International Polar Year 2007 - 2008

Glacier response to warming
Greenland Ice Sheet History
Ice Core Science

  < /TR>
International IPY activity
(Full name)
ID No. Geogr. focus Lead Country NL instutes involved EoI ID No
The dynamic response of Arctic glaciers to global warming (GLACIODYN) 37 Arctic Netherlands UU-IMAU
KNMI
30
The Greenland Ice Sheet – Stability, History and Evolution 118 Arctic Denmark UU-IMAU 561
International Partnerships in Ice Core Science -International Polar Year Initiative (IPICS-IPY) 117 Bipolar US UU-IMAU 184 


Het Nederlands onderzoek

GLACIODYN
IPY activity: 37
coordinator: Prof. dr. J. (Hans) Oerlemans
Universiteit Utrecht - Instituut voor Marien en Atmosferisch onderzoek Utrecht (IMAU) 
startsubsidie voor Nederlandse coordinatie
 

Arctic glaciers, climate and sea level change (coordinating project)
coordinator: Prof. dr. J. (Hans) Oerlemans
Universiteit Utrecht - IMAU 
IPY activity: 37, 118, 117
abstract
populaire samenvatting: zie onder
poster
project website: IPY onderzoek op het IMAU 

  • Meltwater input, flow and calving of Arctic glaciers
    Projectleider: Dr. C.H. (Carleen) Tijm-Reijmer
    Uitvoerders: Drs. M.A.G. (Marianne) den Ouden, Dhr. R. (Rob)  Overbeeke
    Universiteit Utrecht - IMAU  
    abstract 
    populaire samenvatting: zie onder

    NIEUWS: Volg ook het weblog "GPS en Glijdende Gletsjers" op de VPRO Noorderlicht Pooljaar website, waarin Marianne den Ouden en Paul Smorenburg van het IMAU vanaf 23 februari verslag doen van hun expeditie naar Spitsbergen en de voorbereidingen hiervoor.

  • Regional modelling of Greenland surface mass balance for key episodes in the past and future
    Projectleider: Dr. M.R. (Michiel) van den Broeke
    Mede projectleider: Dr. E. (Erik) van Meijgaard, KNMI
    Uitvoerder: Dhr. W.J. (Willem Jan) van de Berg
    Verbonden aan: Universiteit Utrecht - IMAU 
    abstract
    populair e samenvatting: zie onder
     

 Populair wetenschappelijke samenvattingen

 

Arctic glaciers, climate and sea level change

Gletsjers en ijskappen in het Noordpoolgebied bevatten voldoende water om wereldwijd de zeespiegel met 8 m te laten stijgen. Deze gletsjers hebben de afgelopen decennia significante hoeveelheden massa verloren als gevolg van het warmer worden van de noordelijke atmosfeer en de oceaan (zie het ACIA rapport). Hiermee dragen ze in belangrijke mate bij aan de huidige wereldwijde zeespiegelstijging van 2 mm per jaar. Recent onderzoek toont aan dat smeltwater dat aan het oppervlak van de gletsjers is gevormd via subglaciale kanalen een weg vindt naar de onderkant van de gletsjer. Hierdoor gaat de gletsjer sneller stromen, waardoor deze dunner wordt, het oppervlak lager komt te liggen, er weer meer afsmelt, enzovoort. Door deze positieve terugkoppeling kunnen zelfs grote ijsmassa’s zoals de Groenlandse ijskap onverwacht snel reageren op klimaatveranderingen. In dit onderzoeksprogramma zal een robuust model voor dit mechanisme worden ontwikkeld waardoor we het verleden en de toekomst van arctische gletsjers, inclusief de Groenlandse ijskap, beter kunnen nabootsen en voorspellen.

Meltwater input, flow and calving of Arctic glaciers

In dit onderzoeksproject zullen we op vijf gletsjers in het Arctische gebied metingen gaan doen aan ijssnelheden en de hoeveelheid smeltwater over een periode van vijf jaar. De analyse van deze metingen moet meer inzicht geven in de relatie tussen ijssnelheden, smeltwater en het afbreken van ijsbergen, en over variaties in deze processen die over de seizoenen en over verschillende jaren op kunnen treden. De resultaten zullen worden gebruikt om gletsjermodellen te verbeteren, zodat meer betrouwbare schattingen kunnen worden gemaakt van de respons van Arctische gletsjers op klimaatverwarming.  

Regional modelling of Greenland surface mass balance for key episodes in the past and future

De massabalans van de Groenlandse ijskap in verleden en toekomst

Ondanks de hierboven beschreven potentiële dreiging, in het bijzonder voor laaggelegen landen als Nederland, is het niet bekend of de Groenlandse ijskap in volume toe,- of afneemt onder de huidige klimatologische omstandigheden. Een grote onbekende is de oppervlakte-massabalans, de som van accumulatie (aangroei door sneeuwval) en ablatie (verlies door afsmelting). De oppervlakte-massabalans is ook een cruciale randvoorwaarde voor het nauwkeurig kunnen simuleren van het volume van de GrIS en daarmee zijn bijdrage aan globale zeespiegelveranderingen in het verleden en de toekomst. Door het ontbreken van betrouwbare oppervlakte-massabalans velden weten we slechts bij benadering wat het volume van de GrIS was in het vorige interglaciaal (het Eem), of tijdens het laatste glaciale maximum (LGM). Ook voor een toekomstig mogelijk warmer (maar ook natter) klimaat is het nog onzeker hoe de oppervlakte-massabalans van de Groenlandse ijskap zal veranderen onder invloed van een veranderende accumulatie en smelt. De klimaatmodellen hebben onvoldoende resolutie (100-200 km) om het smalle en steile ablatiegebied goed te representeren.

In dit project gebruiken we een regionaal klimaatmodel dat speciaal is aangepast om de massafluxen van en naar de Groenlandse ijskap nauwkeurig en op hoge resolutie (18 km) te simuleren. Dit zullen we doen voor belangrijke episoden in verleden (Eem, 125,000 jaar geleden, en LGM, 21,000 jaar geleden) en toekomst (2070-2100, 2 x CO2 omstandigheden). Het Eem was enkele graden warmer dan het huidige klimaat, en zou als analogie kunnen dienen voor een warmer toekomstig klimaat. Het model wordt aan de randen aangedreven door klimaatruns van de best beschikbare globale circulatiemodellen (Hadley Centre, UK en ECHAM4, MPI Hamburg). Met de resultaten van dit onderzoek kunnen massabalans-vergelijkingen worden opgesteld en/of technieken van patroonverstoringen worden gebruikt waarmee ijsdynamische modellen veel beter in staat zullen zijn het verleden en toekomstig volume van de Groenlandse ijskap te simuleren, en daarmee zijn bijdrage aan wereldwijde veranderingen in de zeespiegel.