Kieskeurige vrouw kiest kleurige man

2 mei 2006

Omdat felgekleurde mannetjesvissen beter te zien zijn en bovendien betere kwaliteit hebben, zijn ze populair onder de vrouwtjes. Dit concludeert WOTRO-promovendus Martine Maan uit haar onderzoek naar soortsvorming van vissen in Oost-Afrikaanse meren. Omgevingsvariatie leidt vervolgens tot verschillen in voorkeur en uiteindelijk tot soortsvorming. Op 11 mei verdedigt zij haar proefschrift aan de Universiteit Leiden.

Evolutionaire theorie voorspelt dat soorten in tweeën kunnen splitsen wanneer verschillende vrouwtjes kiezen voor verschillende kenmerken van mannetjes. Maar vaak kiezen vrouwtjes voor kenmerken die iets vertellen over de kwaliteit van een mannetje. Dan lijkt het logisch dat alle vrouwtjes voor hetzelfde kiezen. Bij de Victoriacichliden vond Martine Maan een oplossing voor deze paradox: in verschillende soorten geven verschillende kenmerken informatie over de kwaliteit van een mannetje.

Zij bekeek twee nauwverwante soorten, de één met blauwe en de andere met rode mannetjes. Vrouwtjes hebben een voorkeur voor mannetjes van de juiste kleur, blauw of rood, en daarbij paren ze het liefst met de meest felgekleurde mannetjes. Dat doen ze niet voor niets: felgekleurde mannetjes van beide soorten hebben minder parasieten en zijn dus in betere conditie. Bovendien bleek dat beide soorten zijn aangepast aan verschillende infectierisico’s, die samenhangen met een verschil in waterdiepte en voedselkeuze. Vrouwtjes doen er dus goed aan om met hun eigen mannetjes te paren.

Rood en blauw licht

Maar hoe zijn deze verschillen ontstaan? De rode soort komt in dieper water voor dan de blauwe en daardoor leven ze in verschillende lichtomstandigheden. In gedragsexperimenten bleek dat beide soorten zich daaraan hebben aangepast: de rode soort kan beter zien in rood licht, en de blauwe soort in blauw licht. Voor vrouwtjes van de rode soort zijn rode mannetjes dus opvallender dan blauwe, en vice versa. Mannetjes met andere kleuren zijn onopvallend en onaantrekkelijk en produceren daarom weining nakomelingen. Zo blijven alleen de felrode en felblauwe vissen over, en kunnen twee gescheiden soorten ontstaan.

Door de introductie van de Nijlbaars en door bevolkingstoename wordt het Victoriameer steeds troebeler. In troebel water zijn vrouwtjes minder kieskeurig en zijn mannetjes minder fel gekleurd. Dit onderzoek bevestigt dan ook het belang van maatregelen om deze trend te keren.

Victoriacichliden Martine Maan onderzocht de soortsvorming van Victoriacichliden in het Victoriameer in Oost-Afrika.

..............................

Meer informatie bij: