Programmabeschrijving
De aanbevelingen van de OCV (Overlegcommissie Verkenningen) met betrekking tot de discipline der rechtsgeleerdheid waren aanleiding voor het Ministerie van OCenW om in het Wetenschapsbudget 1997 een stimuleringsactie voor het rechtswetenschappelijk onderzoek aan te kondigen. De verkenningscommissie signaleerde de volgende tendensen:
- de legaliteit en integriteit van het openbaar bestuur komen onder druk te staan;
- nationale soevereine bevoegdheden worden naar het supranationale niveau overgedragen;
- de deregulering en decentralisering van economische ontwikkelingen zowel als de globalisering van handels- en kapitaalstromen;
- technologische vernieuwingen.
De hiermee samenhangende maatschappelijke vraagstukken vragen om een koerswijziging in de juridische onderzoeksagenda. Volgens de verkenningscommissie is enerzijds een gedegen inzicht in de dogmatiek en de systematiek van het recht nodig en anderzijds een reflexieve component, een link met andere disciplines, mede om de beginselen van het recht verstaanbaar te houden voor de moderne samenleving.
In dat kader werd door OCenW aan NWO gevraagd een plan van aanpak te ontwerpen voor stimulering van vernieuwing van het rechtswetenschappelijk onderzoek. Dit heeft geresulteerd in een gefaseerde aanpak met de volgende doelstellingen:
- versterking van de internationale en comparatieve kant van het onderzoek;
- versterking van multidisciplinair onderzoek;
- samenwerking en schoolvorming.
Om deze doelen te realiseren zijn gedurende drie subsidierondes stimuleringssubsidies beschikbaar gesteld. Bij het ontwerp van het plan van aanpak is door de projectgroep overleg gevoerd met de decanen van de juridische faculteiten. Op basis van het eerste plan van aanpak en de nadere uitwerking voor de tweede fase hebben de financiers (OCenW en NWO) middelen beschikbaar gesteld. Op verzoek van de decanen is de eerste fase, waarvoor kf 400 beschikbaar was gesteld, opgeschort en is de tweede fase, waarvoor Mf 6 beschikbaar is, vervroegd ingezet.
De NWO-actie om samenwerking op het gebied van rechtswetenschappelijk onderzoek in Nederland te stimuleren (SaRO), is in 2001 haar derde en laatste fase ingegaan. De derde fase van SaRO omvat niet alleen een evaluatie van de projecten die in het kader van de tweede fase zijn gesubsidieerd. Zij behelst ook een nieuwe subsidieronde waarin ca. K€ 2.700 voor onderzoek ter beschikking staat.
De subsidieronde is inmiddels afgesloten. Het is dus niet meer mogelijk om in het kader van de SaRO-actie nog aanvragen in te dienen. Deze geeft voornamelijk informatie over lopende onderzoeksprojecten en over kennisverspreidingsactiviteiten.
