Hoe worden beoordelingscommissies samengesteld?

In het beoordelingsproces van subsidieaanvragen spelen beoordelingscommissies een essentiële rol. Dat is ongetwijfeld de reden waarom indieners van aanvragen regelmatig het verzoek doen om nader geïnformeerd te worden over de wijze waarop de commissies tot stand komen, hun manier van werken en hun bevoegdheden.

Beoordelingscommissies geven een oordeel over de kwaliteit van de aanvragen. Dit op basis van de aanvragen zelf, de referentenrapporten en de commentaren van de aanvragers op die rapporten. Voorts wegen de beoordelingscommissies de ingediende aanvragen ten opzichte van elkaar en plaatsen zij de goedgekeurde aanvragen in een prioriteringslijst. Die lijst vormt de basis voor besluiten over de honoreringen.

De beoordelingscommissies spelen een rol in het beoordelingsproces van subsidieaanvragen in de vrije competitie (o.a. Veni, Vidi, Vici, programmatisch onderzoek en Investeringen), alsook in de themaprogramma's.

Bij de themaprogramma's werkt het gebied Geesteswetenschappen samen met andere NWO-gebieden. Voorbeelden zijn Ethiek, Onderzoek & Bestuur, Urbanisatie & Stadscultuur en The Future of the Religious Past. Deze programma´s kennen een aparte beoordelingscommissie, terwijl bij de grote onderzoeksprogramma's waarbij niet wordt samengewerkt met andere gebieden de beoordeling door de programmacommissies zelf wordt verricht. De besluitnemende organen stellen de commissies in die voor hen de beoordelingwerkzaamheden uitvoeren.

Sinds 2009 vindt een deel van de beoordeling in de Vernieuwingsimpuls plaats in zogenaamde domeinpanels. Deze commissies zijn samengesteld uit onderzoekers van twee of meer NWO-gebieden. Zo bestaat het alfa-gamma-panel uit wetenschappers afkomstig uit de gebieden Geesteswetenschappen en Maatschappij- en Gedragswetenschappen. Het Algemeen Bestuur benoemt de leden en de voorzitters van de domeinpanels en van de commissie die de interdisciplinaire aanvragen beoordeelt.

Het Gebiedsbestuur Geesteswetenschappen neemt de besluiten over de subsidierondes in de vrije competitie en over de rondes binnen de grote onderzoeksprogramma's, waarbij niet met andere gebieden wordt samengewerkt. In die gevallen benoemt het dus ook de leden van de beoordelingscommissies. Zij worden meestal voor één jaar benoemd. Jaarlijks kan tweederde worden herbenoemd; de maximale zittingstermijn is drie jaar. De programmacommissies van de themaprogramma's stellen de eigen beoordelingscommissies samen.

Gezien de belangrijke functie die beoordelingscommissies hebben, wordt veel zorg besteed aan de samenstelling ervan. Daarbij worden de volgende aspecten betrokken: 

  1. competentie van de leden & aandeel jonge onderzoekers
  2. spreiding disciplines
  3. spreiding universiteiten
  4. vrouw-man-verdeling

Afhankelijk van het subsidie-instrument kunnen de accenten verschillen.

Ad 1. De leden van de beoordelingscommissies bestaan deels uit onderzoekers die een ruime onderzoekservaring hebben en over een brede blik op het te beoordelen onderzoek beschikken. Voor een ander deel betreft het relatief jonge postdocs. Hun inbreng kan bijdragen tot een goede balans bij het afwegen van enerzijds onderzoek dat aansluit bij meer gevestigde tradities en anderzijds het meer innovatieve onderzoek. In alle gevallen dienen de onderzoekers over de vaardigheid te beschikken bij te kunnen dragen aan de meningsvorming over aanvragen die niet noodzakelijk op het eigen onderzoeksterrein liggen.

Ad 2 Met uitzondering van de beoordelingscommissie voor Investeringen, zijn de commissies in de vrije competitie breed samengesteld wat disciplines betreft. De leden moeten immers aanvragen uit alle Geesteswetenschappelijke disciplines kunnen wegen. Bij Investeringen en bij de themaprogramma’s ligt dat iets anders. Die commissies worden grotendeels samengesteld uit vakspecialisten, omdat de voorstellen over een bepaald thema vaak uit een beperktere groep van disciplines komen.

Ad 3. Verder wordt er gestreefd naar een zo groot mogelijke spreiding over de wetenschappelijke organisaties. Dat vergroot het draagvlak van de beoordelingscommissie. Bovendien draagt de inbreng vanuit verschillende organisaties, die elk een eigen cultuur hebben, bij tot het optimaliseren van het beoordelingsproces.

Ad 4. Ook wordt gestreefd naar een gelijkelijke verdeling van vrouwen en mannen in beoordelingscommissies. De uitkomst van de beraadslagingen van een beoordelingscommissie zijn immers in veel gevallen bepalend voor de start of continuering van een wetenschappelijke carrière.

Tenslotte wordt bij de samenstelling van beoordelingscommissies de NWO-code over belangenverstrengeling in acht genomen. Dit alles maakt dat veel tijd en energie wordt geïnvesteerd in het samenstellen van evenwichtige en competente beoordelingscommissies. De essentiële plaats die dergelijke commissies in het beoordelingstraject innemen, rechtvaardigt evenwel de zorg die besteed wordt aan de selectie van hun leden.

Terug naar de vragenlijst

laatst gewijzigd op 24 augustus 2011