Slotevenement Dutch Dyslexia Programme, 8 december 2011Vooraanstaande internationale dyslexiespecialisten uit diverse wetenschappelijke disciplines presenteren de laatste ontwikkelingen op het gebied van dyslexie-onderzoek. |
Opbouw van het programma
Het Dyslexie programma betreft multidisciplinair onderzoek, waarin onderzoekers uit diverse vakgebieden, waaronder de neurologie, psychiatrie, psychologie, pedagogiek, genetica en taalkunde, samenwerken. Het onderzoek bestaat uit drie componenten, te weten prospectief longitudinaal onderzoek, interventie-onderzoek en genetisch onderzoek.
Prospectief longitudinaal onderzoek
De eerste component betreft een prospectief onderzoek naar het vroege voorkomen van dyslexie, waarbij de (talige) ontwikkelingen van kinderen longitudinaal gevolgd wordt. Voor dit onderzoek wordt een groep van 225 kinderen met een significant genetisch risico om dyslexie te ontwikkelen gevolgd gedurende een periode van 10 jaar (van 0-9 jaar). Dit gebeurt ook met een vergelijkbare groep van 120 kinderen zonder dit risico (controlegroep). Op basis van voorgaand onderzoek mag verwacht worden, dat de helft van de kinderen met een genetisch risico voor dyslexie leesproblemen krijgt en de andere helft niet. Gedurende de eerste vijf levensjaren worden de deelnemende kinderen elf keer opgeroepen voor onderzoek. Daarna volgt een tussenmeting op de leeftijd van 7 jaar. De eindtest die moet uitwijzen of het kind dyslectisch is, vindt plaats op 9-jarige leeftijd.
Interventie-onderzoek
Het tweede component van het programma richt zich op de mogelijkheden voor interventie bij dyslectische kinderen. Voor dit gedeelte van het onderzoek nemen 150 risicokinderen deel in de leeftijd van 4 tot 12 jaar. Verschillende soorten van therapie worden geëvalueerd, bij verschillende leeftijdsgroepen (o.a. preventie, vroege interventie, late interventie).
Genetisch onderzoek
Het derde onderdeel van het onderzoek betreft een genetische vergelijking bij 300 eerstegraads verwanten (broers en/of zussen) met dyslexie. Bij dit onderzoek wordt geprobeerd genetische factoren op te sporen die betrokken zijn bij dyslexie. Uit een aantal familieonderzoeken is gebleken dat de kans dat een kind van een ouder met een leesstoornis dyslexie ontwikkelt, aanzienlijk is.
**Nieuws** Instructies voor het afstaan van speeksel m.b.v. de Oragene containers
