmoniseerd in het kader van de Vernieuwingsimpuls. Ook wordt de populaire
groepsgerichte steunvorm, de Programmasubsidie, doorgezet en wordt extra budget
gevraagd om het ook hier te lage honoreringspercentage te verhogen naar een
meer
aanvaardbaar peil. Een accres van 18 miljoen gulden per jaar voor het Open
Programma wordt nodig geacht om deze strategie te kunnen realiseren. Voor de
versterking van de onderzoeksinfrastructuur wordt gestreefd naar het op niveau
brengen van de apparatuursituatie. Deze is op dit moment nog slechts 30% van
wat
in 1995 noodzakelijk werd geacht om de apparatuursituatie op peil te brengen en
te houden.
Een nieuwe subsidievorm, die ook al in het Meerjarenplan
aangekondigd was, is de Centrumsubsidie. Deze richt zich op het tot
ontwikkeling
brengen van multidisciplinaire virtuele onderzoeksinstituten. In het bijzonder
wordt gedacht aan op ziekte georiënteerde onderzoeksinstituten, maar het model
is ook toepasbaar in samenwerking met andere gebieden. Een voorbehoud is hier
op
zijn plaats. Alleen als MW het gevraagde accres krijgt zal deze nieuwe
steunvorm
verder kunnen worden ontwikkeld.
Niet alleen te stimuleren
onderzoeksterreinen zijn opgenomen in de strategienota. Ook wordt ingegaan op
kennisoverdracht en verdergaande internationalisering, belangrijke punten voor
MW en zeker ook v o or de nieuwe geïntegreerde organisatie ZonMw.
