Specifieke ALW-beleidsvelden

AARDSE SYSTEMEN EN LEEFMILIEU

Geodynamica en Geohazards
Het centrale doel van dit veld is het begrijpen en kwantificeren van de fundamentele processen die topografie bepalen, en de gevolgen van de veranderingen daarin, in ruimte (regionaal en globaal), en in tijd op menselijke en geologische tijdschalen. Topografie is een zeer gevoelige sensor van zowel diepte- als oppervlakteprocessen – inclusief klimaat en menselijk handelen. Het onderzoek heeft drie lijnen:

  • structuur en geodynamica van de vaste aarde,
  • interacties tussen processen in het inwendige en de oppervlakte van de aarde onder andere geohazards zoals aardbevingen, vulkanisme, massabewegingen en over-stromingen,
  • het gebruik van aardobservatietechnieken, voor het waarnemen van veranderingen van het aardoppervlak en van landgebruik, over grote gebieden en met hoge resolutie in plaats en tijd.

Modellen spelen een essentiële rol om de kennis over aardse processen te formaliseren, voor het definiëren van lacunes en tenslotte voor voorspelling.

Klimaat
Om verdergaande inzichten te verkrijgen in sturende mechanismen en terugkoppelingsprocessen die leiden tot klimaatvariabiliteit op mondiale en regionale schaal is verdere ontrafeling van het klimaatsysteem nodig. Door de ontwikkeling van klimaatmodellen, inclusief de onderlinge wisselwerkingen tussen verschillende modelcomponenten als bijvoorbeeld de atmosfeer, oceaan, cryosfeer en biosfeer. Door de bestudering van de mogelijke effecten van toekomstige klimaatveranderingen. Door een sterke integratie van modelsituaties, observaties en klimaatreconstructies. Het geologisch archief is daarbij een onmisbaar hulpmiddel om de veranderlijkheid van klimaat op lange termijn te leren.
Meer kennis van het complexe klimaatsysteem als geheel, samen met onderzoeksdisciplines als wiskunde en informatica, is een prioritair punt voor de verbetering van de mogelijkheden om zinvolle voorspellingen te doen over klimaatveranderingen. Het verkleinen van de bandbreedte van onzekerheden in lange termijn klimaatscenario’s is urgent, aangezien klimaatscenario’s het uitgangspunt voor vele risicoanalyses en adaptatiestrategieën vormen.

Water
Duurzaam management van het schaarse zoetwater op deze planeet vereist meer samenhangend inzicht in de hydrologische processen tussen atmosfeer, grond- en oppervlaktewater en daarnaast inzicht in de wisselwerking tussen water en levensgemeenschappen levend in en afhankelijk van water. Daarnaast is onderzoek naar de wereldwijde maatschappelijke processen rond duurzaam beheer van (veilig drink)water, en een gezond en veilig leefmilieu belangrijk voor duurzaam watergebruik. Door met deskundige partners binnen en buiten NWO samen te werken kan ALW voortreffelijk onderzoek op en tússen deze dynamische terreinen bevorderen. Een aanzet daartoe vormt het NWO Programma Water uit 2003. Voor de leefbaarheid op onze planeet is kennisontwikkeling en kennisaanwending omtrent ‘water als levensader’ op alle niveaus en schalen van belang.

Zee en Kust
De zee heeft Nederland gemaakt tot wat het nu is. De zee heeft het Nederlandse landschap vormgegeven, heeft eeuwenlang de basis gevormd van onze welvaart en heeft onze cultuur bepaald. Diverse nationale rapporten maakten de noodzaak tot afstemming en samenwerking op het terrein van het zee- en kustonderzoek duidelijk. Samen met de belangrijkste kennisinstellingen en departementen is een nationaal onderzoeksplan ontwikkeld met als samenhangende maatschappelijke probleemstelling: ’Duurzaam behoud en gebruik van Zee en Kust’.
Deze probleemstelling is uitgesplitst in een vijftal uitdagingen: veiligheid, economische opbrengst, natuur, ruimtelijke ordening en waterkwaliteit met onder andere als actuele onderwerpen ecosysteembenadering visserij, windmolenparken, olie-, gas- en zandwinning en kustverdediging. Partijen willen binnen het plan als eerste starten met een integraal programma “Veranderende draagkracht”. Voor dit en verder onderzoek is een combinatie nodig van monitoring, veldwerk, experimenten en modellering.

VAN BOUWSTEEN TOT BIOSFEER

Biodiversiteit
Menselijk handelen is een van de oorzaken van de wereldwijde afname van biodiversiteit. Naar aanleiding van de conventie over biologische diversiteit in Rio (1992), welke ook door de Nederlandse regering is ondertekend, is mondiaal veel wetenschappelijk onderzoek uitgevoerd naar de oorzaken van het verlies en behoud van biodiversiteit.
In de komende periode heeft het ALW-biodiversiteit-onderzoek twee speerpunten Ecologische en Evolutionaire Genomics (EEG) en Herstel van Biodiversiteit. EEG omvat onderzoek waarbij voor een beter begrip van de dynamiek en het beheer van biodiversiteit van de lange termijn, ecologische en evolutionaire patronen, processen en functies effectief geïntegreerd worden.
Onderzoek naar herstel van biodiversiteit zal invulling krijgen door een combinatie van β en γ onderzoek. Kernpunten bij biodiversiteitonderzoek vormen het beantwoorden van kennisvragen uit het beleid en de praktijk en kennis-uitwisseling middels contact met stakeholders. Het mondiaal geaccepteerde DIVERSITAS Science plan vormt de basis voor het biodiversiteitonderzoek.

Ontwikkelingsbiologie
Ontwikkelingsbiologie houdt zich bezig met het proces van het zich ontwikkelende leven bij planten en dieren, en bestudeert in het bijzonder de onderliggende mechanismen hiervan. Welke genen in een embryo zijn bijvoorbeeld verantwoordelijk voor de aanleg van onze ledematen? Hoe kan een stamcel zich specialiseren in een hartspiercel of, in het geval van planten, in een wortelcel? Wat maakt een mens verschillend van een chimpansee, muis, fruitvlieg of worm, en een tomaat verschillend van een mammoetboom?
Behalve dat onze kennis van de processen rond het zich ontwikkelende leven zal groeien zal dit ook kunnen leiden tot een betere herkenning en behandeling van bepaalde ontwikkelingsstoornissen en tot inzicht in mogelijkheden tot het opnieuw aanmaken van bijvoorbeeld gezonde hersencellen.